OFFERTE AANVRAGEN
Offerte aanvragen

Taleninstituut Venlo

Direct naar ➤ Cursussen - Online - ERK - ISO - Venlo - Nieuws
Dagnall taalcursus op locatie
Dagnall taalcursus online
Dagnall taalcursus contact opnemen
Taleninstituut Dagnall - Wij kunnen snel schakelen - Binnen een week beginnen is mogelijk Start nog vandaag met uw reis naar taalbeheersing

Start nog vandaag met uw reis naar taalbeheersing


Taaltrainingen in Venlo van topniveau


Talen verbinden u met de wereld en zijn een communicatiebasis die deuren voor u kan openen - vooral op het professionale vlak. Daarom hebben bedrijven en organisaties die in de taalkennis en taalopleiding van de werknemers investeren, ook een duidelijk voordeel en een voorsprong.
Dagnall Taleninstituut biedt u precies wat u nodig hebt: effectieve taaltrainingen op het hoogste niveau voor medewerkers en leidinggevenden in en in de buurt van Venlo.
(Betaalbare) taaltraining op maat, omdat uw bedrijf of organisatie welbespraakte werknemers verdient.

Vakgebieden


Zakelijk, technisch of medisch - Dagnall spreekt elke bedrijfstaal.
Verschillende bedrijfstakken spreken hun eigen taal en gebruiken hun eigen terminologie. Geef uw medewerkers een zelfverzekerde uitstraling en een duidelijk concurrentievoordeel, door middel van branchespecifieke taalkennis van het hoogste niveau.
Dagnall Talen biedt uw werknemers taaltrainingen in Venlo aan in een brede waaier van gespecialiseerde vakgebieden.
Screenshot navigatiesysteem met tekst Taleninstituut Venlo aangegeven - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

Goed op weg met Dagnall Talen

Landkaart Nederland grijs - locatie Dagnall Taleninstituut in Venlo - aangegeven met blauw plaatsnaambord met witte letters en Dagnall veer - op transparante achtergrond - 600 * 733 pixels
“Sablones”-verzamelgebouw
Kaldenkerkerweg 20
5913 AE VENLO

of bij u op locatie

  
Vrijblijvend informeren naar een taaltraining bij u in de buurt
Taalcursus Verenigd Koninkrijk
Taalcursus Duitsland
Taalcursus Frankrijk
Taalcursus Spanje
Taalcursus Nederland
Taalcursus Portugal
Taalcursus Italië
Taalcursus Denemarken
Taalcursus Zweden
Taalcursus Noorwegen
Taalcursus Finland
Taalcursus Rusland
Taalcursus Polen
Taalcursus Tsjechië
Taalcursus Slowakije
Taalcursus Kroatië
Taalcursus Hongarije
Taalcursus Roemenië
Taalcursus Bulgarije
Taalcursus Turkije
Taalcursus Griekenland
Taalcursus Israël
Taalcursus China
Taalcursus Japan

De organisatie van uw taaltrainingen in goede handen

Werkgerelateerd & doelgericht


Wij bieden onze taaltrainingen op maat in Venlo aan als individuele lessen, als groepscursussen met collega’s, als intensieve workshops en ook als langdurige, regelmatige trainingen - met face-to-face-lessen alsook online cursussen. Iedereen kan bij Dagnall Taleninstituut vreemde talen leren op precies een manier die voor hem of haar het meest geschikt is. Organisaties zijn naast de klassieke taaltrainingen vooral geïnteresseerd in werkgerelateerde trainingen zoals Zakelijk Engels of Duits of Technisch Engels of Duits. Taalcursussen worden afgestemd op de individuele behoeften van de klant. Dagnall biedt de mogelijkheid om door middel van gecertificeerde taaldocenten met zeer goede recensies en beoordelingen talen te leren in Venlo. Dagnall Talen leidt u doelgericht en snel naar de beoogde resultaten.

Filosofie van Dagnall Taleninstituut


Het is onze filosofie om vreemde talen te leren zonder schroom en met gemak en plezier. Wij zetten daarom alles in het werk om ervoor te zorgen dat cursisten de taal van uw keuze moeiteloos en zonder remmingen leren.
Een taal leren moet leuk zijn en daarom werkt Dagnall Taleninstituut met methodes die het leren prettiger en gemakkelijker maken.

Met onze methodes wekken we uw nieuwsgierigheid op en ondersteunen we uw bereidheid om te leren. Met dagelijks 15 minuten oefenen, brengen we u in grote stappen naar het beoogde taalniveau.
Dagnall Taleninstituut is de ideale partner voor iedereen die een taal wil leren in Venlo.
Betaalbare topkwaliteit sinds 1982
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalingen - tolken - teksten

Plan van aanpak Dagnall Taleninstituut

Dagnall Talen stelt de leerdoelen en wensen vast in overleg met u als opdrachtgever. U meldt de deelnemer(s) aan met hun contactgegevens. Dagnall Taleninstituut verzorgt een intake op locatie of, indien u dit wenst, telefonisch of online. Na het intakegesprek, waarin op basis van het ERK (Europees Referentiekader) het huidige en gewenste taalniveau wordt bepaald, sturen wij u een op maat gemaakt cursusvoorstel samen met een passende offerte.
Na akkoord van deze offerte stemmen wij de planning op uw agenda en situatie af.
De docent evalueert na een aantal lessen de inhoud en de voortgang van de taalcursus. Indien nodig, kan de doelstelling worden bijgesteld.
Na de laatste les sturen wij u een eindrapport samen met een beschrijving van de resultaten die de cursisten hebben behaald. Tevens ontvangen de deelnemers een certificaat van Dagnall Talen.
[ Lees meer ]


Intake

Planning

Cursus

Certificaat

Betaalbaar taleninstituut in Venlo sinds 1982

Taleninstituut Dagnall Talen bestaat sinds 1982 en geeft sindsdien maatwerk taaltraining aan het bedrijfsleven en (overheids)instellingen in Venlo en omliggende plaatsen. Alle kundige taaltrainers zijn specialisten op gebied van taal en hebben legio zakelijke taaltrainingen aan bedrijven, (semi)overheid en andere non-profitinstellingen gegeven in Noord-Limburg.
Door de werkplekgerichte en functiegerichte werkwijze, biedt taleninstituut Dagnall Talen u effectieve en betaalbare taalcursussen in Venlo. Rendement door maatwerk kenmerkt taleninstituut Dagnall Talen. Daar kunt u op vertrouwen!
Betaalbaar maatwerk bij Dagnall Taleninstituut in Venlo

Taal op de werkvloer

Taal op de Werkvloer: draagvlak is noodzakelijk! Veel bedrijven zijn inmiddels bekend met cursussen die gericht zijn op het vergroten van de taalvaardigheid op de werkvloer.
Mensen zonder of met weinig beheersing van de Nederlandse taal of een andere voertaal ervaren een belemmering op de werkvloer en willen sneller en/of beter communiceren op de werkvloer.
De aanwijzingen op het werk willen zij goed kunnen begrijpen en opvolgen. Deze medewerkers willen graag met meer zelfvertrouwen het werk kunnen doen en uiteraard hun ambitie op het werkterrein waarmaken. Investeren in werknemers en in de (innovatieve) ontwikkeling van de organisatie is derhalve noodzakelijk.
[ Lees meer ]

Vele wegen naar een betere talenkennis in Venlo

Behoeftes en leermethode


Een goede taaltraining is niet alleen toegespitst op de behoefte van de klant, cursist, organisatie of werkgever, zoals een betere spreek- of schrijfvaardigheid.
Een goede taaltraining is ook afgestemd op de meest geschikte, lees beste leermethode voor de individuele cursist.
Een taaltraining (bij een taleninstituut in Zaandam) die het beste bij hem of haar past.

Hoe behaalt Dagnall een hoog rendement?


De kundige trainers van ons taleninstituut zijn heel bedreven in het zo snel en zo plezierig mogelijk aanleren van kennis en vaardigheden om deze direct in realistische praktijksituaties te kunnen gebruiken. Dat werkt wel zo prettig en het zorgt ervoor dat u veel waar voor uw geld krijgt.
Het inmiddels alom bekende hoge rendement behaalt Dagnall Taleninstituut met een blend van deze beproefde leermethode in combinatie met de focus op de cursist(en) en een onderzoek of de cursist(en) auditief, visueel of kinesthetisch is/zijn ingesteld. U kunt bij Dagnall Taleninstituut terecht voor taalcursussen die gebaseerd zijn op een maatwerktraining.

Ons taleninstituut biedt individuele cursussen, duocursussen (met 2 lerenden), groepscursussen van 3 tot maximaal 10 lerenden, onlinecursussen, het Dagnall online leerplatform voor (Dagnall.online) blended learning alsook een de Dagnall App met woordenlijsten en specifiek jargon van de organisatie.
De trainers van ons instituut geven les met veel eigen lesmateriaal dat zij in de loop der jaren hebben verzameld en gecreëerd en zij spelen continue op actuele ontwikkelingen en thema’s in.

Een prettige manier van leren


Een bijkomend voordeel is dat dit echte maatwerk als een bijzonder fijne werkwijze wordt ervaren door zowel onze cursisten alsook de taaldocenten van Dagnall in Venlo. Deze, door de jaren heen steeds verder verfijnde en ontwikkelde werkwijze is het zeer gewaardeerde handelsmerk geworden van Dagnall Taleninstituut. Onze cursus is dus niet alleen werkgericht en/of functiegericht, maar ook afgestemd op de leermethode die goed bij de cursist zelf past.
Overlappende groene cirkel met klok en kalender en donkerblauwe cirkel met icoon lesgeven op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Computerscherm met vier taalvaardigheden luisteren, lezen, schrijven en spreken - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels
Een taal effectief leren in Venlo bij Taleninstituut Dagnall

Individuele cursussen en groepscursussen

Individuele cursussen & groepscursussen


Dagnall Taleninstituut cursussen op maat voor individuen en groepen, waarbij u met een gerust hart de gehele organisatie kunt overlaten aan ons.
Ons taleninstituut biedt deze individuele cursussen en groepscursussen voor zowel beginners, als voor halfgevorderden en gevorderden.
Dagnall Taleninstituut maakt voor de individuele-,

duocursussen en groepscursussen gebruik van gevarieerde en moderne onderwijsmethodieken om doelgericht te trainen en leersucces te verzekeren.
Vanzelfsprekend kunnen deze individuele-, duo- en groepscursussen zowel op locatie als op één van deze trainingslocaties in of bij Venlo gegeven worden.
Maatwerk individuele en groepscursussen in Venlo

Maatwerkcursussen


Dagnall taleninstituut biedt individuele cursussen voor het bedrijfsleven, (semi-)overheidsinstellingen en particulieren in Venlo en omgeving.
Een individuele cursus noemt men ook wel één-op-één-cursus of privéles.
De individuele taalcursussen van Dagnall Taleninstituut zijn al vele jaren bekend voor de persoonlijke aandacht, het maatwerk en een zeer hoog rendement.
Alle individuele cursussen van taleninstituut Dagnall zijn maatwerkcursussen en worden afgestemd op, en speciaal samengesteld voor, de branche, het taalniveau, de leerstijl en de praktijksituatie.
De trainingen worden zo opgesteld dat de persoonlijke of bedrijfsdoelstellingen worden behaald.

Ons taleninstituut biedt groepscursussen van 3 tot 10 personen, maar ook zogenaamde duocursussen (2 deelnemers) aan bedrijven, (semi-)overheidsorganisaties alsook particulieren.
De leergroepen worden bij voorkeur zo klein mogelijk gehouden om de leereffectiviteit te maximaliseren en de deelnemers maximale ondersteuning te geven.
De groepscursussen van Dagnall Taleninstituut zijn ook maatwerk taalcursussen en worden afgestemd op, en speciaal samengesteld voor, het taalniveau, de leerstijl, de branche en de praktijksituatie en de trainingen worden opgesteld om de (bedrijfs)doelstellingen te behalen.


Pluspunten individuele cursus


Het belangrijkste voordeel van individuele taalcursussen is het hoge rendement omdat veel kennis wordt geleerd in een vrij korte periode.
Doordat de cursus intensief is, wordt meer vooruitgang gemaakt en is het leertraject zo kort mogelijk.
Nog een belangrijk voordeel van individuele cursussen is flexibiliteit. De taalcursus kan beter worden afgestemd op de leerstijl van de cursist en de leerstof kan optimaal aangepast aan het niveau, de doelstellingen en de eventuele aandachtsgebieden van de cursist.
Doordat eventuele begripsproblemen individueel behandeld kunnen worden, is de leervordering optimaal.
Een individuele is ook taalcursus goed af te stemmen op de planning en de agenda van de cursist zodat het leerschema en het tijdmanagement optimaal zijn.


Pluspunten groepscursus


Met name de interactie met de andere cursisten is het grootste voordeel van groepscursussen; actief gebruik van de doeltaal door middel van bijvoorbeeld discussies en rollenspellen in de groep.
De zogenaamde groepsdynamiek is een ander groot voordeel; van elkaars fouten kunnen leren en met elkaar in de doeltaal communiceren. De afwisseling die zo geboden wordt, kunnen cursisten leuker vinden.
Groepscursussen zijn daarnaast efficiënt doordat tegelijktijd meerdere medewerkers worden getraind en de groep op vrijwel hetzelfde kennisniveau komt.
Ook zijn voor cursisten groepscursussen iets minder intensief (minder zwaar) dan individuele cursussen.


Minpunten individuele cursus


Bij een individuele cursus kunnen discussies en rollenspellen alleen met de docent worden gevoerd en gedaan.
Het geleerde kan niet worden geoefend in de groep doordat er geen interactie is met andere lerenden.
Ook is het niet mogelijk om van de fouten van anderen te leren omdat er geen groepsdynamiek is.
De intensievere leerbenadering van een individuele taalcursus is voor de cursist ook vrij intensief (zwaarder).


Minpunten groepscursus


In groepscursussen wordt minder aandacht aan het individu gegeven en kunnen deelnemers wat eerder afgeleid worden. Het rendement is hierdoor iets lager. Gedeeltelijk kan dit ondervangen worden door groepen wat kleiner te houden (minigroepen).
Een groepscursus kan ook minder goed worden afgestemd op individuele leerstijlen van deelnemers.
Dat de planning minder goed afgestemd kan worden op de agenda van de individuele cursisten, is een ander minpunt van groepscursussen.

Pluspunten

Individuele cursus in één oogopslag



  hoogste rendement & flexibiliteit, kortste traject
  afgestemd op individuele leerstijl
  inhoud perfect afgestemd op individuele behoefte
  afgestemd op niveau & aandachtsgebieden cursist
  afgestemd op agenda cursist


Minpunten

Individuele cursus in één oogopslag



  geen interactie met andere cursisten
  vrij intensief voor de cursist
  geen groepsdynamiek

Pluspunten

Groepscursus in één oogopslag



  interactie met andere cursisten
  groepsdynamiek wordt als prettiger ervaren
  groep komt op hetzelfde kennisniveau
  efficiënt meerdere medewerkers tegelijk trainen
  minder intensief dan individuele cursus


Minpunten

Groepscursus in één oogopslag



  iets minder aandacht voor individuele cursist
  minder afgestemd op individuele leerstijlen
  minder afgestemd op agenda cursisten
Ontdek onze mogelijkheden voor taalcursussen

Verschillende soorten cursussen voor elk niveau

Dagnall Taleninstituut geeft cursussen voor zowel beginners, halfgevorderden als gevorderden.
Niet iedereen heeft de mogelijkheid om een talencentrum te bezoeken. Wij verzorgen daarom onze taalcursussen ook incompany of online.

Bij Taleninstituut Dagnall kunt u bijvoorbeeld kiezen voor een intensieve of semi-intensieve cursus, een
spoedcursus of een opfriscursus of een cursus zakelijk Nederlands, Engels, Frans, Duits, Spaans en Portugees of een cursus spreekvaardigheid of telefoontraining. Uiteraard is een combinatie van deze trainingen mogelijk.
Dagnall Taleninstituut staat voor (betaalbaar) maatwerk!
Woordenwolk in veer logo Dagnall Talen met toepasselijke sleutelwoorden voor Dagnall Talencursussen - in donkerblauw, groen en grijs op transparante achtergrond - 600 * 600 pixels
Stukje hout boven Dagnall potlood met geslepen punt en gum met gedrukt Dagnall Talen logo - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 600 pixels

Kennen en kunnen

Taalbeheersing betekent kennen maar bovendien kunnen (vaardigheid in het toepassen). Door de aandacht te vestigen op het verschil tussen kennen en kunnen, is de deelnemer in staat na voltooiing van de taaltraining in Venlo de verworven kennis sneller actief toe te passen.
Al gauw kunt u al een gesprekje voeren in de nieuwe taal. Dat geeft veel voldoening! Dagnall brengt taalkennis tot leven!

ALGEMENE LEERMETHODES

Audio-Lingual Method (ALM) (Army Method/New Key)


Bedacht door wie en wanneer


De audiolinguale methode was al in de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw ontwikkeld in Engeland en in Amerika, onder meer door de Amerikaanse taalkundige Leonard Bloomfield. Doordat de Tweede Wereldoorlog uitbrak, werd het noodzakelijk om de (Amerikaanse) soldaten van elementaire verbale communicatieve vaardigheden te voorzien. Door de invloed van het leger werd deze audiolinguale methode soms bekend als de ‘legermethode’.

Kenmerken van de Audio-Lingual Method (ALM)


De audiolinguale methode kan beschouwd worden als een reactie op de grammatica-vertaalmethode. Het was nieuw dat de les volledig plaatsvond in de doeltaal. De belangrijkste vaardigheden zijn kunnen luisteren en spreken en de grammaticale structuren worden middels mondelinge structuuroefeningen geleerd. Het doel is zonder fouten kunnen spreken en kunnen verstaan, wat begint met iemand leren naspreken. Herhaling is het middel hiervoor; er wordt gewerkt met drills om zinnen en structuren goed aan te leren, zodat reacties spontaan en als het ware automatisch gaan worden. De trainer kan zo bijvoorbeeld een bepaalde zin tien maal herhalen en dan een nieuw woord of meerdere nieuwe woorden toevoegen. De audiolinguale methode werkt veel met de zogenaamde talenpractica, waarbij lerenden een hoofdtelefoon op hebben en zinnen beluisteren en naspreken. De geschreven taal wordt pas aangeboden wanneer de mondelinge taal al vertrouwd is. Er worden wel afbeeldingen gebruikt voor het introduceren van nieuwe woorden.

Populariteit


In ons land werd de methode pas geïntroduceerd rond het jaar 1970 bij het ingaan van de Mammoetwet. Men maakte al snel bezwaar tegen de saaie drills. De techniek wilde wel eens problemen geven. De talenpractica raakten hierdoor al vrij snel in onbruik. In plaats van de talenpractica maakte men de voor mondeling gebruik bedoelde structuuroefeningen schriftelijk. Schrijvers van leerboeken wonnen weer aan populariteit en boden weer expliciete grammaticaregels aan. Toch liet de audiolinguale methode wel sporen na. Nu was alom geaccepteerd dat het bij een taal leren niet gaat om het memoriseren van de grammatica, maar om de toepassing ervan. De luistervaardigheid, die vóór de jaren zeventig voor het merendeel van docenten niet bestond, was ontdekt.

Voor- en nadelen van de Audio-Lingual Method


De audiolinguale methode is effectief voor beginnende studenten. De correcte uitspraak wordt van het begin af aangeleerd. Deze audiolinguale methode is een docentgestuurde methode en en biedt daardoor een snelle en efficiënte overdracht van taalkennis. Ook voor grote(re) groepen is deze methode geschikt.

Deze docentgestuurde kant heeft tegelijkertijd een keerzijde; er wordt geen eigen input van de lerenden verlangd, waardoor het risico op passiviteit en onvoldoende betrokkenheid en motivatie op de loer ligt. Een bijkomend bezwaar van de methode is dat de driloefeningen niet zo gemakkelijk om te zetten zijn in levend taalgebruik.

GoldList Method (GLM)


Bedacht door wie en wanneer


David J. James, alias Viktor Dmitrievitch Huliganov of Uncle Davey ontwikkelde de GoldList Method (‘gouden lijst-methode’).

Kenmerken van de GoldList Method (GLM)


Deze GoldList Method is een methode om woorden of zinnen te leren op een zodanige wijze dat ze worden opgeslagen in het langetermijngeheugen van de student. Deze methode werkt middels zelfgeschreven woordenlijsten die na verloop van tijd worden herhaald. De opgeschreven zinnen of woorden worden door de student hardop gelezen. Het is niet de bedoeling om al deze woorden en zinnen uit het hoofd te leren, maar door de blootstelling gaat dit automatisch. Deze woordenlijst wordt telkens veranderd; woorden die zijn aangeleerd, worden van de lijst gehaald. De woorden die nog altijd problemen opleveren, blijven op de woordenlijst staan.

Populariteit


Aanhangers van de GoldList-methode stellen dat deze woorden en zinnen spontaan in het langetermijngeheugen van de student worden opgeslagen, iets dat door veel geheugenwetenschappers wordt betwijfeld. In het algemeen wordt (taal)kennis opgeslagen als de kennis ook betekenisvol en relevant is voor de lerende. De GoldList-methode kan functioneren voor woorden die betekenisvol en relevant zijn voor de lerende.

Voor- en nadelen van de GoldList Method


Bij lerenden die het prettig vinden om bijvoorbeeld Post-its® als geheugensteun te gebruiken, zou deze methode goed kunnen werken. Met de hand schrijven werkt effectiever dan typen of, redelijk zinloos: een fotootje maken, omdat het fysieke gedeelte van het geheugen door het schrijven aangesproken wordt en meewerkt. Een minpunt is het ontbreken van context. Taal bestaat uit veel meer dan een reeks losse woorden en/of zinnen. Daarnaast is deze GoldList-methode bijzonder tijdrovend omdat steeds handgeschreven lijsten aangemaakt moeten worden.

De Natural Method


Bedacht door wie en wanneer


De Natural Method, ook wel de Natural Approach (de ‘natuurlijke aanpak’) genoemd, is door Tracy D. Terrell en Stephen Krashen in 1983 ontwikkeld.

Kenmerken van de Natural Method


De Natural Method is op een natuurlijke wijze van taalverwerving gericht. De leermethode probeert de taal te leren op de manier waarop mensen als kind hun moedertaal leerden. De taalregels van de vreemde taal leert studenten ook onbewust op deze wijze. Alleen de doeltaal met de nodige visuele hulpmiddelen wordt hiervoor gebruikt. Het streven is een leeromgeving zonder stress. De studenten worden blootgesteld aan een aanzienlijke hoeveelheid begrijpelijke input. De taalproductie mag spontaan ontstaan en wordt niet geforceerd. De nadruk ligt op communicatie en minder op het corrigeren van vormfouten en expliciete grammatica.

De leermethode werkt het meest effectief als de lerenden in de vreemde taal worden ondergedompeld. Om te zorgen dat de student plezier van de ervaringen heeft, moeten de activiteiten in de te leren taal stimulerend zijn.

De Natural Method leermethode lijkt vrij veel op de Directe Methode. De leermethoden gaan beide uit van het idee van natuurlijke taalverwerving; het verschil tussen de beide methoden is dat bij de Directe Methode meer de focus op de praktijk wordt gelegd en bij de Natural Method meer op blootstelling aan taalinput en het verminderen van spreekangst.

Populariteit


Het feit dat onderdompeling heel effectief is, is al veelvuldig bewezen. Doordat de methode vrij eenvoudig is om te begrijpen, is de natuurlijke aanpak een populaire manier van lesgeven onder taaltrainers. Kritiek kent de natuurlijke aanpak ook. De nadruk wordt voornamelijk op het impliciet leren van de grammatica gelegd. De studenten zouden weliswaar leren in de vreemde taal te communiceren, maar door ontoereikende kennis van de grammatica in een wat gebrekkige, versimpelde versie van de taal blijven hangen.

Voor- en nadelen van de Natural Method


Om op een natuurlijke manier een vreemde taal te leren, wordt prettig gevonden. De studenten wordt de mogelijkheid geboden een persoonlijke band met de taal op te bouwen. Doordat er niet ‘uit het hoofd geleerd hoeft te worden’, beklijft de geleerde stof voor een langere tijd.

Omdat er bijna geen druk op de taalproductie ligt, kan het nadeel zijn dat het langer duurt voor er resultaten te merken zijn. Ook bereidt de methode lerenden niet per se voor op een bepaald examen.

Structurele Aanpak


Bedacht door wie en wanneer


De ‘Structurele Aanpak’ (Engels: Structural Approach; ‘SA’) is door Charles Fries en Robert Lado ontwikkeld in de jaren 50.

Kenmerken van de Structurele Aanpak (SA)


De Structurele Aanpak is een manier van taalverwerving die als doel heeft om de lerende vertrouwd te laten raken met de fonologische en grammaticale structuren van de doeltaal. Volgens de SA levert de beheersing van deze structuren meer op dan het leren van woordenschat van de nieuwe taal. Bij de methode gaat het om het herkennen en kunnen toepassen van specifieke samenstellingen van woorden en woordgroepen in de juiste woordvolgorde. Deze combinaties van woorden worden aan studenten aangereikt in betekenisvolle situaties middels visualisaties, gezichtsuitdrukkingen, dramatiseringen en handelingen. Bij de methode worden de structuren die het meest in de doeltaal worden gebruikt, als eerste aan de taallerende aangeboden. Mondelinge vaardigheid (luistervaardigheid en spreekvaardigheid) wordt hier in eerste instantie bij gebruikt; leesvaardigheid en schrijfvaardigheid volgen daaruit. Bij het aanleren en verbeteren van de productieve vaardigheid (spreekvaardigheid en schrijfvaardigheid), krijgt grammatica een grote plaats. De Structurele Aanpak wordt ook wel Structural-Situational Approach (structurele-situationele benadering) en de Structural-Oral-Situational Approach (structurele-mondeling-situationele benadering) genoemd.

Populariteit


In de jaren vóór 1970 werd de Structurele Aanpak op grote schaal gebruikt om in Engelssprekende landen, de voormalige Britse koloniën en in Maleisië Engelse les te geven.

Voor- en nadelen van de Structurele Aanpak


Een structurele aanpak heeft als voordeel dat de studenten de vreemde taal op een nauwkeurige wijze geleerd wordt. De student krijgt inzicht in de grammatica en leert eveneens in welke situaties bepaalde woorden of woordcombinaties passend zijn of niet voor die situaties. De methode van de Structurele Aanpak gebruikt alledaagse taal. De Structurele Aanpak kent ook keerzijden. De werkwijze is tamelijk tijdrovend en biedt niet onmiddellijk een ervaring van succes. De eigen input van de studenten is beperkt; het is weinig creatief.

Communicatief taalonderwijs (Engels: Communicative Language Teaching; CLT)


Bedacht door wie en wanneer


Communicatief taalonderwijs (Engelse naam: Communicative Language Teaching; CLT), ook ‘De Communicatieve benadering’ (Engelse naam: Communicative Approach; CA) genoemd, is in de jaren zestig van de vorige eeuw ontstaan onder invloed van ideeën van Noam Chomsky, die de nadruk op competenties bij het leren van een taal legde. Amerikaans taalkundige Dell Hymes was in 1966 de grondlegger van het concept van communicatieve vaardigheden.

Kenmerken van Communicatief taalonderwijs (CLT)


Het communicatief talenonderwijs is gestoeld op de opvatting dat interactie het uiteindelijke streven is van het leren van een vreemde taal.

De studenten leren de te leren taal in praktijk te brengen met gebruik van de CLT-technieken door de interactie met elkaar en de docent. Er wordt gebruikgemaakt van teksten, geschreven in de te leren taal of ander materiaal uit het dagelijks leven of de werksituatie. De doeltaal wordt zowel tijdens en ook buiten de les gebruikt.

Studenten praten over persoonlijke gebeurtenissen met medestudenten en de docent draagt onderwerpen aan die buiten het gebied van de traditionele grammatica liggen, om de taalvaardigheid in alle soorten situaties uit de praktijk te oefenen. Grammatica wordt inductief onderwezen, dit houdt in aan de hand van de praktijk, waaruit de regel volgt.

Bij het communicatief taalonderwijs is de taaldocent echt een trainer, die de lerende leert communiceren in de doeltaal.

Populariteit


In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw werd communicatief taalonderwijs erg populair. Dit kwam gedeeltelijk omdat de traditionele taalonderwijsmethodes niet zo succesvol waren gebleken. Door de verdere eenwording van Europa kwam een grotere vraag aan het leren van talen op een wijze die meteen kon worden toegepast.

Voor- en nadelen van Communicatief taalonderwijs


Communicatief taalonderwijs (CLT) kent veel positieve kanten. Studenten ‘kunnen’ al snel ‘iets’ in de te leren taal; deze methode van leren is functioneel en studentgericht. Vanwege het gebruik van authentieke materialen, leren studenten de woorden die voor hen nodig zijn. De methode is efficiënt. Voor de student werkt dit stimulerend omdat hij of zij gauw succeservaringen heeft. Fouten maken mag; al doende wordt de vaardigheid geleerd en geperfectioneerd. Een nadeel van de communicatieve benadering is dat er veel minder aandacht wordt geschonken voor grammatica, vocabulaire dat niet meteen toepasbaar is en uitspraak. De voorbereiding en planning vragen veel tijd van de taaltrainer en vereist een actieve deelname van de studenten. Deze manier van leren is voor bepaalde lerenden afwijkend of lastig, afhankelijk wat voor achtergrond zij hebben. Communicatief taalonderwijs (CLT) (communicatief taalonderwijs) draait om het trainen van taalvaardigheden; daarbij gaat het vooral om de functie en minder om de vorm en CLT biedt geen echt samenhangend geheel.

Grammatica-/vertaalmethode (GVM) (Engels: Grammar-Translation Method; GTM)


Bedacht door wie en wanneer


In de 18de en de 19de eeuw was taalonderwijs vooral op praktisch taalgebruik gefocust. Er word geleerd om gebruiksklare zinnen, idiomatische uitdrukkingen, dialogen, woordenlijsten enzovoort na te spreken, uit het hoofd te leren en daarna vervolgens op te zeggen. Dit werd anders gedaan door docent Frans en Italiaans uit Duitsland en eveneens leerboekenschrijver; Johann Valentin Meidinger. Omstreeks het jaar 1783 ontwikkelde Meidinger een leermethode waarin de grammatica in het middelpunt stond. Meidinger wordt als de grondlegger van de grammatica-vertaalmethode (In het Engels: Grammar-Translation Method, afgekort GTM) gezien.

Kenmerken van de Grammatica-/vertaalmethode (GVM)


Deze methode was op het onderwijs in het Latijn gebaseerd, wat de taal van wetenschap, cultuur en religie was. Dit onderwijs in het Latijn was uiteraard gericht op geschreven teksten van klassieke schrijvers en volledig gericht op de grammatica en het vertalen. Deze aanpak werd als degelijk en wetenschappelijk beschouwd. De Grammatica-/vertaalmethode (GVM) gaat van de analyse uit van taalstructuren en taalvormen waarbij de lerende inzicht ontwikkelt. Bij deze methode zijn de lees- en schrijfvaardigheid dus belangrijk. Literatuur, vertalen en uit het hoofd leren van woordenlijsten in de vreemde taal hebben de nadruk. De taaltrainer draagt kennis over, de lerenden memoriseren.

Populariteit


Al sinds halverwege de negentiende eeuw was ook tegengeluid te horen. Desondanks is de grammatica-/vertaalmethode tot recente datum van grote invloed geweest op het taalonderwijs.

Voor- en nadelen van de Grammatica-/vertaalmethode


Aan personen die het een uitdaging vinden om dingen uit het hoofd te leren, vormt deze grammatica-/vertaalmethode vormt een aardige mentale training. Deze methode biedt ook inzicht in de structuur, omdat de nadruk wordt gelegd op de grammatica.

Er zijn echter meer nadelen dan voordelen. Het grootste nadeel is dat de luister- en spreekvaardigheid ver achterblijft, waardoor de taal zelfs na jaren studeren weinig mondeling toegepast kan worden. Deze methode staat ver af van het dagelijks gebruik van de te leren taal, ook in de context die wordt aangeboden, omdat het meestal gaat om literair taalgebruik. De methode geeft niet de mogelijkheid tot differentiatie of tot een eigen creatief proces voor lerenden voor het werken in een groep. Lerenden zijn slechts toehoorders en uitvoerders.

Onderdompeling (Engels: immersion)


Bedacht door wie en wanneer


De leermethode ‘Onderdompeling’ (In het Engels: language immersion of alleen immersion) wordt wereldwijd toegepast sinds de jaren 70, voornamelijk op middelbare scholen waarbij een schoolvak (bijvoorbeeld het vak wiskunde) in de vreemde taal wordt gegeven. In Nederland is ‘onderdompeling’ bekend als de leermethode die bij Taleninstituut Regina Coeli in Brabant, ‘de nonnen van Vught’ gebruikt wordt. De methode is daar ontstaan in 1963 met Franse nonnen die Franse taalles onderwezen aan rijke dames uit Vught en omgeving.

Kenmerken van onderdompeling


Onderdompeling behelst dat degenen die de taal leren, vanaf het eerste moment wordt omgeven door de nieuwe taal. Alle instructies vinden plaats in de doeltaal; in het begin langzaam en met veel herhaling, later op een natuurlijkere manier. De studenten worden ook uitgedaagd vanaf het begin om in de nieuwe taal te spreken. Bij onderdompeling gewerkt met simulaties en rollenspellen. De omgeving op onderwijsinstellingen die met onderdompeling werken, wordt vaak ingericht in de stijl van de doeltaal om een situatie te creëren alsof studenten in het land zijn waar die taal wordt gesproken. Lerenden oefenen één-op-één of in een klein groepje met spreken. Naar het land van de te leren taal gaan en daar verblijven in een gastgezin, is een andere wijze om een taal te leren door middel van onderdompeling.

Populariteit


De methode van onderdompeling wordt als een uitstekende methode om een vreemde taal te leren gezien. Vooral de mondelinge taalvaardigheid kan zeer goed worden ontwikkeld op deze wijze.

Voor- en nadelen van onderdompeling


Doordat de methode vrij intensief is, is het grote voordeel dat deze methode snel resultaten laat zien. Het is een kwestie van ‘sink or swim’, de lerenden moeten daadwerkelijk in de nieuwe taal gaan communiceren omdat zij erdoor worden omgeven. De lerende is feitelijk 24 uur per dag aan het leren. Het samen oefenen in groepen versterkt de sociale interactie. Studenten ervaren dat als motiverend.

Een minpunt van de methode is dat het bereikte resultaat niet altijd vastgehouden wordt. Als studenten in een vrij korte tijd een nieuwe taal leren, door in het land waar de doeltaal wordt gesproken, te zijn of door in een kunstmatig gecreëerde omgeving te zijn ondergedompeld, maar vervolgens weer tot de orde van de dag overgaan, is de kans groot dat het nieuw geleerde snel wegzakt. Een ander minpunt kan zijn dat een dergelijke training erg intensief is. Niet alle studenten hebben de conditie om deze leermethode vol te houden.

Suggestopedie (Suggestopedia)


Bedacht door wie en wanneer


Suggestopedia is een methode om taal te leren die uit de jaren 70 van de vorige eeuw stamt. De leermethode is ontwikkeld door de Bulgaarse psychotherapeut Georgi Lozanov.

Kenmerken van Suggestopedie


Zoals de naam al doet vermoeden, is De methode van Suggestopedia op de kracht van de suggestie gebaseerd. Positieve suggestie is volgens Georgi Lozanov een voorwaarde om te leren. Een ontspannen sfeer alsook een wederzijds vertrouwen tussen de lerenden en de docent zijn daarvoor van essentiële betekenis. Dat de studenten zich ontspannen en veilig voelen, is de voorwaarde. Om dit te bewerkstelligen, was een leslokaal met een rijopstelling niet geschikt. Tijdens de lessen zaten lerenden in comfortabele stoelen die in een halve cirkel waren opgesteld en er was altijd achtergrondmuziek in de klas. De methodiek die Lozanov voorstond, bestond uit teksten voorlezen, terwijl op de achtergrond klassieke muziek werd gespeeld of natuurgeluiden te horen waren. Bij deze teksten waren lijsten met woorden alsook opmerkingen over de grammatica. Het voorlezen werd gedaan met gebaren en veel expressie in stem. De lerenden werden zo uitgenodigd om te luisteren en ze konden de woorden die nieuw waren, gemakkelijk begrijpen en opnemen. In de lessen werd veel aandacht besteed voor cultuur en kennis over het land van de doeltaal. Er werd met rollenspellen gewerkt en er werden bijvoorbeeld eveneens streekgerechten gemaakt en gegeten.

Populariteit


De leermethode van Georgi Lozanov was enigszins omstreden en is niet erg bekend meer. Sommige elementen van de leermethode worden nog steeds gebruikt, zoals het toepassen van stemexpressies en het maken van gebaren bij het lezen van teksten.

Voor- en nadelen van Suggestopedie


Suggestopedie creëert een ontspannen en veilige sfeer in de les. Hierdoor hebben lerendne geen hinder zullen van frustratie of faalangst. Deze sfeer kan voor een immigrant bijdragen aan een positieve associatie met het nieuwe thuisland. Muziek werkt vaak motiverend en draagt bij aan betere leerprestaties. Een ander pluspunt van de leermethode is dat de student gestimuleerd wordt om zich in te leven in de situaties en actief mee te doen. Dit is voor sommigen een nieuwe ervaring. Tegelijk vormt dit voor sommigen een nadeel, omdat niet iedereen hiertoe in staat is. Ook kan muziek bij sommige studenten eerder afleiden en verstorend zijn in tegenstelling tot ontspannend of stimulerend. Een andere zwakke zijde is dat de verhouding taaltrainer-student niet gelijkwaardig is; alle inbreng komt van de zijde van de taaltrainer en de studenten zijn steeds de ontvangende partij.

Community Language Learning (CLL)


Bedacht door wie en wanneer


In het jaar 1976 ontwikkelde de Amerikaanse priester en psycholoog Charles Curran Community Language Learning, ook wel Counseling Language Learning
(CLL) geheten.

Kenmerken van Community Language Learning (CLL)


Community Language Learning is een methode om een taal te leren waarbij de studenten samenwerken om te bepalen welke aspecten van de vreemde taal zij willen leren. De CLL methode baseert zich op de counseling-benadering waarbij de taaldocent als een counselor fungeert die de zinnen van de student omschrijft. De studenten beginnen het gesprek. Zij spreken in de moedertaal als de studenten de doeltaal nog niet genoeg machtig zijn. De docent vertaalt en legt uit. Hierna herhalen de lerenden de uitingen van de docent zo nauwkeurig mogelijk. Deze gesprekken worden opgenomen om nadien te kunnen herbeluisteren.

De methode stimuleert gemeenschapsgevoel in de leergroep en beschouwt de interactie tussen de studenten onderling als middel om de vreemde taal te leren. Er is geen leerboek dat wordt gebruikt; de lerenden bepalen zelf de lesstof door middel van zinvolle gesprekken.

Populariteit


Het slagen van CLL is sterk afhankelijk van de expertise van de docent-counselor. Bij deze methode dient de docent zowel sociaal-cultureel kundig als taalkundig te zijn. Deze trainer dient zowel de doeltaal als de moedertaal van de lerende uitstekend te beheersen om de taaluitingen van de lerende te kunnen vertalen. De methode kan prima functioneren als deze correct gebruikt wordt. Deze methode is niet bruikbaar voor grote klassen.

Voor- en nadelen van Community Language Learning


Deze methode biedt voor studenten een hoge mate van autonomie. Het analyseren van hun eigen gesprekken vinden lerenden vaak nuttig. De groep wordt vaak heel hecht, niet alleen tijdens de lessen, maar eveneens buiten de lessen. Met deze methode worden lerenden zich veel meer bewust van de groepsgenoten, de sterke en zwakke punten en leren te werken als een team. Studenten leren veel door het bespreken door de fouten en het evalueren van de taallessen. Vaak blijven zulke correcties in het geheugen gegrift en worden onderdeel van het actieve vocabulaire van de student.

Het kan een keerzijde zijn dat de trainer niet sturend is, terwijl sommige lerenden wel sturing nodig hebben. Bij CLL wordt geen leerboek gebruikt en er worden eveneens geen toetsen afgenomen. Het succes van de lessen is daardoor moeilijk meetbaar. Sommige studenten worden in hun spreken belemmerd wanneer zij opgenomen worden.

Lexicografische benadering (Engels: Dynamic Lexicographic Approach; DLA)


Bedacht door wie en wanneer


De Lexicografische benadering (Engelse naam: Lexical Approach; LA) is een methode om vreemde talen te leren die door Michael Lewis is ontwikkeld in het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw.

Kenmerken van de Lexicografische benadering (DLA)


Deze lexicografische benadering gaat uit van het idee dat een belangrijk deel van het leren van een vreemde taal bestaat uit het begrijpen en produceren van zogenaamde ‘lexicale eenheden’, brokjes taal die bestaan uit woorden, woordcombinaties alsook uitdrukkingen. Lerenden verwerven al doende inzicht in de patronen van de taal (grammatica) en betekenisvolle groepen woorden. Zo wordt geleerd de vreemde taal ‘in het echt’ gebruikt wordt. In deze benadering neemt de woordenschat een grotere plaats in dan de grammatica. Instructies zijn gericht op situaties en uitdrukkingen die vaak in dialoog voorkomen. Voor interactie is aandacht maar eveneens voor i>exposure; voor de receptieve vaardigheden van de lerende (luisteren/begrijpen, lezen/begrijpen). Voor het zelf ontdekken van de taal door de student wordt veel ruimte gegeven.

De taak van de taaldocent is te zorgen voor voldoende input en het faciliteren van het leerproces van de lerende.

Populariteit


In de afgelopen dertig jaar zijn door de ideeën over taal van (onder meer) Michael Lewis lesboeken aanmerkelijk anders geworden. Er wordt veel meer aandacht geschonken aan de woordenschat die in chunks aangeboden wordt, in betekenisvolle brokjes. Iets waarnaar Michael Lewis streefde; de ingrijpende omwenteling in de wijze waarop talen worden onderwezen, bleef echter uit.

Voor- en nadelen van de Lexicografische benadering


Door met ‘chunks’ (brokjes van de taal) te werken; met ‘echte’ taal, leren studenten de taal op een natuurlijke wijze te gebruiken. Dit zorgt voor souplesse in het taalgebruik.

Het nadeel is dat de werkelijkheid altijd weer afwijkend is van de geleerde taalsituaties. Met het zelf leren herkennen van de patronen van de vreemde taal hebben sommige lerenden moeite en zij hebben meer aan een trainer die hen de weg wijst, dan aan een docent-facilitator.

Series Method


Bedacht door wie en wanneer


De Series method, ofwel ‘seriemethode van taalverwerving’ (Frans: La Méthode naturelle) is ontwikkeld door de Franse leraar François Gouin in 1880.

Kenmerken van de Series Method


Een serie verbonden zinnen die gemakkelijk te begrijpen zijn en weinig kennis van grammatica van de doeltaal vereisen, is het uitgangspunt van de seriemethode (The Series Method of language acquisition) van Gouin. Studenten leren zinnen op basis van een actie, bijvoorbeeld het huis verlaten in de volgorde waarin deze actie zou worden uitgevoerd. Deze reeksen of series gingen over onderwerpen als mens in de samenleving, leven in de natuur, beroep en wetenschap, vanuit het onderscheid tussen objectief, subjectief en figuurlijk gebruik van de taal ontwikkeld. De leermethode van Gouin maakt geen gebruik van moedertaal. Het betreft een soort eentalige methode, die niet uitgaat van ‘vertalen’ en ‘uitleggen’ maar van ‘demonstreren’ en ‘handelen’. Hierdoor gaan studenten vanzelf snel in de doeltaal denken.

Populariteit


De principes van François Gouin over taal waren hun tijd ver vooruit. Ondanks dat het een ongebruikelijke aanpak was, was de seriemethode van François Gouin toch enige tijd succesvol. Deze methode werd echter door Maximilian Berlitz’ Directe Methode overschaduwd.

Voor- en nadelen van de Series Method


François Gouin’s Seriemethode ontwikkelt sterk de mondelinge vaardigheden van de student en de methode creëert een natuurlijke, harmonieuze en gelijkwaardige sfeer in de les.

De taalmethodiek garandeert een levendige manier van lesgeven. Dit type taalonderwijs wekt het enthousiasme bij de studenten op door gebruik te maken van visuele leermiddelen, bijvoorbeeld afbeeldingen, grafieken, en dergelijke. Een nieuwe taal leren wordt tastbaar; dit was iets dat volledig nieuw was. Lerenden worden nieuwsgierig, dit werkt goed om het leergeheugen te ontwikkelen, prestatiedruk te verlagen alsook het zelfvertrouwen te verbeteren. De communicatieve taalvaardigheid van de lerende wordt met de methode sterk gestimuleerd.

De seriemethode van Gouin heeft echter als nadeel dat taal die iets subjectiever of abstracter wordt, wat moeilijk met bewegingen en expressies in één concrete ervaring kan worden gevangen. De bewerkelijkheid voor de trainer, die immers een hele reeks aan series dient voor te bereiden, is een ander minpunt. Als derde punt focust de Gouin-seriemethode vooral op het mondelinge taalgebruik, terwijl het reguliere onderwijssysteem nog meestal draait om examens voor het toetsen van de competentie van lezen en schrijven.

Task-Based Language Teaching (TBLT)


Bedacht door wie en wanneer


Taakgericht taalonderwijs (Engels: Task-Based Language Teaching) is ontwikkeld in de jaren 80 van de vorige eeuw. De grondleggers van deze leermethode waren de Indiase taalkundige professor N.S. Prabhu, de Amerikaanse hoogleraar Teresa P. Pica en de Britse hoogleraren Graham Crookes en Michael H. Long.

Kenmerken van de Task-Based Language Teaching (TBLT)


Het taakgericht taalonderwijs past binnen het Communicatief Taalonderwijs/een Communicatieve Benadering. De denkwijze achter de methode is dat de verwerving van de taal geen doel op zich is, maar een middel om bepaalde taken uit te voeren. Lerenden krijgen motiverende taken aangeboden. Hiervoor is kennis van de vreemde taal vereist. Om deze taken goed uit te voeren, is het nodig dat ze over woordenschat en taalregels van de doeltaal beschikken. De taken zijn alledaagse taken, zoals een boodschap doen, een e-mail schrijven, een drankje bestellen, met de klantenservice bellen of een krant lezen. De taak wordt in drie fasen verdeeld: vóór, tijdens en na de taak, waarbij de student zich eerst voorbereidt op de taak, de taak vervolgens uitvoert en tot slot op de taak terugblikt. De lerenden moeten samenwerken om de opdrachten uit te voeren. Om leereffect te hebben, moeten de taken net boven het kennisniveau van de lerende liggen.

Populariteit


Vanaf het begin van de jaren 90 is taakgericht onderwijs erg populair geworden, zeker in het taalonderwijs. Het lijkt de meest praktisch bruikbare vorm te zijn om de taalvaardigheden bij de studenten (hoofdzakelijk de studenten in een achterstandspositie) in het lager en secundair onderwijs te verbeteren.

Voor- en nadelen van Task-Based Language Teaching


Taakgericht taalonderwijs heeft duidelijke voordelen. Het taakgericht taalonderwijs is een activerende manier van werken, waarbij de studenten worden uitgedaagd om hun vaardigheden te gaan gebruiken. Het is een op de persoon gerichte, relevante en efficiënte aanpak, zolang de taak goed aansluit bij de lerende. De studenten komen op een natuurlijke, dagelijkse manier in aanraking met de taal en leren zo authentieke woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen in de doeltaal. Daarnaast leren studenten om met andere studenten samen te werken. Lerenden ervaren taakgericht taalonderwijs als motiverend en prettig.

Als nadeel kan worden gezien dat de communicatie voorop staat en niet de correcte vorm, waardoor lerenden die niet heel nauwkeurig leren.

De Dogme benadering (Engels: Dogme Language Teaching; Dogme ELT)


Bedacht door wie en wanneer


Scott Thornbury; een Nieuw-Zeelandse linguïst en docententrainer op het gebied van taalonderwijs Engels ontwikkelde Dogme Language Teaching/Dogme ELT (ook wel de ‘Dogmabenadering’ genoemd) in het jaar 2000.

Kenmerken van de Dogme benadering (ELT)


De inspiratie voor Dogme Language Teaching (DLT) was ‘Dogme 95’; de stroming van een groep filmmakers uit Denemarken waaronder Deense filmregisseur Lars von Trier uit het jaar 1995. Bij het maken van films confirmeren de deelnemers zich aan 10 strikte regels (10 dogma’s). Deze 10 regels behelzen samen ‘de eed van zuiverheid’ (Deens: kyskhedsløfter; Engels: Vows of Chastity). Iets dergelijks is bij het Dogme-taalonderwijs aan de hand. De aanhangers van deze methode streven naar een vorm van communicatief onderwijs van vreemde talen die onbelast is door enig voorgedrukt materiaal. Het starten van inhoudelijke conversaties over praktische onderwerpen is het oogmerk van de Dogme-methode. Bij deze methode gaat het om communicatie als de inspirator van het leren. Daarom is deze leermethode een communicatieve aanpak voor taalonderwijs. Deze methode wil onderwijs bieden zonder het gebruik van leerboeken of ander lesmateriaal en zich in plaats daarvan focust op communicatie tussen trainer en studenten. Het Dogme-taalonderwijs kent tien uitgangspunten (dogma’s), net als de Dogme-beweging van de filmmakers.

Populariteit


Ondanks dat onderzoek naar het succes van Dogme beperkt is, stelt Thornbury dat de overeenkomsten met taakgericht leren van een taal suggereren dat Dogme waarschijnlijk voor vergelijkbare resultaten zorgt.

Voor- en nadelen van de Dogme benadering


Een pluspunt voor taaldocenten is dat voorbereiding vrijwel niet is vereist. Het kan heel motiverend werken dat de studenten voor het eigen leerproces verantwoordelijk zijn. Voorspelbaar zijn de taallessen zo nooit. Het zorgt voor spontane communicatie en voorkomt verveling. Bijna elk item kan aan bod komen in een les volgens de Dogme-benadering. Op deze manier blijven de studenten alert en betrokken.

Als studenten zo weinig door de docent begeleid worden, kunnen ze zich echter iets ongemakkelijk voelen. Voor dit type van onderwijs zijn ook niet alle docenten voldoende flexibel. Een ander minpunt kan zijn dat lerenden zich vaak op een bepaald examen moeten voorbereiden, terwijl het niet zeker is dat de hiervoor benodigde lesstof hiervoor in de lessen aan bod komt.

Growing Participator Approach (GPA)


Bedacht door wie en wanneer


The Growing Participator Approach (GPA) is ontwikkeld door Language consultants Greg en Angela Thomson in 2007.

Kenmerken van de Growing Participator Approach (GPA)


Deze GPA-benadering is een alternatieve kijk op het verwerven van een vreemde taal. Het primaire uitgangspunt van de GPA is dat taal en cultuur niet los van elkaar staan. Bij GPA gaat het om veel meer dan alleen het verwerven van de taal; het uiteindelijke doel is uitgroeien tot een volwaardige deelnemer aan het leven in de gastcultuur. Daarom hanteert GPA de benamingen ‘groeiende deelnemer’ in plaats van ‘taallerende’ en ‘verzorger’ in plaats van ‘leraar of docent’. De GPA-benadering vertoont gelijkenissen met, en is ook gedeeltelijk gebaseerd op, de Natural Approach (natuurlijke aanpak) van Stephen Krashen en Tracy Terrell.

De methode kent zes fasen van activiteiten. De lerende met een verzorger uit de gastcultuur voeren deze activiteiten uit. Begrip is belangrijker dan productiviteit. De nadruk ligt op de woordenschat en de cultuur. Fase 1 van de methode is de hier-en-nu-fase. Deze fase neemt ongeveer 100 uur in beslag. In fase 1 focust de ‘groeiende deelnemer’ zich op het luisteren en het non-verbale feedback geven.

Fase 2 van de zogenaamde leermethode is de zogenaamde verhaalopbouwfase. Deze fase neemt ongeveer 150 uur in beslag en de deelnemer begint de taal nu ook te produceren. In fase 3 van de leermethode ligt de nadruk op ‘gedeelde verhalen’. Dit zijn verhalen over dagelijkse gebeurtenissen, verhalen die worden gedeeld tussen culturen alsook verhalen over gedeelde ervaringen. Fase 4 van de methode van de leermethode is de fase van het ‘diepe delen’. Nu beginnen de deelnemer en de verzorger meer diepgaande gesprekken te voeren over het leven in de ontvangende cultuur. In fase 5 van de methode beginnen de deelnemers zich op het taalgebruik van de moedertaalsprekers te richten aan de hand van televisie, films, nieuws of literatuur. De taal die voor het werk van de deelnemer nodig is, wordt ook geleerd. Fase 6 is de zogenaamde ‘zelfvoorzienende groeifase’. Deze fase heeft geen eindpunt. Het gaat het hierbij om de groei buiten de formele taalsessies om.

Populariteit


Omdat de leermethode van Thomson nog tamelijk nieuw is, is nog vrij weinig bekend over het succes ervan. Deelnemende studenten zijn enthousiast over de leermethode.

Voor- en nadelen van de Growing Participator Approach


De GPA-benadering biedt een goede doorkijk op het proces van taalverwerving. Deze zes fasen van GPA bieden een duidelijk tijdsschema alsook realistische doelen. Er wordt door de lerende niet alleen kennis verworven van de taal, maar ook van de omgeving en de lerenden verwerven eveneens een nieuw sociaal netwerk.

Een keerzijde van deze leermethode is dat voor iedere deelnemer of minimaal iedere kleine groep deelnemers een ‘verzorger’ gevonden moet worden die bereid is om veel tijd te investeren.

Shadowing Technique


Bedacht door wie en wanneer


De Shadowing technique of kortweg Shadowing (‘schaduwen’) is bedacht door Alexander Argüelles; een Amerikaanse taalkundige en polyglot in de vroege jaren 2000.

Kenmerken van de Shadowing Technique


Shadowing is een methode die taallerenden zelfstandig kunnen toepassen om de intonatie en uitspraak te verbeteren en vloeiendheid in het spreken te verwerven. De methode is eenvoudig: de student luistert naar een audio-opname, bij voorkeur een dialoog en herhaalt wat hij of zij hoort. Het gaat in de eerste plaats om de klank; de tekst begrijpen is niet van belang. Het luisteren en daarna herhalen wordt net zo veel geoefend totdat dit heel gemakkelijk gaat en de lerende simultaan kan spreken met de opname. De student gebruikt na enige tijd een transcript om te kunnen lezen (en te begrijpen) wat hij of zij heeft uitgesproken. Diverse leerboeken zijn geschikt voor deze methode, zolang deze boeken dialogen bevatten of stukken samenhangende teksten. De audio-opname dient idealiter wat boven het niveau van de lerenden te zijn. De ideale lengte van een audio-opname is ongeveer één pagina, zonder kunstmatige pauzes en op een natuurlijke snelheid. Doordat lichamelijke beweging de opname van de te leren taal in het zenuwstelsel versterkt, doet Argüelles de aanbeveling om te gaan lopen tijdens het spreken, het liefst buiten, en niet te gaan zitten. Een bijkomende reden is dat de studenten minder gauw afgeleid worden als zij bewegen, waardoor het werken aan de taal aanzienlijk effectiever wordt.

Shadowing vertoont veel overeenkomsten met de audiolinguale methode uit de twintigste eeuw, maar het verschil is dat de audiolinguale methode gebruikmaakte van grammaticale drills in plaats van dialoog of samenhangende tekst. Bij Shadowing is eveneens het simultaan spreken anders.

Populariteit


Er is veel onderzoek gedaan de afgelopen jaren naar Shadowing dat aantoont dat de techniek zowel de uitspraak als de luistervaardigheid sterk verbetert. Maar eveneens het algemene begrip van de nieuwe taal wordt vergroot.

Voor- en nadelen van de Shadowing Technique


Shadowing heeft als praktisch pluspunt dat het kan worden toegepast in een groep van studenten, waarbij iedere deelnemer individueel actief leert. Het rendement van de Shadowing-methode is hoog.

De techniek heeft als nadeel is dat de lerenden het soms wat saai vinden om dezelfde tekst steeds te blijven herhalen. De keuze van de teksten is dus erg belangrijk.

Total Physical Response (TPR®)


Bedacht door wie en wanneer


De Amerikaanse psycholoog James Asher ontwikkelde de taalverwervingsmethode Total Physical Response, ook wel TPR® genoemd, in de jaren zestig van de vorige eeuw.

Kenmerken van Total Physical Response (TPR®)


TPR® is een taalleermethode die op het principe is gebaseerd dat mensen leren met behulp van beweging en handelingen. Men leert door te doen, en wel op de manier zoals een kind zijn moedertaal leert. Ouders geven continu taken aan hun (jonge) kinderen en belonen hen als ze die uitvoeren (“kijk naar mama”, “goed zo”). “Pak de lepel”, “Mooi!”, “Trek je schoenen maar aan”, enz.). Het is in eerste instantie de bedoeling dat het kind begrijpt wat de ouder zegt, het kind gaat in een later stadium verbaal reageren. Dus de luistervaardigheid vormt de basis, daarna volgt de spreekvaardigheid.

TPR® past deze grondslagen van de moedertaalverwerving versneld toe bij het leren van een vreemde taal. De taaltrainer geeft op een vriendelijke en begrijpelijke manier taken, bijvoorbeeld: “pak het boek” en doet zelf de taken voor; de studenten doen na. In het begin wordt nog niet van de studenten verwacht dat ze praten; de studenten geven in een later stadium de opdrachten. Bekende opdrachten worden verder uitgebreid of deels gewijzigd.

TPR® appelleert aan beide hersenhelften door de combinatie van bewegingen en spraak. Op deze manier kost het minder moeite om dingen te leren en het geleerde beklijft ook beter.

Populariteit


De methode van TPR® wordt vooral gebruikt binnen het NT2-onderwijs (Nederlands als tweede taal), zeker bij beginners en ook wel bij Engels taalonderwijs op de basisschool. Maar middelbare scholieren of volwassenen werken ook met veel plezier met de methode van Total Physical Response en behalen goede resultaten.

Voor- en nadelen van Total Physical Response


TPR® heeft veel voordelen. Doordat studenten veel begrijpelijke inbreng in ‘chunks’ krijgen aangeboden (woorden die bij elkaar horen), krijgen zij snel begrip van de nieuwe taal. De leermethode zorgt voor een snelle succeservaring. Dit bevordert het plezier in het leren van de nieuwe taal. Het zorgt een stressvrij leerproces. In principe is de methode van TPR® geschikt voor elk type doelgroep, ongeacht leeftijd of achtergrond en kan de methodiek eveneens in grotere klassen toegepast worden. De taal wordt direct opgeslagen in het langetermijngeheugen.

Het feit dat niet elke taaluiting in TPR®-taken is uit te drukken, is de keerzijde van TPR®. Dit is de reden dat de leermethode tot op een zeker taalniveau werkt en een andere leermethode nodig is als aanvulling. Ook is de leermethodiek niet heel creatief. De studenten leren niet om ideeën, gevoelens en meningen te uiten.

De Directe Methode (Engels: Direct Method; DM)


Bedacht door wie en wanneer


Eind jaren 80 van de negentiende eeuw bedacht de Duits-Amerikaanse linguïst Maximilian Delphinius Berlitz (geboren als David Berlizheimer) de Directe Methode. Deze methode wordt ook wel ‘de natuurlijke benadering’ genoemd. Deze methode is als antwoord op de dominante grammatica-vertaalmethode ontwikkeld.

Kenmerken van de Directe Methode (DM)


Er was een Reformbeweging omstreeks 1900 met nieuwe visies over talen leren dat zelfontdekkend en inductief diende te zijn. Die Reformbeweging betrof overigens niet alleen het leren van een taal, maar eveneens voeding, natuurgeneeskunde, kleding en naturisme. Omstreeks 1900 streefden de mensen, net zoals in de jaren 60 van de vorige eeuw, naar meer natuurlijke leefwijzen en een bevrijding van keurslijven. In het taalonderwijs kwam veel aandacht voor de gesproken, ‘levende’ taal. Hierbij werd de grammatica eerder inductief onderwezen, met behulp van voorbeeldzinnen. Door de studenten moesten de taalregels hieruit afgeleid worden. Veel mondelinge oefeningen en met veel aandacht kwamen er voor de uitspraak van de taal. Lerenden werden gestimuleerd veel te spreken. Dat de taallessen in de doeltaal werden gegeven, was eveneens nieuw. In de les werd nadrukkelijk niet vertaald. Het aanleren van de woordenschat van de doeltaal werd gedaan door middel van plaatjes en voorbeelden. Abstracte vocabulaire werd door studenten aangeboden om ideeën te laten associëren.

Populariteit


Deels door invloeden van de oorlogen en crises ebde de vernieuwingsgolf van begin twintigste eeuw weg, om in de jaren 60 weer een andere vorm te krijgen.

Met (een moderne vorm van) de Directe Methode wordt nog altijd door taleninstituten zoals Interlingua en Berlitz gewerkt.

Voor- en nadelen van de Directe Methode


Het grote pluspunt van de Directe Methode is dat deze methode een vrij natuurlijke manier is om een taal te leren. Bij de Directe Methode wordt veel aandacht besteed aan luisteren en spreken, waardoor de lerenden vloeiendheid in de taal en zelfvertrouwen ontwikkelen. Aan de Direct Methode kleven echter ook minpunten. Voor de schrijfvaardigheid is bij deze methode nauwelijks aandacht en voor lezen in de doeltaal ook minder. De methode biedt te weinig uitdaging voor lerenden die verder meer gevorderd zijn. De Directe Methode is ook niet heel bruikbaar voor minder snel lerende studenten, doordat deze leermethode een daadkrachtige inzet door de student verwacht.

De Manesca-methode (Engels: Manesca Method)


Bedacht door wie en wanneer


Jean Manesca publiceerde in 1835 An Oral System of Teaching Living Languages Illustrated by a Practical Course of Lessons in the French through the Medium of the English (“Een mondelinge methode voor het onderwijzen van levende talen, aan de hand van een praktische cursus Frans door middel van het Engels”). An oral system of teaching living languages ging in herdruk in 2015.

Kenmerken van de Manesca-methode


De Manesca-methode is gebaseerd op hetzelfde principe als de ‘natuurlijke aanpak’ (Natural Approach): de beste manier om een taal te leren, is die waarop een kind zijn moedertaal leert. Een vreemde taal leren moet gemakkelijk en veilig zijn. Manesca wil om die reden niet met abstracte lijstjes en regels met woorden werken die uit het hoofd geleerd dienen te worden.

De Manesca-methode geldt als de oudste, bekende, volledige taalcursus. De Manesca-methode is gebaseerd op het werken met een groep studenten en een taaltrainer, die maar één woord tegelijk introduceert. Er hoort een bepaalde beweging bij ieder woord. De lerenden herhalen vervolgens afzonderlijk het woord en de bijbehorende beweging. Door deze herhaling onthouden de studenten deze woorden, zonder dat uit het hoofd geleerd hoeft te worden. Stap voor stap vormen de woorden zinnen en vervolgens variaties op deze zinnen. De spelling wordt aangeboden in een later stadium met leesteksten.

De Manesca-methode is reeds enkele jaren later door grammaticaschrijver en taaldocent de Duitse grammaticaschrijver en taaldocent Heinrich Gottfried Ollendorff overgenomen en aangepast en staat dan ook wel bekend als de Ollendorff-methode.

Populariteit


Manesca is twee jaar na publicatie van zijn leermethode overleden. Het werk van Jean Manesca is overgenomen en aangepast door anderen, onder meer door Ollendorff. Veel van de ideeën van Jean Manesca zijn actueel en worden nog altijd in het moderne vreemdetalenonderwijs gebruikt.

Voor- en nadelen van de Manesca-methode


Het pluspunt van de Manesca of Ollendorff-leermethode geldt als de combinatie van spreken en bewegen, waardoor het fysieke geheugen wordt aangesproken en de geleerde stof gemakkelijker en langduriger door de lerende wordt onthouden. Wat daar ook aan bijdraagt, is het veelvuldige herhalen. Dat dit wat saai kan worden om dezelfde woordjes en zinnetjes te blijven herhalen, kan door studenten als een minpunt worden gezien.

Silent Way


Bedacht door wie en wanneer


The Silent way (‘de stille manier’) is ontwikkeld in 1963 door de Egyptenaar Caleb Gattegno.

Kenmerken van de Silent Way


De stille manier is een manier om vreemde talen te leren die stilte gebruikt als instructiemiddel. De autonomie van de lerenden en hun actieve deelname is het uitgangspunt van Gattegno’s methode.

De taaldocenten gebruiken een combinatie van gebaren en stilte om de aandacht van de lerende te trekken, reacties te krijgen en de lerende aan te moedigen om foutjes te corrigeren. Veel tijd wordt aan de uitspraak van de taal besteed.

Caleb Gattegno, die wiskundige was, vond het van belang om taalles te geven door middel van een methode die efficiënt was voor de voorraad energie van de lerenden. Hij ontdekte dat het relatief weinig energie kost om een visueel of auditief beeld te onthouden, veel minder energie dan wanneer studenten proberen iets uit het hoofd te leren. Caleb Gattegno verklaarde dat de trainers niet zozeer dienen te streven naar kennisoverdracht, maar bewustzijn dienen aan te spreken, want alleen bewustzijn maakt het mogelijk om iets te kunnen leren.

Eén van de hulpmiddelen waar The Silent Way gebruik van maakt, zijn blokken met verschillende kleuren (zogenaamde cuisenaire-staven) die voor diverse dingen kunnen worden gebruikt. De ‘de stille manier’ gebruikt ook Words in Colour. Words in Colour is een kleurenkaart voor klanken waarin elke kleur een specifieke klank van de taal vertegenwoordigt, gekleurde woordgrafieken om aan zinnen te werken en gekleurde grafieken die worden gebruikt voor het leren van de spelling.

Populariteit


Caleb Gattegno’s ideeën zijn van belang geweest, met name bij het leren van de uitspraak, hoewel The Silent Way in zijn originele vorm niet veel wordt toegepast.

Voor- en nadelen van de Silent Way


Dat de aanpak van Caleb Gattegno niet-bedreigend is voor lerenden, die immers als autonoom beschouwd worden, is het pluspunt van zijn methode. In feite is de taaltrainer dienstbaar aan de lerenden en niet omgekeerd. Met The Silent Way wordt het leren op een natuurlijke wijze gestimuleerd. Over het algemeen wordt het geleerde goed verwerkt en onthouden door de taallerenden een uitdaging te geven om nieuwe dingen te ontdekken. Fouten maken mag, wat helpt bij het leerproces.

Een minpunt van de methode kan zijn dat sommige studenten wat intensievere begeleiding nodig hebben dan de methode voorstaat. De lerenden kunnen gefrustreerd worden door het gebrek aan input van de trainer. Werken met kleuren en grafieken heeft als limiterende factor dat ‘het nieuwe’ er gauw af is, waardoor het effect kan verdwijnen.

TPR Storytelling


Bedacht door wie en wanneer


TPR Storytelling of ‘TPRS’ staat voor Teaching Proficiency through Reading and Storytelling. De methode van TPR Storytelling is ontwikkeld door Blaine Ray in 1990, een Amerikaanse docent Spaans, en komt uit de TPR-techniek (Total Physical Response) voort.

Kenmerken van TPR Storytelling


TPRS is een taalverwervingsmethode die gebruikmaakt van verhalen om een vreemde taal te leren. Het principe is natuurlijke taalverwerving: een taal leren zoals kinderen hun moedertaal leren. Om dit te bereiken, worden studenten aan een grote hoeveelheid begrijpelijke input blootgesteld. Door de trainer wordt een verhaal verteld waarin nieuwe woorden meerdere keren voorkomen. De verhalen zijn nooit te lang en interessant of humoristisch. Studenten ontspannen zich omdat deze verhalen relatief gemakkelijk te begrijpen zijn. Zo worden woorden en structuren vrijwel ongemerkt in het langetermijngeheugen van de lerenden opgeslagen. De docent wijst studenten op grammaticale verschijnselen van de doeltaal, zonder dat studenten regels van de nieuwe taal uit het hoofd leren.

De lerende zal na enige tijd ‘vanzelf’ beginnen te spreken en de grammaticale structuren imiteren. Dit is een natuurlijk proces. Een variant hierop is om samen met een groepje van studenten een verhaal op te bouwen. De docent schrijft bij deze methode eerst nieuwe woorden en structuren op een bord, met de vertaling erbij en daarna hiervan een verhaal te maken samen met de lerenden. Tot slot wordt het verhaal door de studenten naverteld. Lezen is een belangrijk onderdeel van TPR Storytelling, doordat dit voor input zorgt. Schrijven volgt daarna.

Populariteit


Er zijn veel onderzoeken gedaan die uitwijzen dat TPR Storytelling een succesvolle manier is om een taal te verwerven. Er zijn wel randvoorwaarden: de docent dient ervoor getraind te zijn en de setting dient geschikt te zijn.

Voor- en nadelen van TPR Storytelling


Het is een laagdrempelige wijze van taalverwerving en de geleerde stof wordt goed onthouden. TPRS spreekt eveneens de creatieve intelligentie aan; er is sprake van breinvriendelijk leren. Het is prettig voor studenten en het is relatief gemakkelijk om de aandacht erbij te houden. Zelf verhalen verzinnen, werkt heel motiverend voor lerenden.

Een nadeel is dat TPR Storytelling veel voorbereiding van de taaldocent vraagt.

COMMERCIËLE METHODES VOOR ZELFSTUDIE

De Rosetta Stone methode


Bedacht door wie en wanneer


De Rosetta Stone-leermethode is naar de zogenaamde de Steen van Rosetta vernoemd, een steen met een tekst in twee talen die in Egypte werd ontdekt, met behulp waarvan de hiërogliefen konden worden ontcijferd. Rosetta Stone is ook de naam van het softwarebedrijf dat de taalcursussen op de markt brengt. De eerste versie is uitgebracht in 1996.

Kenmerken van de Rosetta Stone methode


De Rosetta Stone cursus is een manier om vreemde talen te leren met behulp van een computer. Deze taalcursussen zijn beschikbaar in ruim dertig verschillende talen en ze zijn te volgen vanuit elk van deze talen.

De Rosetta Stone-methode is een zogenaamde communicatieve methode, die de manier imiteert waarop een kind de moedertaal leert. Dat houdt in ‘leren door middel van onderdompeling’, door veel te luisteren en na te spreken. Het programma gebruikt hier stemmen van native speakers (moedertaalsprekers) en foto’s voor voor het overbrengen van de betekenis van nieuwe woorden. De methode maakt gebruik van spraakherkenningsprogramma dat de uitspraak registreert en daar een schematische weergave van maakt. De gebruiker kan zo de uitspraak met die van een native speaker (moedertaalspreker) vergelijken. Door de voorbeeldspreker minder snel te laten spreken en vervolgens veel na te zeggen, kan de uitspraak worden verbeterd.

Er zijn dictee-oefeningen om de schrijfvaardigheden van de studenten te oefenen. De software van de methode controleert de grammatica en de spelling en wijst op fouten, waarbij optie is om de fouten van de studenten te verbeteren.

Het programma biedt ook leesteksten. Deze leesteksten gaan over dagelijkse onderwerpen, activiteiten en ideeën.

Populariteit


Rosetta Stone wordt veelvuldig gebruikt wereldwijd, ook door grote en bekende organisaties. Onder andere de NASA en het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse zaken gebruiken de methode van Rosetta Stone. In ons land wordt Rosetta Stone door enkele ministeries en veel universiteiten en hogescholen, alsook door een aantal internationaal opererende organisaties ingezet.

Voor- en nadelen van de Rosetta Stone methode


De Rosetta Stone-methode is zeer eenvoudig in het gebruik en kan op elk moment door de studenten worden gebruikt. De student bepaalt zelf welke onderdelen van de methode meer of wellicht minder aandacht kunnen gebruiken. Veel studenten vinden het prettig om met de leermethode te werken. Voor onderwijsinstellingen kan de methode van Rosetta Stone een oplossing bieden bij een gebrek aan docenten. Dat er geen taaldocent is die studenten motiveert of wat extra’s kan bieden, is een keerzijde van de methode.

De Pimsleur methode


Bedacht door wie en wanneer


De taalcursussen van Pimsleur zijn Amerikaans taalkundige Dr. Paul Pimsleur ontwikkeld. De eerste Pimsleur taalcursus was een cursus Grieks, die Paul Pimsleur in 1963 introduceerde.

Kenmerken van de Pimsleur methode


De Pimsleur-methode is een computerprogramma om nieuwe talen te leren.

Deze cursussen van Pimsleur bestaan uit zinnetjes en dialogen die nagesproken worden en weer herhaald worden. De zinnetjes zijn ingesproken door native speakers (moedertaalsprekers). De cursussen zijn gebaseerd op herhaling, anticipatie, woordenschat en weer herhaling. De lessen van de cursus bieden een audio-opname van 30 minuten die nieuwe vocabulaire en structuur bevat. De grammaticale structuur wordt niet uitgelegd maar door middel van uitbreiding van, en variaties op, de aangeboden zinnen.

Pimsleur deed onderzoeken naar het optimale interval waarmee kennis van het kortetermijngeheugen naar het langetermijngeheugen overgaat. Dit (gemiddelde) interval is in de taalcursussen van Pimsleur verwerkt.

Populariteit


De Pimsleur taalcursussen worden onder meer in Amerika gevolgd en de ervaringen met de methode lopen uiteen. In het algemeen zijn de lerenden tevreden over de aangeleerde uitspraak van de doeltaal.

Voor- en nadelen van de Pimsleur methode


Doordat de insprekers van de zinnen moedertaalsprekers (native speakers) zijn en op een natuurlijke manier spreken en in een normaal tempo, werkt de methode van Pimsleur erg goed als uitspraakverbeteraar.

Het minpunt van de leermethode van Pimsleur is dat er niets uitgelegd wordt. De student leert geen bouwstenen van de taal om zelf zinnen te maken, maar moet het met duizenden voorbeeldzinnen doen die uit het hoofd worden geleerd.

De Michel Thomas methode


Bedacht door wie en wanneer


De Michel-Thomas-methode is, niet geheel verrassend, bedacht door Michel Thomas (Poolse naam: Moniek Kroskof); een in Polen geboren genaturaliseerde Amerikaan. Hij ontwikkelde zijn methode in zijn eigen taleninstituut in Beverly Hills in Los Angeles, kort na de Tweede Wereldoorlog. Dit taleninstituut kan beroemdheden als Barbra Streisand, Emma Thompson, Diana Ross, Bob Dylan, Mel Gibson en Pierce Brosnan tot de klantenkring rekenen.

Kenmerken van de Micheal Thomas methode


Het principe van Michel Thomas was dat iemand alleen in staat is om te leren als diegene geen stress heeft. Hij maakte zijn lerenden duidelijk dat ze zich geen zorgen hoefden te maken dat ze iets zouden vergeten.

De cursussen van Michel Thomas zijn audiolessen, ingesproken door twee stemacteurs; een mannelijke stemacteur en een vrouwelijke stemacteur. De setting is bij Michel Thomas een virtuele klas, waarbij de student als de derde student fungeert. De student luistert mee met de lessen van de acteurs. Wanneer de acteurs een vraag wordt gesteld, is het idee dat de cursisten op pauze klikken en deze vraag eerst zelf beantwoorden. Er is geen huiswerk, geen uit-het-hoofd-leren. De lessen worden opgebouwd in stapjes en nieuwe lesstof wordt met bekende lesstof afgewisseld. De uitleg wordt steeds in de Engelse taal gegeven. Er wordt bijvoorbeeld op eventuele verbanden gewezen tussen de Engelse taal en de doeltaal. Er wordt ook grammaticale uitleg gegeven. Eerst wordt makkelijke lesstof aangeleerd, moeilijkere lesstof volgt pas nadat de studenten de makkelijke lesstof begrepen en verworven hebben. Naast woorden en zinnen in de doeltaal worden eveneens bouwstenen geleerd waarmee de lerenden zelf zinnen kunnen maken. Ook gebruikt de methode van flashcards om de woordenschat te toetsen en online oefeningen om de eigen vooruitgang te kunnen meten.

Populariteit


Veel lerenden zijn tevreden over de uitleg van de structuur van de doeltaal en vinden de cursus plezierig werken. De studenten die al wat verder gevorderd zijn, vinden de cursussen wat minder nuttig.

Voor- en nadelen van de Micheal Thomas methode


De taalcursus traint de uitspraak alsook de luistervaardigheid op efficiënte manier en de taalcursus is zeer toegankelijk. Dat de taalcursussen niet in schrijfvaardigheid voorzien, kan als een minpunt worden gezien. Een daadwerkelijke interactie is er ook niet, omdat de leermethode uit audiocursussen bestaat.

De Assimil methode


Bedacht door wie en wanneer


Assimil is een Frans bedrijf, dat in het jaar 1929 door Alphonse Chérel is opgericht. Het bedrijf maakt cursussen voor vreemde talen en publiceert deze en het begon met het eerste boek Anglais sans Peine.

Kenmerken van de Assimil methode


Letterlijk betekent ‘assimileren’ of ‘assimilatie’: ‘mengen met, opgaan in de andere groep’, wat wel een hooggegrepen uitgangspunt voor taalcursussen is. De Assimil-cursussen zijn zelfstudielessen die uit een leerboek en audio-CD’s alsook een USB-stick bestaan. De cursist werkt idealiter ongeveer twintig minuten per dag.

De lessen bestaan uit verschillende dialogen die worden beluisterd, nagesproken en gelezen. De vertaling staat ernaast, alsook toelichting van de grammatica. Voor het trainen van de uitspraak van de te leren taal, maakt Assimil gebruik van zinnen die door moedertaal (native) speakers zijn ingesproken en die de cursisten dienen te herhalen. De opbouw verloopt van receptief naar productief: in de eerste lessen wordt nog geen taalproductie verwacht van de gebruiker; dit komt pas na ongeveer 50 lessen.

Populariteit


De Assimil-cursussen zijn vrij gewaardeerd. Ze zijn niet duur en het aanbod aan talen is ruim.

Voor- en nadelen van Assimil


Dat de gebruikers in hun eigen tempo kunnen leren op het moment dat dit het beste uitkomt, is het voordeel van de methode van Assimil. De keerzijde hierbij is, wat voor alle taalcursussen met een computer geldt, dat de lerende aan zichzelf is overgeleverd. Er is geen trainer om de student te motiveren of te begeleiden.


ALGEMENE LEERMETHODES

Audio-Lingual Method (ALM) (Army Method/New Key)


Bedacht door wie en wanneer


De audiolinguale methode was al in de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw ontwikkeld in Engeland en in Amerika, onder meer door de Amerikaanse taalkundige Leonard Bloomfield. Doordat de Tweede Wereldoorlog uitbrak, werd het noodzakelijk om de (Amerikaanse) soldaten van elementaire verbale communicatieve vaardigheden te voorzien. Door de invloed van het leger werd deze audiolinguale methode soms bekend als de ‘legermethode’.

Kenmerken van de Audio-Lingual Method (ALM)


De audiolinguale methode kan beschouwd worden als een reactie op de grammatica-vertaalmethode. Het was nieuw dat de les volledig plaatsvond in de doeltaal. De belangrijkste vaardigheden zijn kunnen luisteren en spreken en de grammaticale structuren worden middels mondelinge structuuroefeningen geleerd. Het doel is zonder fouten kunnen spreken en kunnen verstaan, wat begint met iemand leren naspreken. Herhaling is het middel hiervoor; er wordt gewerkt met drills om zinnen en structuren goed aan te leren, zodat reacties spontaan en als het ware automatisch gaan worden. De trainer kan zo bijvoorbeeld een bepaalde zin tien maal herhalen en dan een nieuw woord of meerdere nieuwe woorden toevoegen. De audiolinguale methode werkt veel met de zogenaamde talenpractica, waarbij lerenden een hoofdtelefoon op hebben en zinnen beluisteren en naspreken. De geschreven taal wordt pas aangeboden wanneer de mondelinge taal al vertrouwd is. Er worden wel afbeeldingen gebruikt voor het introduceren van nieuwe woorden.

Populariteit


In ons land werd de methode pas geïntroduceerd rond het jaar 1970 bij het ingaan van de Mammoetwet. Men maakte al snel bezwaar tegen de saaie drills. De techniek wilde wel eens problemen geven. De talenpractica raakten hierdoor al vrij snel in onbruik. In plaats van de talenpractica maakte men de voor mondeling gebruik bedoelde structuuroefeningen schriftelijk. Schrijvers van leerboeken wonnen weer aan populariteit en boden weer expliciete grammaticaregels aan. Toch liet de audiolinguale methode wel sporen na. Nu was alom geaccepteerd dat het bij een taal leren niet gaat om het memoriseren van de grammatica, maar om de toepassing ervan. De luistervaardigheid, die vóór de jaren zeventig voor het merendeel van docenten niet bestond, was ontdekt.

Voor- en nadelen van de Audio-Lingual Method


De audiolinguale methode is effectief voor beginnende studenten. De correcte uitspraak wordt van het begin af aangeleerd. Deze audiolinguale methode is een docentgestuurde methode en en biedt daardoor een snelle en efficiënte overdracht van taalkennis. Ook voor grote(re) groepen is deze methode geschikt.

Deze docentgestuurde kant heeft tegelijkertijd een keerzijde; er wordt geen eigen input van de lerenden verlangd, waardoor het risico op passiviteit en onvoldoende betrokkenheid en motivatie op de loer ligt. Een bijkomend bezwaar van de methode is dat de driloefeningen niet zo gemakkelijk om te zetten zijn in levend taalgebruik.

GoldList Method (GLM)


Bedacht door wie en wanneer


David J. James, alias Viktor Dmitrievitch Huliganov of Uncle Davey ontwikkelde de GoldList Method (‘gouden lijst-methode’).

Kenmerken van de GoldList Method (GLM)


Deze GoldList Method is een methode om woorden of zinnen te leren op een zodanige wijze dat ze worden opgeslagen in het langetermijngeheugen van de student. Deze methode werkt middels zelfgeschreven woordenlijsten die na verloop van tijd worden herhaald. De opgeschreven zinnen of woorden worden door de student hardop gelezen. Het is niet de bedoeling om al deze woorden en zinnen uit het hoofd te leren, maar door de blootstelling gaat dit automatisch. Deze woordenlijst wordt telkens veranderd; woorden die zijn aangeleerd, worden van de lijst gehaald. De woorden die nog altijd problemen opleveren, blijven op de woordenlijst staan.

Populariteit


Aanhangers van de GoldList-methode stellen dat deze woorden en zinnen spontaan in het langetermijngeheugen van de student worden opgeslagen, iets dat door veel geheugenwetenschappers wordt betwijfeld. In het algemeen wordt (taal)kennis opgeslagen als de kennis ook betekenisvol en relevant is voor de lerende. De GoldList-methode kan functioneren voor woorden die betekenisvol en relevant zijn voor de lerende.

Voor- en nadelen van de GoldList Method


Bij lerenden die het prettig vinden om bijvoorbeeld Post-its® als geheugensteun te gebruiken, zou deze methode goed kunnen werken. Met de hand schrijven werkt effectiever dan typen of, redelijk zinloos: een fotootje maken, omdat het fysieke gedeelte van het geheugen door het schrijven aangesproken wordt en meewerkt. Een minpunt is het ontbreken van context. Taal bestaat uit veel meer dan een reeks losse woorden en/of zinnen. Daarnaast is deze GoldList-methode bijzonder tijdrovend omdat steeds handgeschreven lijsten aangemaakt moeten worden.

De Natural Method


Bedacht door wie en wanneer


De Natural Method, ook wel de Natural Approach (de ‘natuurlijke aanpak’) genoemd, is door Tracy D. Terrell en Stephen Krashen in 1983 ontwikkeld.

Kenmerken van de Natural Method


De Natural Method is op een natuurlijke wijze van taalverwerving gericht. De leermethode probeert de taal te leren op de manier waarop mensen als kind hun moedertaal leerden. De taalregels van de vreemde taal leert studenten ook onbewust op deze wijze. Alleen de doeltaal met de nodige visuele hulpmiddelen wordt hiervoor gebruikt. Het streven is een leeromgeving zonder stress. De studenten worden blootgesteld aan een aanzienlijke hoeveelheid begrijpelijke input. De taalproductie mag spontaan ontstaan en wordt niet geforceerd. De nadruk ligt op communicatie en minder op het corrigeren van vormfouten en expliciete grammatica.

De leermethode werkt het meest effectief als de lerenden in de vreemde taal worden ondergedompeld. Om te zorgen dat de student plezier van de ervaringen heeft, moeten de activiteiten in de te leren taal stimulerend zijn.

De Natural Method leermethode lijkt vrij veel op de Directe Methode. De leermethoden gaan beide uit van het idee van natuurlijke taalverwerving; het verschil tussen de beide methoden is dat bij de Directe Methode meer de focus op de praktijk wordt gelegd en bij de Natural Method meer op blootstelling aan taalinput en het verminderen van spreekangst.

Populariteit


Het feit dat onderdompeling heel effectief is, is al veelvuldig bewezen. Doordat de methode vrij eenvoudig is om te begrijpen, is de natuurlijke aanpak een populaire manier van lesgeven onder taaltrainers. Kritiek kent de natuurlijke aanpak ook. De nadruk wordt voornamelijk op het impliciet leren van de grammatica gelegd. De studenten zouden weliswaar leren in de vreemde taal te communiceren, maar door ontoereikende kennis van de grammatica in een wat gebrekkige, versimpelde versie van de taal blijven hangen.

Voor- en nadelen van de Natural Method


Om op een natuurlijke manier een vreemde taal te leren, wordt prettig gevonden. De studenten wordt de mogelijkheid geboden een persoonlijke band met de taal op te bouwen. Doordat er niet ‘uit het hoofd geleerd hoeft te worden’, beklijft de geleerde stof voor een langere tijd.

Omdat er bijna geen druk op de taalproductie ligt, kan het nadeel zijn dat het langer duurt voor er resultaten te merken zijn. Ook bereidt de methode lerenden niet per se voor op een bepaald examen.

Structurele Aanpak


Bedacht door wie en wanneer


De ‘Structurele Aanpak’ (Engels: Structural Approach; ‘SA’) is door Charles Fries en Robert Lado ontwikkeld in de jaren 50.

Kenmerken van de Structurele Aanpak (SA)


De Structurele Aanpak is een manier van taalverwerving die als doel heeft om de lerende vertrouwd te laten raken met de fonologische en grammaticale structuren van de doeltaal. Volgens de SA levert de beheersing van deze structuren meer op dan het leren van woordenschat van de nieuwe taal. Bij de methode gaat het om het herkennen en kunnen toepassen van specifieke samenstellingen van woorden en woordgroepen in de juiste woordvolgorde. Deze combinaties van woorden worden aan studenten aangereikt in betekenisvolle situaties middels visualisaties, gezichtsuitdrukkingen, dramatiseringen en handelingen. Bij de methode worden de structuren die het meest in de doeltaal worden gebruikt, als eerste aan de taallerende aangeboden. Mondelinge vaardigheid (luistervaardigheid en spreekvaardigheid) wordt hier in eerste instantie bij gebruikt; leesvaardigheid en schrijfvaardigheid volgen daaruit. Bij het aanleren en verbeteren van de productieve vaardigheid (spreekvaardigheid en schrijfvaardigheid), krijgt grammatica een grote plaats. De Structurele Aanpak wordt ook wel Structural-Situational Approach (structurele-situationele benadering) en de Structural-Oral-Situational Approach (structurele-mondeling-situationele benadering) genoemd.

Populariteit


In de jaren vóór 1970 werd de Structurele Aanpak op grote schaal gebruikt om in Engelssprekende landen, de voormalige Britse koloniën en in Maleisië Engelse les te geven.

Voor- en nadelen van de Structurele Aanpak


Een structurele aanpak heeft als voordeel dat de studenten de vreemde taal op een nauwkeurige wijze geleerd wordt. De student krijgt inzicht in de grammatica en leert eveneens in welke situaties bepaalde woorden of woordcombinaties passend zijn of niet voor die situaties. De methode van de Structurele Aanpak gebruikt alledaagse taal. De Structurele Aanpak kent ook keerzijden. De werkwijze is tamelijk tijdrovend en biedt niet onmiddellijk een ervaring van succes. De eigen input van de studenten is beperkt; het is weinig creatief.

Communicatief taalonderwijs (Engels: Communicative Language Teaching; CLT)


Bedacht door wie en wanneer


Communicatief taalonderwijs (Engelse naam: Communicative Language Teaching; CLT), ook ‘De Communicatieve benadering’ (Engelse naam: Communicative Approach; CA) genoemd, is in de jaren zestig van de vorige eeuw ontstaan onder invloed van ideeën van Noam Chomsky, die de nadruk op competenties bij het leren van een taal legde. Amerikaans taalkundige Dell Hymes was in 1966 de grondlegger van het concept van communicatieve vaardigheden.

Kenmerken van Communicatief taalonderwijs (CLT)


Het communicatief talenonderwijs is gestoeld op de opvatting dat interactie het uiteindelijke streven is van het leren van een vreemde taal.

De studenten leren de te leren taal in praktijk te brengen met gebruik van de CLT-technieken door de interactie met elkaar en de docent. Er wordt gebruikgemaakt van teksten, geschreven in de te leren taal of ander materiaal uit het dagelijks leven of de werksituatie. De doeltaal wordt zowel tijdens en ook buiten de les gebruikt.

Studenten praten over persoonlijke gebeurtenissen met medestudenten en de docent draagt onderwerpen aan die buiten het gebied van de traditionele grammatica liggen, om de taalvaardigheid in alle soorten situaties uit de praktijk te oefenen. Grammatica wordt inductief onderwezen, dit houdt in aan de hand van de praktijk, waaruit de regel volgt.

Bij het communicatief taalonderwijs is de taaldocent echt een trainer, die de lerende leert communiceren in de doeltaal.

Populariteit


In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw werd communicatief taalonderwijs erg populair. Dit kwam gedeeltelijk omdat de traditionele taalonderwijsmethodes niet zo succesvol waren gebleken. Door de verdere eenwording van Europa kwam een grotere vraag aan het leren van talen op een wijze die meteen kon worden toegepast.

Voor- en nadelen van Communicatief taalonderwijs


Communicatief taalonderwijs (CLT) kent veel positieve kanten. Studenten ‘kunnen’ al snel ‘iets’ in de te leren taal; deze methode van leren is functioneel en studentgericht. Vanwege het gebruik van authentieke materialen, leren studenten de woorden die voor hen nodig zijn. De methode is efficiënt. Voor de student werkt dit stimulerend omdat hij of zij gauw succeservaringen heeft. Fouten maken mag; al doende wordt de vaardigheid geleerd en geperfectioneerd. Een nadeel van de communicatieve benadering is dat er veel minder aandacht wordt geschonken voor grammatica, vocabulaire dat niet meteen toepasbaar is en uitspraak. De voorbereiding en planning vragen veel tijd van de taaltrainer en vereist een actieve deelname van de studenten. Deze manier van leren is voor bepaalde lerenden afwijkend of lastig, afhankelijk wat voor achtergrond zij hebben. Communicatief taalonderwijs (CLT) (communicatief taalonderwijs) draait om het trainen van taalvaardigheden; daarbij gaat het vooral om de functie en minder om de vorm en CLT biedt geen echt samenhangend geheel.

Grammatica-/vertaalmethode (GVM) (Engels: Grammar-Translation Method; GTM)


Bedacht door wie en wanneer


In de 18de en de 19de eeuw was taalonderwijs vooral op praktisch taalgebruik gefocust. Er word geleerd om gebruiksklare zinnen, idiomatische uitdrukkingen, dialogen, woordenlijsten enzovoort na te spreken, uit het hoofd te leren en daarna vervolgens op te zeggen. Dit werd anders gedaan door docent Frans en Italiaans uit Duitsland en eveneens leerboekenschrijver; Johann Valentin Meidinger. Omstreeks het jaar 1783 ontwikkelde Meidinger een leermethode waarin de grammatica in het middelpunt stond. Meidinger wordt als de grondlegger van de grammatica-vertaalmethode (In het Engels: Grammar-Translation Method, afgekort GTM) gezien.

Kenmerken van de Grammatica-/vertaalmethode (GVM)


Deze methode was op het onderwijs in het Latijn gebaseerd, wat de taal van wetenschap, cultuur en religie was. Dit onderwijs in het Latijn was uiteraard gericht op geschreven teksten van klassieke schrijvers en volledig gericht op de grammatica en het vertalen. Deze aanpak werd als degelijk en wetenschappelijk beschouwd. De Grammatica-/vertaalmethode (GVM) gaat van de analyse uit van taalstructuren en taalvormen waarbij de lerende inzicht ontwikkelt. Bij deze methode zijn de lees- en schrijfvaardigheid dus belangrijk. Literatuur, vertalen en uit het hoofd leren van woordenlijsten in de vreemde taal hebben de nadruk. De taaltrainer draagt kennis over, de lerenden memoriseren.

Populariteit


Al sinds halverwege de negentiende eeuw was ook tegengeluid te horen. Desondanks is de grammatica-/vertaalmethode tot recente datum van grote invloed geweest op het taalonderwijs.

Voor- en nadelen van de Grammatica-/vertaalmethode


Aan personen die het een uitdaging vinden om dingen uit het hoofd te leren, vormt deze grammatica-/vertaalmethode vormt een aardige mentale training. Deze methode biedt ook inzicht in de structuur, omdat de nadruk wordt gelegd op de grammatica.

Er zijn echter meer nadelen dan voordelen. Het grootste nadeel is dat de luister- en spreekvaardigheid ver achterblijft, waardoor de taal zelfs na jaren studeren weinig mondeling toegepast kan worden. Deze methode staat ver af van het dagelijks gebruik van de te leren taal, ook in de context die wordt aangeboden, omdat het meestal gaat om literair taalgebruik. De methode geeft niet de mogelijkheid tot differentiatie of tot een eigen creatief proces voor lerenden voor het werken in een groep. Lerenden zijn slechts toehoorders en uitvoerders.

Onderdompeling (Engels: immersion)


Bedacht door wie en wanneer


De leermethode ‘Onderdompeling’ (In het Engels: language immersion of alleen immersion) wordt wereldwijd toegepast sinds de jaren 70, voornamelijk op middelbare scholen waarbij een schoolvak (bijvoorbeeld het vak wiskunde) in de vreemde taal wordt gegeven. In Nederland is ‘onderdompeling’ bekend als de leermethode die bij Taleninstituut Regina Coeli in Brabant, ‘de nonnen van Vught’ gebruikt wordt. De methode is daar ontstaan in 1963 met Franse nonnen die Franse taalles onderwezen aan rijke dames uit Vught en omgeving.

Kenmerken van onderdompeling


Onderdompeling behelst dat degenen die de taal leren, vanaf het eerste moment wordt omgeven door de nieuwe taal. Alle instructies vinden plaats in de doeltaal; in het begin langzaam en met veel herhaling, later op een natuurlijkere manier. De studenten worden ook uitgedaagd vanaf het begin om in de nieuwe taal te spreken. Bij onderdompeling gewerkt met simulaties en rollenspellen. De omgeving op onderwijsinstellingen die met onderdompeling werken, wordt vaak ingericht in de stijl van de doeltaal om een situatie te creëren alsof studenten in het land zijn waar die taal wordt gesproken. Lerenden oefenen één-op-één of in een klein groepje met spreken. Naar het land van de te leren taal gaan en daar verblijven in een gastgezin, is een andere wijze om een taal te leren door middel van onderdompeling.

Populariteit


De methode van onderdompeling wordt als een uitstekende methode om een vreemde taal te leren gezien. Vooral de mondelinge taalvaardigheid kan zeer goed worden ontwikkeld op deze wijze.

Voor- en nadelen van onderdompeling


Doordat de methode vrij intensief is, is het grote voordeel dat deze methode snel resultaten laat zien. Het is een kwestie van ‘sink or swim’, de lerenden moeten daadwerkelijk in de nieuwe taal gaan communiceren omdat zij erdoor worden omgeven. De lerende is feitelijk 24 uur per dag aan het leren. Het samen oefenen in groepen versterkt de sociale interactie. Studenten ervaren dat als motiverend.

Een minpunt van de methode is dat het bereikte resultaat niet altijd vastgehouden wordt. Als studenten in een vrij korte tijd een nieuwe taal leren, door in het land waar de doeltaal wordt gesproken, te zijn of door in een kunstmatig gecreëerde omgeving te zijn ondergedompeld, maar vervolgens weer tot de orde van de dag overgaan, is de kans groot dat het nieuw geleerde snel wegzakt. Een ander minpunt kan zijn dat een dergelijke training erg intensief is. Niet alle studenten hebben de conditie om deze leermethode vol te houden.

Suggestopedie (Suggestopedia)


Bedacht door wie en wanneer


Suggestopedia is een methode om taal te leren die uit de jaren 70 van de vorige eeuw stamt. De leermethode is ontwikkeld door de Bulgaarse psychotherapeut Georgi Lozanov.

Kenmerken van Suggestopedie


Zoals de naam al doet vermoeden, is De methode van Suggestopedia op de kracht van de suggestie gebaseerd. Positieve suggestie is volgens Georgi Lozanov een voorwaarde om te leren. Een ontspannen sfeer alsook een wederzijds vertrouwen tussen de lerenden en de docent zijn daarvoor van essentiële betekenis. Dat de studenten zich ontspannen en veilig voelen, is de voorwaarde. Om dit te bewerkstelligen, was een leslokaal met een rijopstelling niet geschikt. Tijdens de lessen zaten lerenden in comfortabele stoelen die in een halve cirkel waren opgesteld en er was altijd achtergrondmuziek in de klas. De methodiek die Lozanov voorstond, bestond uit teksten voorlezen, terwijl op de achtergrond klassieke muziek werd gespeeld of natuurgeluiden te horen waren. Bij deze teksten waren lijsten met woorden alsook opmerkingen over de grammatica. Het voorlezen werd gedaan met gebaren en veel expressie in stem. De lerenden werden zo uitgenodigd om te luisteren en ze konden de woorden die nieuw waren, gemakkelijk begrijpen en opnemen. In de lessen werd veel aandacht besteed voor cultuur en kennis over het land van de doeltaal. Er werd met rollenspellen gewerkt en er werden bijvoorbeeld eveneens streekgerechten gemaakt en gegeten.

Populariteit


De leermethode van Georgi Lozanov was enigszins omstreden en is niet erg bekend meer. Sommige elementen van de leermethode worden nog steeds gebruikt, zoals het toepassen van stemexpressies en het maken van gebaren bij het lezen van teksten.

Voor- en nadelen van Suggestopedie


Suggestopedie creëert een ontspannen en veilige sfeer in de les. Hierdoor hebben lerendne geen hinder zullen van frustratie of faalangst. Deze sfeer kan voor een immigrant bijdragen aan een positieve associatie met het nieuwe thuisland. Muziek werkt vaak motiverend en draagt bij aan betere leerprestaties. Een ander pluspunt van de leermethode is dat de student gestimuleerd wordt om zich in te leven in de situaties en actief mee te doen. Dit is voor sommigen een nieuwe ervaring. Tegelijk vormt dit voor sommigen een nadeel, omdat niet iedereen hiertoe in staat is. Ook kan muziek bij sommige studenten eerder afleiden en verstorend zijn in tegenstelling tot ontspannend of stimulerend. Een andere zwakke zijde is dat de verhouding taaltrainer-student niet gelijkwaardig is; alle inbreng komt van de zijde van de taaltrainer en de studenten zijn steeds de ontvangende partij.

Community Language Learning (CLL)


Bedacht door wie en wanneer


In het jaar 1976 ontwikkelde de Amerikaanse priester en psycholoog Charles Curran Community Language Learning, ook wel Counseling Language Learning
(CLL) geheten.

Kenmerken van Community Language Learning (CLL)


Community Language Learning is een methode om een taal te leren waarbij de studenten samenwerken om te bepalen welke aspecten van de vreemde taal zij willen leren. De CLL methode baseert zich op de counseling-benadering waarbij de taaldocent als een counselor fungeert die de zinnen van de student omschrijft. De studenten beginnen het gesprek. Zij spreken in de moedertaal als de studenten de doeltaal nog niet genoeg machtig zijn. De docent vertaalt en legt uit. Hierna herhalen de lerenden de uitingen van de docent zo nauwkeurig mogelijk. Deze gesprekken worden opgenomen om nadien te kunnen herbeluisteren.

De methode stimuleert gemeenschapsgevoel in de leergroep en beschouwt de interactie tussen de studenten onderling als middel om de vreemde taal te leren. Er is geen leerboek dat wordt gebruikt; de lerenden bepalen zelf de lesstof door middel van zinvolle gesprekken.

Populariteit


Het slagen van CLL is sterk afhankelijk van de expertise van de docent-counselor. Bij deze methode dient de docent zowel sociaal-cultureel kundig als taalkundig te zijn. Deze trainer dient zowel de doeltaal als de moedertaal van de lerende uitstekend te beheersen om de taaluitingen van de lerende te kunnen vertalen. De methode kan prima functioneren als deze correct gebruikt wordt. Deze methode is niet bruikbaar voor grote klassen.

Voor- en nadelen van Community Language Learning


Deze methode biedt voor studenten een hoge mate van autonomie. Het analyseren van hun eigen gesprekken vinden lerenden vaak nuttig. De groep wordt vaak heel hecht, niet alleen tijdens de lessen, maar eveneens buiten de lessen. Met deze methode worden lerenden zich veel meer bewust van de groepsgenoten, de sterke en zwakke punten en leren te werken als een team. Studenten leren veel door het bespreken door de fouten en het evalueren van de taallessen. Vaak blijven zulke correcties in het geheugen gegrift en worden onderdeel van het actieve vocabulaire van de student.

Het kan een keerzijde zijn dat de trainer niet sturend is, terwijl sommige lerenden wel sturing nodig hebben. Bij CLL wordt geen leerboek gebruikt en er worden eveneens geen toetsen afgenomen. Het succes van de lessen is daardoor moeilijk meetbaar. Sommige studenten worden in hun spreken belemmerd wanneer zij opgenomen worden.

Lexicografische benadering (Engels: Dynamic Lexicographic Approach; DLA)


Bedacht door wie en wanneer


De Lexicografische benadering (Engelse naam: Lexical Approach; LA) is een methode om vreemde talen te leren die door Michael Lewis is ontwikkeld in het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw.

Kenmerken van de Lexicografische benadering (DLA)


Deze lexicografische benadering gaat uit van het idee dat een belangrijk deel van het leren van een vreemde taal bestaat uit het begrijpen en produceren van zogenaamde ‘lexicale eenheden’, brokjes taal die bestaan uit woorden, woordcombinaties alsook uitdrukkingen. Lerenden verwerven al doende inzicht in de patronen van de taal (grammatica) en betekenisvolle groepen woorden. Zo wordt geleerd de vreemde taal ‘in het echt’ gebruikt wordt. In deze benadering neemt de woordenschat een grotere plaats in dan de grammatica. Instructies zijn gericht op situaties en uitdrukkingen die vaak in dialoog voorkomen. Voor interactie is aandacht maar eveneens voor i>exposure; voor de receptieve vaardigheden van de lerende (luisteren/begrijpen, lezen/begrijpen). Voor het zelf ontdekken van de taal door de student wordt veel ruimte gegeven.

De taak van de taaldocent is te zorgen voor voldoende input en het faciliteren van het leerproces van de lerende.

Populariteit


In de afgelopen dertig jaar zijn door de ideeën over taal van (onder meer) Michael Lewis lesboeken aanmerkelijk anders geworden. Er wordt veel meer aandacht geschonken aan de woordenschat die in chunks aangeboden wordt, in betekenisvolle brokjes. Iets waarnaar Michael Lewis streefde; de ingrijpende omwenteling in de wijze waarop talen worden onderwezen, bleef echter uit.

Voor- en nadelen van de Lexicografische benadering


Door met ‘chunks’ (brokjes van de taal) te werken; met ‘echte’ taal, leren studenten de taal op een natuurlijke wijze te gebruiken. Dit zorgt voor souplesse in het taalgebruik.

Het nadeel is dat de werkelijkheid altijd weer afwijkend is van de geleerde taalsituaties. Met het zelf leren herkennen van de patronen van de vreemde taal hebben sommige lerenden moeite en zij hebben meer aan een trainer die hen de weg wijst, dan aan een docent-facilitator.

Series Method


Bedacht door wie en wanneer


De Series method, ofwel ‘seriemethode van taalverwerving’ (Frans: La Méthode naturelle) is ontwikkeld door de Franse leraar François Gouin in 1880.

Kenmerken van de Series Method


Een serie verbonden zinnen die gemakkelijk te begrijpen zijn en weinig kennis van grammatica van de doeltaal vereisen, is het uitgangspunt van de seriemethode (The Series Method of language acquisition) van Gouin. Studenten leren zinnen op basis van een actie, bijvoorbeeld het huis verlaten in de volgorde waarin deze actie zou worden uitgevoerd. Deze reeksen of series gingen over onderwerpen als mens in de samenleving, leven in de natuur, beroep en wetenschap, vanuit het onderscheid tussen objectief, subjectief en figuurlijk gebruik van de taal ontwikkeld. De leermethode van Gouin maakt geen gebruik van moedertaal. Het betreft een soort eentalige methode, die niet uitgaat van ‘vertalen’ en ‘uitleggen’ maar van ‘demonstreren’ en ‘handelen’. Hierdoor gaan studenten vanzelf snel in de doeltaal denken.

Populariteit


De principes van François Gouin over taal waren hun tijd ver vooruit. Ondanks dat het een ongebruikelijke aanpak was, was de seriemethode van François Gouin toch enige tijd succesvol. Deze methode werd echter door Maximilian Berlitz’ Directe Methode overschaduwd.

Voor- en nadelen van de Series Method


François Gouin’s Seriemethode ontwikkelt sterk de mondelinge vaardigheden van de student en de methode creëert een natuurlijke, harmonieuze en gelijkwaardige sfeer in de les.

De taalmethodiek garandeert een levendige manier van lesgeven. Dit type taalonderwijs wekt het enthousiasme bij de studenten op door gebruik te maken van visuele leermiddelen, bijvoorbeeld afbeeldingen, grafieken, en dergelijke. Een nieuwe taal leren wordt tastbaar; dit was iets dat volledig nieuw was. Lerenden worden nieuwsgierig, dit werkt goed om het leergeheugen te ontwikkelen, prestatiedruk te verlagen alsook het zelfvertrouwen te verbeteren. De communicatieve taalvaardigheid van de lerende wordt met de methode sterk gestimuleerd.

De seriemethode van Gouin heeft echter als nadeel dat taal die iets subjectiever of abstracter wordt, wat moeilijk met bewegingen en expressies in één concrete ervaring kan worden gevangen. De bewerkelijkheid voor de trainer, die immers een hele reeks aan series dient voor te bereiden, is een ander minpunt. Als derde punt focust de Gouin-seriemethode vooral op het mondelinge taalgebruik, terwijl het reguliere onderwijssysteem nog meestal draait om examens voor het toetsen van de competentie van lezen en schrijven.

Task-Based Language Teaching (TBLT)


Bedacht door wie en wanneer


Taakgericht taalonderwijs (Engels: Task-Based Language Teaching) is ontwikkeld in de jaren 80 van de vorige eeuw. De grondleggers van deze leermethode waren de Indiase taalkundige professor N.S. Prabhu, de Amerikaanse hoogleraar Teresa P. Pica en de Britse hoogleraren Graham Crookes en Michael H. Long.

Kenmerken van de Task-Based Language Teaching (TBLT)


Het taakgericht taalonderwijs past binnen het Communicatief Taalonderwijs/een Communicatieve Benadering. De denkwijze achter de methode is dat de verwerving van de taal geen doel op zich is, maar een middel om bepaalde taken uit te voeren. Lerenden krijgen motiverende taken aangeboden. Hiervoor is kennis van de vreemde taal vereist. Om deze taken goed uit te voeren, is het nodig dat ze over woordenschat en taalregels van de doeltaal beschikken. De taken zijn alledaagse taken, zoals een boodschap doen, een e-mail schrijven, een drankje bestellen, met de klantenservice bellen of een krant lezen. De taak wordt in drie fasen verdeeld: vóór, tijdens en na de taak, waarbij de student zich eerst voorbereidt op de taak, de taak vervolgens uitvoert en tot slot op de taak terugblikt. De lerenden moeten samenwerken om de opdrachten uit te voeren. Om leereffect te hebben, moeten de taken net boven het kennisniveau van de lerende liggen.

Populariteit


Vanaf het begin van de jaren 90 is taakgericht onderwijs erg populair geworden, zeker in het taalonderwijs. Het lijkt de meest praktisch bruikbare vorm te zijn om de taalvaardigheden bij de studenten (hoofdzakelijk de studenten in een achterstandspositie) in het lager en secundair onderwijs te verbeteren.

Voor- en nadelen van Task-Based Language Teaching


Taakgericht taalonderwijs heeft duidelijke voordelen. Het taakgericht taalonderwijs is een activerende manier van werken, waarbij de studenten worden uitgedaagd om hun vaardigheden te gaan gebruiken. Het is een op de persoon gerichte, relevante en efficiënte aanpak, zolang de taak goed aansluit bij de lerende. De studenten komen op een natuurlijke, dagelijkse manier in aanraking met de taal en leren zo authentieke woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen in de doeltaal. Daarnaast leren studenten om met andere studenten samen te werken. Lerenden ervaren taakgericht taalonderwijs als motiverend en prettig.

Als nadeel kan worden gezien dat de communicatie voorop staat en niet de correcte vorm, waardoor lerenden die niet heel nauwkeurig leren.

De Dogme benadering (Engels: Dogme Language Teaching; Dogme ELT)


Bedacht door wie en wanneer


Scott Thornbury; een Nieuw-Zeelandse linguïst en docententrainer op het gebied van taalonderwijs Engels ontwikkelde Dogme Language Teaching/Dogme ELT (ook wel de ‘Dogmabenadering’ genoemd) in het jaar 2000.

Kenmerken van de Dogme benadering (ELT)


De inspiratie voor Dogme Language Teaching (DLT) was ‘Dogme 95’; de stroming van een groep filmmakers uit Denemarken waaronder Deense filmregisseur Lars von Trier uit het jaar 1995. Bij het maken van films confirmeren de deelnemers zich aan 10 strikte regels (10 dogma’s). Deze 10 regels behelzen samen ‘de eed van zuiverheid’ (Deens: kyskhedsløfter; Engels: Vows of Chastity). Iets dergelijks is bij het Dogme-taalonderwijs aan de hand. De aanhangers van deze methode streven naar een vorm van communicatief onderwijs van vreemde talen die onbelast is door enig voorgedrukt materiaal. Het starten van inhoudelijke conversaties over praktische onderwerpen is het oogmerk van de Dogme-methode. Bij deze methode gaat het om communicatie als de inspirator van het leren. Daarom is deze leermethode een communicatieve aanpak voor taalonderwijs. Deze methode wil onderwijs bieden zonder het gebruik van leerboeken of ander lesmateriaal en zich in plaats daarvan focust op communicatie tussen trainer en studenten. Het Dogme-taalonderwijs kent tien uitgangspunten (dogma’s), net als de Dogme-beweging van de filmmakers.

Populariteit


Ondanks dat onderzoek naar het succes van Dogme beperkt is, stelt Thornbury dat de overeenkomsten met taakgericht leren van een taal suggereren dat Dogme waarschijnlijk voor vergelijkbare resultaten zorgt.

Voor- en nadelen van de Dogme benadering


Een pluspunt voor taaldocenten is dat voorbereiding vrijwel niet is vereist. Het kan heel motiverend werken dat de studenten voor het eigen leerproces verantwoordelijk zijn. Voorspelbaar zijn de taallessen zo nooit. Het zorgt voor spontane communicatie en voorkomt verveling. Bijna elk item kan aan bod komen in een les volgens de Dogme-benadering. Op deze manier blijven de studenten alert en betrokken.

Als studenten zo weinig door de docent begeleid worden, kunnen ze zich echter iets ongemakkelijk voelen. Voor dit type van onderwijs zijn ook niet alle docenten voldoende flexibel. Een ander minpunt kan zijn dat lerenden zich vaak op een bepaald examen moeten voorbereiden, terwijl het niet zeker is dat de hiervoor benodigde lesstof hiervoor in de lessen aan bod komt.

Growing Participator Approach (GPA)


Bedacht door wie en wanneer


The Growing Participator Approach (GPA) is ontwikkeld door Language consultants Greg en Angela Thomson in 2007.

Kenmerken van de Growing Participator Approach (GPA)


Deze GPA-benadering is een alternatieve kijk op het verwerven van een vreemde taal. Het primaire uitgangspunt van de GPA is dat taal en cultuur niet los van elkaar staan. Bij GPA gaat het om veel meer dan alleen het verwerven van de taal; het uiteindelijke doel is uitgroeien tot een volwaardige deelnemer aan het leven in de gastcultuur. Daarom hanteert GPA de benamingen ‘groeiende deelnemer’ in plaats van ‘taallerende’ en ‘verzorger’ in plaats van ‘leraar of docent’. De GPA-benadering vertoont gelijkenissen met, en is ook gedeeltelijk gebaseerd op, de Natural Approach (natuurlijke aanpak) van Stephen Krashen en Tracy Terrell.

De methode kent zes fasen van activiteiten. De lerende met een verzorger uit de gastcultuur voeren deze activiteiten uit. Begrip is belangrijker dan productiviteit. De nadruk ligt op de woordenschat en de cultuur. Fase 1 van de methode is de hier-en-nu-fase. Deze fase neemt ongeveer 100 uur in beslag. In fase 1 focust de ‘groeiende deelnemer’ zich op het luisteren en het non-verbale feedback geven.

Fase 2 van de zogenaamde leermethode is de zogenaamde verhaalopbouwfase. Deze fase neemt ongeveer 150 uur in beslag en de deelnemer begint de taal nu ook te produceren. In fase 3 van de leermethode ligt de nadruk op ‘gedeelde verhalen’. Dit zijn verhalen over dagelijkse gebeurtenissen, verhalen die worden gedeeld tussen culturen alsook verhalen over gedeelde ervaringen. Fase 4 van de methode van de leermethode is de fase van het ‘diepe delen’. Nu beginnen de deelnemer en de verzorger meer diepgaande gesprekken te voeren over het leven in de ontvangende cultuur. In fase 5 van de methode beginnen de deelnemers zich op het taalgebruik van de moedertaalsprekers te richten aan de hand van televisie, films, nieuws of literatuur. De taal die voor het werk van de deelnemer nodig is, wordt ook geleerd. Fase 6 is de zogenaamde ‘zelfvoorzienende groeifase’. Deze fase heeft geen eindpunt. Het gaat het hierbij om de groei buiten de formele taalsessies om.

Populariteit


Omdat de leermethode van Thomson nog tamelijk nieuw is, is nog vrij weinig bekend over het succes ervan. Deelnemende studenten zijn enthousiast over de leermethode.

Voor- en nadelen van de Growing Participator Approach


De GPA-benadering biedt een goede doorkijk op het proces van taalverwerving. Deze zes fasen van GPA bieden een duidelijk tijdsschema alsook realistische doelen. Er wordt door de lerende niet alleen kennis verworven van de taal, maar ook van de omgeving en de lerenden verwerven eveneens een nieuw sociaal netwerk.

Een keerzijde van deze leermethode is dat voor iedere deelnemer of minimaal iedere kleine groep deelnemers een ‘verzorger’ gevonden moet worden die bereid is om veel tijd te investeren.

Shadowing Technique


Bedacht door wie en wanneer


De Shadowing technique of kortweg Shadowing (‘schaduwen’) is bedacht door Alexander Argüelles; een Amerikaanse taalkundige en polyglot in de vroege jaren 2000.

Kenmerken van de Shadowing Technique


Shadowing is een methode die taallerenden zelfstandig kunnen toepassen om de intonatie en uitspraak te verbeteren en vloeiendheid in het spreken te verwerven. De methode is eenvoudig: de student luistert naar een audio-opname, bij voorkeur een dialoog en herhaalt wat hij of zij hoort. Het gaat in de eerste plaats om de klank; de tekst begrijpen is niet van belang. Het luisteren en daarna herhalen wordt net zo veel geoefend totdat dit heel gemakkelijk gaat en de lerende simultaan kan spreken met de opname. De student gebruikt na enige tijd een transcript om te kunnen lezen (en te begrijpen) wat hij of zij heeft uitgesproken. Diverse leerboeken zijn geschikt voor deze methode, zolang deze boeken dialogen bevatten of stukken samenhangende teksten. De audio-opname dient idealiter wat boven het niveau van de lerenden te zijn. De ideale lengte van een audio-opname is ongeveer één pagina, zonder kunstmatige pauzes en op een natuurlijke snelheid. Doordat lichamelijke beweging de opname van de te leren taal in het zenuwstelsel versterkt, doet Argüelles de aanbeveling om te gaan lopen tijdens het spreken, het liefst buiten, en niet te gaan zitten. Een bijkomende reden is dat de studenten minder gauw afgeleid worden als zij bewegen, waardoor het werken aan de taal aanzienlijk effectiever wordt.

Shadowing vertoont veel overeenkomsten met de audiolinguale methode uit de twintigste eeuw, maar het verschil is dat de audiolinguale methode gebruikmaakte van grammaticale drills in plaats van dialoog of samenhangende tekst. Bij Shadowing is eveneens het simultaan spreken anders.

Populariteit


Er is veel onderzoek gedaan de afgelopen jaren naar Shadowing dat aantoont dat de techniek zowel de uitspraak als de luistervaardigheid sterk verbetert. Maar eveneens het algemene begrip van de nieuwe taal wordt vergroot.

Voor- en nadelen van de Shadowing Technique


Shadowing heeft als praktisch pluspunt dat het kan worden toegepast in een groep van studenten, waarbij iedere deelnemer individueel actief leert. Het rendement van de Shadowing-methode is hoog.

De techniek heeft als nadeel is dat de lerenden het soms wat saai vinden om dezelfde tekst steeds te blijven herhalen. De keuze van de teksten is dus erg belangrijk.

Total Physical Response (TPR®)


Bedacht door wie en wanneer


De Amerikaanse psycholoog James Asher ontwikkelde de taalverwervingsmethode Total Physical Response, ook wel TPR® genoemd, in de jaren zestig van de vorige eeuw.

Kenmerken van Total Physical Response (TPR®)


TPR® is een taalleermethode die op het principe is gebaseerd dat mensen leren met behulp van beweging en handelingen. Men leert door te doen, en wel op de manier zoals een kind zijn moedertaal leert. Ouders geven continu taken aan hun (jonge) kinderen en belonen hen als ze die uitvoeren (“kijk naar mama”, “goed zo”). “Pak de lepel”, “Mooi!”, “Trek je schoenen maar aan”, enz.). Het is in eerste instantie de bedoeling dat het kind begrijpt wat de ouder zegt, het kind gaat in een later stadium verbaal reageren. Dus de luistervaardigheid vormt de basis, daarna volgt de spreekvaardigheid.

TPR® past deze grondslagen van de moedertaalverwerving versneld toe bij het leren van een vreemde taal. De taaltrainer geeft op een vriendelijke en begrijpelijke manier taken, bijvoorbeeld: “pak het boek” en doet zelf de taken voor; de studenten doen na. In het begin wordt nog niet van de studenten verwacht dat ze praten; de studenten geven in een later stadium de opdrachten. Bekende opdrachten worden verder uitgebreid of deels gewijzigd.

TPR® appelleert aan beide hersenhelften door de combinatie van bewegingen en spraak. Op deze manier kost het minder moeite om dingen te leren en het geleerde beklijft ook beter.

Populariteit


De methode van TPR® wordt vooral gebruikt binnen het NT2-onderwijs (Nederlands als tweede taal), zeker bij beginners en ook wel bij Engels taalonderwijs op de basisschool. Maar middelbare scholieren of volwassenen werken ook met veel plezier met de methode van Total Physical Response en behalen goede resultaten.

Voor- en nadelen van Total Physical Response


TPR® heeft veel voordelen. Doordat studenten veel begrijpelijke inbreng in ‘chunks’ krijgen aangeboden (woorden die bij elkaar horen), krijgen zij snel begrip van de nieuwe taal. De leermethode zorgt voor een snelle succeservaring. Dit bevordert het plezier in het leren van de nieuwe taal. Het zorgt een stressvrij leerproces. In principe is de methode van TPR® geschikt voor elk type doelgroep, ongeacht leeftijd of achtergrond en kan de methodiek eveneens in grotere klassen toegepast worden. De taal wordt direct opgeslagen in het langetermijngeheugen.

Het feit dat niet elke taaluiting in TPR®-taken is uit te drukken, is de keerzijde van TPR®. Dit is de reden dat de leermethode tot op een zeker taalniveau werkt en een andere leermethode nodig is als aanvulling. Ook is de leermethodiek niet heel creatief. De studenten leren niet om ideeën, gevoelens en meningen te uiten.

De Directe Methode (Engels: Direct Method; DM)


Bedacht door wie en wanneer


Eind jaren 80 van de negentiende eeuw bedacht de Duits-Amerikaanse linguïst Maximilian Delphinius Berlitz (geboren als David Berlizheimer) de Directe Methode. Deze methode wordt ook wel ‘de natuurlijke benadering’ genoemd. Deze methode is als antwoord op de dominante grammatica-vertaalmethode ontwikkeld.

Kenmerken van de Directe Methode (DM)


Er was een Reformbeweging omstreeks 1900 met nieuwe visies over talen leren dat zelfontdekkend en inductief diende te zijn. Die Reformbeweging betrof overigens niet alleen het leren van een taal, maar eveneens voeding, natuurgeneeskunde, kleding en naturisme. Omstreeks 1900 streefden de mensen, net zoals in de jaren 60 van de vorige eeuw, naar meer natuurlijke leefwijzen en een bevrijding van keurslijven. In het taalonderwijs kwam veel aandacht voor de gesproken, ‘levende’ taal. Hierbij werd de grammatica eerder inductief onderwezen, met behulp van voorbeeldzinnen. Door de studenten moesten de taalregels hieruit afgeleid worden. Veel mondelinge oefeningen en met veel aandacht kwamen er voor de uitspraak van de taal. Lerenden werden gestimuleerd veel te spreken. Dat de taallessen in de doeltaal werden gegeven, was eveneens nieuw. In de les werd nadrukkelijk niet vertaald. Het aanleren van de woordenschat van de doeltaal werd gedaan door middel van plaatjes en voorbeelden. Abstracte vocabulaire werd door studenten aangeboden om ideeën te laten associëren.

Populariteit


Deels door invloeden van de oorlogen en crises ebde de vernieuwingsgolf van begin twintigste eeuw weg, om in de jaren 60 weer een andere vorm te krijgen.

Met (een moderne vorm van) de Directe Methode wordt nog altijd door taleninstituten zoals Interlingua en Berlitz gewerkt.

Voor- en nadelen van de Directe Methode


Het grote pluspunt van de Directe Methode is dat deze methode een vrij natuurlijke manier is om een taal te leren. Bij de Directe Methode wordt veel aandacht besteed aan luisteren en spreken, waardoor de lerenden vloeiendheid in de taal en zelfvertrouwen ontwikkelen. Aan de Direct Methode kleven echter ook minpunten. Voor de schrijfvaardigheid is bij deze methode nauwelijks aandacht en voor lezen in de doeltaal ook minder. De methode biedt te weinig uitdaging voor lerenden die verder meer gevorderd zijn. De Directe Methode is ook niet heel bruikbaar voor minder snel lerende studenten, doordat deze leermethode een daadkrachtige inzet door de student verwacht.

De Manesca-methode (Engels: Manesca Method)


Bedacht door wie en wanneer


Jean Manesca publiceerde in 1835 An Oral System of Teaching Living Languages Illustrated by a Practical Course of Lessons in the French through the Medium of the English (“Een mondelinge methode voor het onderwijzen van levende talen, aan de hand van een praktische cursus Frans door middel van het Engels”). An oral system of teaching living languages ging in herdruk in 2015.

Kenmerken van de Manesca-methode


De Manesca-methode is gebaseerd op hetzelfde principe als de ‘natuurlijke aanpak’ (Natural Approach): de beste manier om een taal te leren, is die waarop een kind zijn moedertaal leert. Een vreemde taal leren moet gemakkelijk en veilig zijn. Manesca wil om die reden niet met abstracte lijstjes en regels met woorden werken die uit het hoofd geleerd dienen te worden.

De Manesca-methode geldt als de oudste, bekende, volledige taalcursus. De Manesca-methode is gebaseerd op het werken met een groep studenten en een taaltrainer, die maar één woord tegelijk introduceert. Er hoort een bepaalde beweging bij ieder woord. De lerenden herhalen vervolgens afzonderlijk het woord en de bijbehorende beweging. Door deze herhaling onthouden de studenten deze woorden, zonder dat uit het hoofd geleerd hoeft te worden. Stap voor stap vormen de woorden zinnen en vervolgens variaties op deze zinnen. De spelling wordt aangeboden in een later stadium met leesteksten.

De Manesca-methode is reeds enkele jaren later door grammaticaschrijver en taaldocent de Duitse grammaticaschrijver en taaldocent Heinrich Gottfried Ollendorff overgenomen en aangepast en staat dan ook wel bekend als de Ollendorff-methode.

Populariteit


Manesca is twee jaar na publicatie van zijn leermethode overleden. Het werk van Jean Manesca is overgenomen en aangepast door anderen, onder meer door Ollendorff. Veel van de ideeën van Jean Manesca zijn actueel en worden nog altijd in het moderne vreemdetalenonderwijs gebruikt.

Voor- en nadelen van de Manesca-methode


Het pluspunt van de Manesca of Ollendorff-leermethode geldt als de combinatie van spreken en bewegen, waardoor het fysieke geheugen wordt aangesproken en de geleerde stof gemakkelijker en langduriger door de lerende wordt onthouden. Wat daar ook aan bijdraagt, is het veelvuldige herhalen. Dat dit wat saai kan worden om dezelfde woordjes en zinnetjes te blijven herhalen, kan door studenten als een minpunt worden gezien.

Silent Way


Bedacht door wie en wanneer


The Silent way (‘de stille manier’) is ontwikkeld in 1963 door de Egyptenaar Caleb Gattegno.

Kenmerken van de Silent Way


De stille manier is een manier om vreemde talen te leren die stilte gebruikt als instructiemiddel. De autonomie van de lerenden en hun actieve deelname is het uitgangspunt van Gattegno’s methode.

De taaldocenten gebruiken een combinatie van gebaren en stilte om de aandacht van de lerende te trekken, reacties te krijgen en de lerende aan te moedigen om foutjes te corrigeren. Veel tijd wordt aan de uitspraak van de taal besteed.

Caleb Gattegno, die wiskundige was, vond het van belang om taalles te geven door middel van een methode die efficiënt was voor de voorraad energie van de lerenden. Hij ontdekte dat het relatief weinig energie kost om een visueel of auditief beeld te onthouden, veel minder energie dan wanneer studenten proberen iets uit het hoofd te leren. Caleb Gattegno verklaarde dat de trainers niet zozeer dienen te streven naar kennisoverdracht, maar bewustzijn dienen aan te spreken, want alleen bewustzijn maakt het mogelijk om iets te kunnen leren.

Eén van de hulpmiddelen waar The Silent Way gebruik van maakt, zijn blokken met verschillende kleuren (zogenaamde cuisenaire-staven) die voor diverse dingen kunnen worden gebruikt. De ‘de stille manier’ gebruikt ook Words in Colour. Words in Colour is een kleurenkaart voor klanken waarin elke kleur een specifieke klank van de taal vertegenwoordigt, gekleurde woordgrafieken om aan zinnen te werken en gekleurde grafieken die worden gebruikt voor het leren van de spelling.

Populariteit


Caleb Gattegno’s ideeën zijn van belang geweest, met name bij het leren van de uitspraak, hoewel The Silent Way in zijn originele vorm niet veel wordt toegepast.

Voor- en nadelen van de Silent Way


Dat de aanpak van Caleb Gattegno niet-bedreigend is voor lerenden, die immers als autonoom beschouwd worden, is het pluspunt van zijn methode. In feite is de taaltrainer dienstbaar aan de lerenden en niet omgekeerd. Met The Silent Way wordt het leren op een natuurlijke wijze gestimuleerd. Over het algemeen wordt het geleerde goed verwerkt en onthouden door de taallerenden een uitdaging te geven om nieuwe dingen te ontdekken. Fouten maken mag, wat helpt bij het leerproces.

Een minpunt van de methode kan zijn dat sommige studenten wat intensievere begeleiding nodig hebben dan de methode voorstaat. De lerenden kunnen gefrustreerd worden door het gebrek aan input van de trainer. Werken met kleuren en grafieken heeft als limiterende factor dat ‘het nieuwe’ er gauw af is, waardoor het effect kan verdwijnen.

TPR Storytelling


Bedacht door wie en wanneer


TPR Storytelling of ‘TPRS’ staat voor Teaching Proficiency through Reading and Storytelling. De methode van TPR Storytelling is ontwikkeld door Blaine Ray in 1990, een Amerikaanse docent Spaans, en komt uit de TPR-techniek (Total Physical Response) voort.

Kenmerken van TPR Storytelling


TPRS is een taalverwervingsmethode die gebruikmaakt van verhalen om een vreemde taal te leren. Het principe is natuurlijke taalverwerving: een taal leren zoals kinderen hun moedertaal leren. Om dit te bereiken, worden studenten aan een grote hoeveelheid begrijpelijke input blootgesteld. Door de trainer wordt een verhaal verteld waarin nieuwe woorden meerdere keren voorkomen. De verhalen zijn nooit te lang en interessant of humoristisch. Studenten ontspannen zich omdat deze verhalen relatief gemakkelijk te begrijpen zijn. Zo worden woorden en structuren vrijwel ongemerkt in het langetermijngeheugen van de lerenden opgeslagen. De docent wijst studenten op grammaticale verschijnselen van de doeltaal, zonder dat studenten regels van de nieuwe taal uit het hoofd leren.

De lerende zal na enige tijd ‘vanzelf’ beginnen te spreken en de grammaticale structuren imiteren. Dit is een natuurlijk proces. Een variant hierop is om samen met een groepje van studenten een verhaal op te bouwen. De docent schrijft bij deze methode eerst nieuwe woorden en structuren op een bord, met de vertaling erbij en daarna hiervan een verhaal te maken samen met de lerenden. Tot slot wordt het verhaal door de studenten naverteld. Lezen is een belangrijk onderdeel van TPR Storytelling, doordat dit voor input zorgt. Schrijven volgt daarna.

Populariteit


Er zijn veel onderzoeken gedaan die uitwijzen dat TPR Storytelling een succesvolle manier is om een taal te verwerven. Er zijn wel randvoorwaarden: de docent dient ervoor getraind te zijn en de setting dient geschikt te zijn.

Voor- en nadelen van TPR Storytelling


Het is een laagdrempelige wijze van taalverwerving en de geleerde stof wordt goed onthouden. TPRS spreekt eveneens de creatieve intelligentie aan; er is sprake van breinvriendelijk leren. Het is prettig voor studenten en het is relatief gemakkelijk om de aandacht erbij te houden. Zelf verhalen verzinnen, werkt heel motiverend voor lerenden.

Een nadeel is dat TPR Storytelling veel voorbereiding van de taaldocent vraagt.

COMMERCIËLE METHODES VOOR ZELFSTUDIE

De Rosetta Stone methode


Bedacht door wie en wanneer


De Rosetta Stone-leermethode is naar de zogenaamde de Steen van Rosetta vernoemd, een steen met een tekst in twee talen die in Egypte werd ontdekt, met behulp waarvan de hiërogliefen konden worden ontcijferd. Rosetta Stone is ook de naam van het softwarebedrijf dat de taalcursussen op de markt brengt. De eerste versie is uitgebracht in 1996.

Kenmerken van de Rosetta Stone methode


De Rosetta Stone cursus is een manier om vreemde talen te leren met behulp van een computer. Deze taalcursussen zijn beschikbaar in ruim dertig verschillende talen en ze zijn te volgen vanuit elk van deze talen.

De Rosetta Stone-methode is een zogenaamde communicatieve methode, die de manier imiteert waarop een kind de moedertaal leert. Dat houdt in ‘leren door middel van onderdompeling’, door veel te luisteren en na te spreken. Het programma gebruikt hier stemmen van native speakers (moedertaalsprekers) en foto’s voor voor het overbrengen van de betekenis van nieuwe woorden. De methode maakt gebruik van spraakherkenningsprogramma dat de uitspraak registreert en daar een schematische weergave van maakt. De gebruiker kan zo de uitspraak met die van een native speaker (moedertaalspreker) vergelijken. Door de voorbeeldspreker minder snel te laten spreken en vervolgens veel na te zeggen, kan de uitspraak worden verbeterd.

Er zijn dictee-oefeningen om de schrijfvaardigheden van de studenten te oefenen. De software van de methode controleert de grammatica en de spelling en wijst op fouten, waarbij optie is om de fouten van de studenten te verbeteren.

Het programma biedt ook leesteksten. Deze leesteksten gaan over dagelijkse onderwerpen, activiteiten en ideeën.

Populariteit


Rosetta Stone wordt veelvuldig gebruikt wereldwijd, ook door grote en bekende organisaties. Onder andere de NASA en het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse zaken gebruiken de methode van Rosetta Stone. In ons land wordt Rosetta Stone door enkele ministeries en veel universiteiten en hogescholen, alsook door een aantal internationaal opererende organisaties ingezet.

Voor- en nadelen van de Rosetta Stone methode


De Rosetta Stone-methode is zeer eenvoudig in het gebruik en kan op elk moment door de studenten worden gebruikt. De student bepaalt zelf welke onderdelen van de methode meer of wellicht minder aandacht kunnen gebruiken. Veel studenten vinden het prettig om met de leermethode te werken. Voor onderwijsinstellingen kan de methode van Rosetta Stone een oplossing bieden bij een gebrek aan docenten. Dat er geen taaldocent is die studenten motiveert of wat extra’s kan bieden, is een keerzijde van de methode.

De Pimsleur methode


Bedacht door wie en wanneer


De taalcursussen van Pimsleur zijn Amerikaans taalkundige Dr. Paul Pimsleur ontwikkeld. De eerste Pimsleur taalcursus was een cursus Grieks, die Paul Pimsleur in 1963 introduceerde.

Kenmerken van de Pimsleur methode


De Pimsleur-methode is een computerprogramma om nieuwe talen te leren.

Deze cursussen van Pimsleur bestaan uit zinnetjes en dialogen die nagesproken worden en weer herhaald worden. De zinnetjes zijn ingesproken door native speakers (moedertaalsprekers). De cursussen zijn gebaseerd op herhaling, anticipatie, woordenschat en weer herhaling. De lessen van de cursus bieden een audio-opname van 30 minuten die nieuwe vocabulaire en structuur bevat. De grammaticale structuur wordt niet uitgelegd maar door middel van uitbreiding van, en variaties op, de aangeboden zinnen.

Pimsleur deed onderzoeken naar het optimale interval waarmee kennis van het kortetermijngeheugen naar het langetermijngeheugen overgaat. Dit (gemiddelde) interval is in de taalcursussen van Pimsleur verwerkt.

Populariteit


De Pimsleur taalcursussen worden onder meer in Amerika gevolgd en de ervaringen met de methode lopen uiteen. In het algemeen zijn de lerenden tevreden over de aangeleerde uitspraak van de doeltaal.

Voor- en nadelen van de Pimsleur methode


Doordat de insprekers van de zinnen moedertaalsprekers (native speakers) zijn en op een natuurlijke manier spreken en in een normaal tempo, werkt de methode van Pimsleur erg goed als uitspraakverbeteraar.

Het minpunt van de leermethode van Pimsleur is dat er niets uitgelegd wordt. De student leert geen bouwstenen van de taal om zelf zinnen te maken, maar moet het met duizenden voorbeeldzinnen doen die uit het hoofd worden geleerd.

De Michel Thomas methode


Bedacht door wie en wanneer


De Michel-Thomas-methode is, niet geheel verrassend, bedacht door Michel Thomas (Poolse naam: Moniek Kroskof); een in Polen geboren genaturaliseerde Amerikaan. Hij ontwikkelde zijn methode in zijn eigen taleninstituut in Beverly Hills in Los Angeles, kort na de Tweede Wereldoorlog. Dit taleninstituut kan beroemdheden als Barbra Streisand, Emma Thompson, Diana Ross, Bob Dylan, Mel Gibson en Pierce Brosnan tot de klantenkring rekenen.

Kenmerken van de Micheal Thomas methode


Het principe van Michel Thomas was dat iemand alleen in staat is om te leren als diegene geen stress heeft. Hij maakte zijn lerenden duidelijk dat ze zich geen zorgen hoefden te maken dat ze iets zouden vergeten.

De cursussen van Michel Thomas zijn audiolessen, ingesproken door twee stemacteurs; een mannelijke stemacteur en een vrouwelijke stemacteur. De setting is bij Michel Thomas een virtuele klas, waarbij de student als de derde student fungeert. De student luistert mee met de lessen van de acteurs. Wanneer de acteurs een vraag wordt gesteld, is het idee dat de cursisten op pauze klikken en deze vraag eerst zelf beantwoorden. Er is geen huiswerk, geen uit-het-hoofd-leren. De lessen worden opgebouwd in stapjes en nieuwe lesstof wordt met bekende lesstof afgewisseld. De uitleg wordt steeds in de Engelse taal gegeven. Er wordt bijvoorbeeld op eventuele verbanden gewezen tussen de Engelse taal en de doeltaal. Er wordt ook grammaticale uitleg gegeven. Eerst wordt makkelijke lesstof aangeleerd, moeilijkere lesstof volgt pas nadat de studenten de makkelijke lesstof begrepen en verworven hebben. Naast woorden en zinnen in de doeltaal worden eveneens bouwstenen geleerd waarmee de lerenden zelf zinnen kunnen maken. Ook gebruikt de methode van flashcards om de woordenschat te toetsen en online oefeningen om de eigen vooruitgang te kunnen meten.

Populariteit


Veel lerenden zijn tevreden over de uitleg van de structuur van de doeltaal en vinden de cursus plezierig werken. De studenten die al wat verder gevorderd zijn, vinden de cursussen wat minder nuttig.

Voor- en nadelen van de Micheal Thomas methode


De taalcursus traint de uitspraak alsook de luistervaardigheid op efficiënte manier en de taalcursus is zeer toegankelijk. Dat de taalcursussen niet in schrijfvaardigheid voorzien, kan als een minpunt worden gezien. Een daadwerkelijke interactie is er ook niet, omdat de leermethode uit audiocursussen bestaat.

De Assimil methode


Bedacht door wie en wanneer


Assimil is een Frans bedrijf, dat in het jaar 1929 door Alphonse Chérel is opgericht. Het bedrijf maakt cursussen voor vreemde talen en publiceert deze en het begon met het eerste boek Anglais sans Peine.

Kenmerken van de Assimil methode


Letterlijk betekent ‘assimileren’ of ‘assimilatie’: ‘mengen met, opgaan in de andere groep’, wat wel een hooggegrepen uitgangspunt voor taalcursussen is. De Assimil-cursussen zijn zelfstudielessen die uit een leerboek en audio-CD’s alsook een USB-stick bestaan. De cursist werkt idealiter ongeveer twintig minuten per dag.

De lessen bestaan uit verschillende dialogen die worden beluisterd, nagesproken en gelezen. De vertaling staat ernaast, alsook toelichting van de grammatica. Voor het trainen van de uitspraak van de te leren taal, maakt Assimil gebruik van zinnen die door moedertaal (native) speakers zijn ingesproken en die de cursisten dienen te herhalen. De opbouw verloopt van receptief naar productief: in de eerste lessen wordt nog geen taalproductie verwacht van de gebruiker; dit komt pas na ongeveer 50 lessen.

Populariteit


De Assimil-cursussen zijn vrij gewaardeerd. Ze zijn niet duur en het aanbod aan talen is ruim.

Voor- en nadelen van Assimil


Dat de gebruikers in hun eigen tempo kunnen leren op het moment dat dit het beste uitkomt, is het voordeel van de methode van Assimil. De keerzijde hierbij is, wat voor alle taalcursussen met een computer geldt, dat de lerende aan zichzelf is overgeleverd. Er is geen trainer om de student te motiveren of te begeleiden.

Verschillende digitale tools

Ook is er een groot aanbod aan complete zelfstudie taalcursussen: uTalk, Eurotolk Ultimate en online methoden zoals Babbel, Duolingo, Mondly en Quizlet.

Er is echter een betere methode om een taal te leren om een vreemde taal te leren:
De Methode van Dagnall.


Het inmiddels alom bekende hoge rendement van Dagnall Talen wordt behaald door elementen van deze bekende leermethoden te gebruiken, maar met name doordat de focus van ons taleninstituut altijd op de cursist(en) ligt, bijvoorbeeld; is deze persoon visueel, auditief of wellicht kinesthetisch ingesteld? Hoe leert hij of zij het makkelijkst? Wat moet of wil deze cursist eigenlijk leren?
Wat is zijn of haar voorgeschiedenis op het gebied van taaltraining? Wat vindt deze cursist lastig?
Hoe zelfverzekerd is de cursist, enz.?

Hoe behaalt Dagnall Talen zo’n hoog rendement?
De cursussen van Dagnall Talen zijn bij voorkeur face-to-face. Wij werken in kleine groepen of individueel dan wel in duo-verband (twee personen). Daarnaast biedt Dagnall een online leerplatform en een eigen app, beide met woordenlijsten en zinnen. Indien gewenst, kan deze app geladen worden met jargon van uw organisatie of bedrijf.
[ Lees meer ]


Betaalbaar maatwerk sinds 1982
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten

Online (e-learning), blended learning en Dagnall app

Betekenis termen ‘online’, ‘e-learning’ en ‘blended’


‘Online’ en ‘e-learning’ zijn verzameltermen voor (taal)trainingen die een cursist online kan volgen, op afstand dus. Er wordt ook wel van een virtual classroom, vertaald een ‘digitaal leslokaal’ gesproken.
Het zogenaamde blended learning is een vorm van taaltraining waarbij face-to-face-sessies (klassikale sessies) met online leren in een online leeromgeving worden gecombineerd.
Eenvoudig gesteld: face-to-face (fysiek les) + online = blended learning.
Dagnall Taleninstituut biedt op maat gemaakte e-learningtrajecten in Venlo.

Online een vreemde taal leren (e-learning)


Voorbeelden van digitale platformen die gebruikt kunnen worden voor online communiceren en leren, zijn Zoom, Microsoft Teams, Google Meet, Skype, StarLeaf, Cisco Webex, Whereby en Miro.

Blended cursussen in Venlo


Blended learning heeft als voordeel ten opzichte van online leren dat, indien het geen 1-op-1 les betreft, de deelnemers bij blended learning afwisselend wel zogeheten ‘classroominteractie’ ervaren; dit wil zeggen persoonlijke interactie; gesprekken met en motivatie van de andere deelnemers.

100% maatwerk – ook online!
Uiteraard biedt Dagnall Taleninstituut eveneens blended learning in Venlo op maat.

Online leerplatform


Online leerplatform Dagnall Taleninstituut biedt een digitale leeromgeving met een interactief leerplatform, genaamd Dagnall.online. Dagnall.online biedt interactieve en gevarieerde content en het is een integraal onderdeel van een digitaal leertraject. Het platform biedt interactieve mogelijkheden en zorgt zo voor een optimaal leerrendement bij een digitale leergang.

De Dagnall App


Naast het online leerplatform bieden wijinstituut eveneens een eigen App voor zowel Android- als Apple-apparaten. Het grote voordeel van de Dagnall App is dat een deelnemer overal en altijd, dus 24/7, op elk beschikbaar (mobiel) apparaat toegang heeft. Op het werk maar ook thuis of onderweg, bijvoorbeeld op reis in het buitenland. Cursisten kunnen dus een taal leren waar en wanneer het uitkomt. De oefeningen in de App worden afgestemd op de behoefte van uw organisatie zoals het taalniveau, de branche en de leerdoelen. Zo kunnen wij bijvoorbeeld woordenlijsten, speciek jargon, technische termen, productnamen alsook juridische termen in de App integreren. De Dagnall App kan dus heel praktijkgericht worden gebruikt en de App blijft beschikbaar nadat de training in Venlo is afgerond.
Dagnall Taleninstituut zorgt ook bij digitale leerpaden voor uitstekend en spelenderwijs leren.
Computerscherm met logo Dagnall.online - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels
Overlappende iconen App Store Apple App in Apple zwart en Google Play Android App in Google groen - op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels/
Ontdek onze online mogelijkheden

Online learning & blended learning in Venlo

Voorsprong door maatwerk online en blended taaltraining


E-mailcorrespondentie, telefoongesprekken, vergaderingen of onderhandelingen met zakenpartners en klanten zijn vaak een uitdaging op het gebied van taalvaardigheid.
Medewerkers die diverse talen beheersen, zijn in veel bedrijven daarom onmisbaar.

Online en blended taaltrainingen op maat


Dagnall Talen leert u door middel van professionele online & blended taalcursussen te communiceren. Als u internationaal succesvol wilt zijn, leer uw gesprekspartners dan te begrijpen en zorg dat u ook begrepen wordt. Wilt u uw taalvaardigheid verbeteren voor een huidige of toekomstige functie? Onze taaltrainingen bieden beroepsgerichte training. Al onze taaltrainingen zijn (betaalbare) maatwerktrainingen en eveneens als onlinecursus & blended taalcursus beschikbaar. Een onlinecursus of blended taalcursus is net zo effectief en van hoge kwaliteit als een fysieke cursus en daarnaast nog eens comfortabel.


Online taalcursussen en ook blended taalcursussen kunnen overal gevolgd worden; op kantoor, thuis, op (zaken)reis of op een bedrijfslocatie. Onlineplatforms voor zakelijke en technische taaltrainingen online

Voor technische en zakelijke taalcursussen online werkt Dagnall met onlineplatforms zoals Zoom, Microsoft Teams, Skype of een ander onlineplatform naar keuze. Zoom is het meest gebruiksvriendelijk en biedt zowel interactie als variatie.

Virtuele Classroom voor een individuele training of groepstraining


Het onderstaande is voldoende voor cursussen in een virtuele classroom:
- Een laptop, pc of tablet met een microfoon en een camera
- Een internetverbinding
- Een rustige (leer)omgeving
- Door ons beschikbaar gesteld cursusmateriaal
[ Lees meer ]
Overlappende donkerblauwe cirkel met icoon lesgeven en groene cirkel met computerscherm met Dagnall.online logo op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Computerscherm screenshot inlogpagina Dagnall.online Springest-based platform voor online taallessen - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels
Computerscherm met logo Google Hangouts en computerscherm met logo Microsoft Teams - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels

Cursuspakket en certificaat

Voorafgaand aan uw cursus bij ons taleninstituut in Venlo ontvangt u het Dagnall cursuspakket.
Het handige Dagnall koffertje bestaat uit milieuvriendelijk materiaal en is ook zeer geschikt om daarin losbladig, actueel leermateriaal, dat tijdens de lessen wordt behandeld, op te bergen.
Hieronder ziet u een foto van het cursuspakket van Dagnall Taleninstituut dat onder andere een Dagnall pen, schrijfblok en divers ander cursusmateriaal bevat.
Na afloop van uw cursus bij ons taleninstituut in Venlo ontvangt u het Dagnall certificaat. Op de achterkant van het certificaat van het Taleninstituut Dagnall staan zowel uw startniveaus alsook de behaalde eindniveaus van uw nieuwverworven taalvaardigheden. Deze vaardigheden zijn opgedeeld in spreekvaardigheid, luistervaardigheid, leesvaardigheid en schrijfvaardigheid.
Hieronder ziet u een foto met een voorbeeld van het Dagnall Certificaat.
Een compleet verzorgde taalcursus in Venlo
Dagnall Talen cursuskoffer - Dagnall schrijfblok - Dagnall pen - lesboeken op witte tafel - in kleur - 600 * 337 pixels
Ingevuld Dagnall Talen certificaat - Dagnall pen - Apple Magic Keyboard - Apple Magic Trackpad op witte tafel - in kleur - 600 * 337 pixels

Het Europees Referentiekader (ERK)

Om begin- en eindniveau te beschrijven, gebruiken wij de taalniveaus zoals omschreven in het Europees Referentiekader (ERK). Het niveau van het ERK is een internationaal erkend taalniveau.
Wij overhandigen na afloop van de cursus bij ons taleninstituut in Venlo het ‘Certificaat van Dagnall Talen’.
 

Logo EU Europese Unie in blauw vierkant met afgeronde hoeken in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo ERK Europees Referentiekader Talen in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Niveaubepaling volgens het Europees Referentiekader
Het ERK is een Europese norm om verschillende taalniveaus te omschrijven.
Het Europees Referentiekader is tussen 1989 en 1996 samengesteld door de Raad van Europa.
Het Europees Referentiekader (ERK) duidt vijf vaardigheden met betrekking tot taal aan, te weten: lezen, luisteren, spreken, schrijven en het voeren van gesprekken.
De Engelse term en afkorting wordt eveneens vaak toegepast: Common European Framework of References; CEFR. Het Europees Referentiekader (ERK) hanteert ook 6 niveaus in taalbeheersing; van beginners tot vrijwel moedertaalsprekers.
De niveaus worden van laag naar hoog als A1, A2, B1, B2, C1 en C2 gekwalificeerd.
Niveau A is van toepassing op beginners.
Cursisten die niveau B beheersen, beschikken over alle basisvaardigheid in de Franse taal.
Niveau C geldt voor gevorderden die Frans met groot gemak kunnen lezen, verstaan, spreken en schrijven. Taalniveau C is het niveau van (ver)gevorderde gebruikers. Het beheersen van de taal lijkt erg op dat van moedertaalgebruiker (native speakers).

A1 Basisgebruiker - Breakthrough Level


Luisteren


Kan basiszinnen over een vertrouwd onderwerp begrijpen, als de gesprekspartner langzaam en duidelijk spreekt, eenvoudige woorden gebruikt en bereid is te herhalen.

Spreken


Kan zichzelf voorstellen en kan vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens (waar iemand woont, of iemand getrouwd is of kinderen heeft).Kan familie of bekenden en woonomgeving beschrijven en vragen naar familie of woonomgeving van gesprekspartner beantwoorden.Kan in korte zinnen vertellen waar hij of zij werkt en wat hij of zij doet. Kan vragen naar het werk van de gesprekspartner.

Lezen


Kan eenvoudige, alledaagse uitdrukkingen en korte geschreven zinnen begrijpen over vertrouwde onderwerpen als er enige ondersteuning is door illustraties, foto’s of film.Kan eenvoudige mededelingen begrijpen, bijvoorbeeld op uithangborden in een winkel.

Schrijven


Kan een formulier invullen met persoonlijke gegevens.Kan een korte e-mail of een kaartje sturen met bijvoorbeeld een groet of felicitatie.

B1 Onafhankelijk gebruiker - Threshold Level



Luisteren


Kan de essentie begrijpen van een gesprek over persoonlijke zaken, familie, werk, studie, reizen en vrije tijd, wanneer er duidelijk wordt gesproken.
Kan de essentie begrijpen van de meeste radio- of televisieprogramma’s over actuele zaken of onderwerpen die hem of haar interesseren in de standaardtaal, wanneer er betrekkelijk langzaam en duidelijk wordt gesproken.

Spreken


Kan zich in de meest voorkomende situaties redden wanneer hij of zij in het gebied is waar de taal wordt gesproken.
Kan onvoorbereid gesprekken voeren over vertrouwde onderwerpen of onderwerpen die de persoonlijke belangstelling hebben (familie, werk, gebeurtenissen die zich voordoen, hobby’s, reizen).
Kan zinnen op een eenvoudige manier aan elkaar verbinden.
Kan ervaringen en gebeurtenissen beschrijven en hoop en ambities uitspreken.
Kan een mening geven en voorkeur uitdrukken en motiveren.
Kan de plot van een boek of film vertellen.

Lezen


Kan teksten begrijpen die voornamelijk bestaan uit frequente woorden, dagelijkse of aan het werk gerelateerde taal, bijvoorbeeld in brieven van de gemeente, energiebedrijf of telefoonmaatschappij.
Kan de beschrijving van gebeurtenissen, wensen of gevoelens begrijpen in persoonlijke e-mails of brieven.

Schrijven


Kan een eenvoudige, samenhangende tekst schrijven over vertrouwde onderwerpen of onderwerpen die de persoonlijke belangstelling hebben (familie, werk, gebeurtenissen die zich voordoen, hobby’s, reizen).
Kan een eenvoudige, samenhangende tekst schrijven over vertrouwde onderwerpen of onderwerpen die de persoonlijke belangstelling hebben (familie, werk, gebeurtenissen die zich voordoen, hobby’s, reizen).

C1 Vaardig gebruiker - Effective Operational Proficiency Level



Luisteren


Kan de meeste gesproken taal begrijpen, ook als deze niet goed gestructureerd is en wanneer verbanden impliciet zijn.
Kan radio- of televisieprogramma’s en films in de standaardtaal zonder al te veel inspanning begrijpen.

Spreken


Kan zich spontaan en vloeiend uitdrukken zonder al te veel te moeten zoeken naar uitdrukkingen.
Kan de taal soepel en effectief gebruiken in een zakelijke en sociale omgeving.
Kan ideeën en meningen gedetailleerd verwoorden en een volwaardige bijdrage leveren aan een discussie.
Kan een samenhangend betoog voeren over complexe zaken en daarbij subthema’s noemen, specifieke standpunten ontwikkelen en uitdragen en het betoog afronden met een passende conclusie.

Lezen


Kan complexe, langere teksten van uiteenlopende aard begrijpen, zowel zakelijk als literair.
Kan impliciete betekenis, nuances, stijl en idioom herkennen.
Kan gespecialiseerde artikelen en uitvoerige technische instructies begrijpen, ook als zij geen betrekking hebben op het eigen werkterrein.

Schrijven


Kan een heldere, gestructureerde en gedetailleerde brief, essay of verslag produceren over complexe onderwerpen.
Kan uitgebreid standpunten uiteenzetten en overtuigen. Kan zijn of haar schrijfstijl aanpassen aan de doelgroep.

A2 Basisgebruiker - Waystage Level



Luisteren


Kan zinnen en vaak voorkomende uitdrukkingen begrijpen over vertrouwde onderwerpen en activiteiten, bijvoorbeeld de familie, woonomstandigheden, boodschappen doen, opleiding of werk.
Verstaat de gesprekspartner als deze langzaam en duidelijk spreekt in de standaardtaal, maar kan het gesprek nog niet zelf gaande te houden.
Begrijpt de essentie van korte, eenvoudige berichten en aankondigingen, bijvoorbeeld op radio, televisie of een station.

Spreken


Kan eenvoudige gesprekken voeren over alledaagse onderwerpen en vertrouwde situaties. Kan eenvoudige informatie uitwisselen.
Kan in eenvoudige zinnen zijn of haar woon- of werkomgeving beschrijven, zijn of haar achtergrond en dagelijkse activiteiten.
Kan een eenvoudig telefoongesprek voeren, bijvoorbeeld om informatie te vragen.

Lezen


Kan korte, eenvoudig geschreven teksten, brieven of e-mails begrijpen.
Kan voorspelbare informatie halen uit eenvoudige korte teksten, zoals dienstregelingen, advertenties of menu’s.

Schrijven


Kan een kort briefje of e-mail schrijven over een vertrouwd onderwerp, bijvoorbeeld om iets af te spreken.
Kan eenvoudige notities en korte boodschappen schrijven over directe behoeften.

B2 Onafhankelijk gebruiker - Vantage Level



Luisteren


Kan lezingen en betogen volgen en zelfs complexe redeneringen als het onderwerp redelijk vertrouwd is.
Begrijpt de essentie van technische discussies in zijn of haar specialisatie.
Kan de meeste radio- of televisieprogramma’s over actuele zaken begrijpen.
Kan het grootste deel van de films in de standaardtaal begrijpen.

Spreken


Kan op een vloeiende en spontane manier deelnemen aan gesprekken met moedertaalsprekers zonder extra inspanning van de gesprekspartner.
Kan actief meepraten in discussies over bekende thema’s en zijn of haar mening geven en onderbouwen.
Kan de voor- en nadelen van diverse mogelijkheden of oplossingen uitleggen.
Kan een gedetailleerde beschrijving geven van een groot aantal onderwerpen ook buiten de directe persoonlijke belangstelling.

Lezen


Kan artikelen en verslagen lezen over eigentijdse problemen en houding of standpunt van de schrijvers begrijpen.
Kan de essentie van complexe teksten over abstracte of concrete onderwerpen begrijpen.
Kan modern literair proza begrijpen.

Schrijven


Kan een standpunt verdedigen, informatie doorgeven of een essay of verslag schrijven.
Kan brieven schrijven over uiteenlopende gebeurtenissen of persoonlijke ervaringen.
Kan een heldere, gedetailleerde tekst produceren over uiteenlopende onderwerpen.

C2 Vaardig gebruiker - Mastery Level



Luisteren


Kan vrijwel alles wat hij of zij hoort gemakkelijk begrijpen, zowel in contact met een gesprekspartner als via de media.
Kan accenten en tempo van moedertaalsprekers begrijpen als hij of zij enige tijd heeft om vertrouwd te raken met het soort accent.
Kan idiomatische uitdrukkingen en complexe betogen begrijpen.

Spreken


Kan deelnemen aan ieder soort gesprek.
Drukt zichzelf spontaan, vlot, vloeiend en genuanceerd uit, ook in meer complexe situaties.
Gebruikt vaste uitdrukkingen en zegswijzen.
Kan een heldere beschrijving of logische redenering presenteren in een stijl die past bij de context en in een duidelijke structuur.
Kan informatie samenvatten, op een samenhangende manier argumenten, nieuwe inzichten of aandachtspunten aan de orde brengen.

Lezen


Kan zonder moeite alles begrijpen wat hij of zij leest.
Dat geldt ook voor complexe betogen, abstracte of specialistische teksten, literatuur en idiomatische uitdrukkingen.

Schrijven


Kan een duidelijke en goed lopende tekst schrijven en daarbij rekening houden met de doelgroep.
Kan complexe brieven, verslagen en artikelen met een logische structuur schrijven.
Kan zichzelf vloeiend en precies uitdrukken en kan hierbij nuances in betekenis aangeven.
Het ERK geeft inzicht in taalbeheersing
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten
ISO 9001-2015 LOGO
ISO 1700-2015 LOGO

ISO-certificeringen

ISO 9001:2015 – internationale norm voor kwaliteitsmanagement


Dagnall Taleninstituut is door Kiwa gecertificeerd voor de ISO 9001:2015 norm, de wereldwijd erkende norm die eisen aan het kwaliteitsmanagementsysteem van een organisatie stelt. De ISO 9001:2015 norm bevat eisen om processen te borgen en te stroomlijnen die van belang zijn voor het verhogen van de klanttevredenheid. De pijlers van de ISO 9001:2015 norm zijn het voldoen aan zowel de door opdrachtgevers gestelde eisen alsook aan wetgeving en regelgeving en het continue verbeteren van het kwaliteitsmanagementsysteem.

ISO 17100:2015 - internationale norm voor vertaaldiensten


Dagnall Talen is eveneens door Kiwa gecertificeerd voor de ISO 17100:2015 norm. De ISO 17100:2015 norm is speciaal voor de vertaalbranche en bevat onder meer eisen voor mensen, projectbeheer, middelen, vertalers en revisoren.


Onze ISO 17100:2015 certificering toont aan dat wij uitsluitend met professionele moedertaalvertalers werken die over de benodigde ervaring en kennis beschikken. Bovendien worden onze vertalingen altijd minimaal twee maal door twee specialisten proefgelezen. Onze vertalingen worden aangeleverd volgens afspraak en binnen de deadline.

Kiwa – certificeringen sinds 1948


Kiwa is een certificeringsinstelling in Rijswijk met jarenlange ervaring met het certificeren van bedrijven en organisaties. Jaarlijks wordt Dagnall Talen getoetst door Kiwa om te beoordelen of nog steeds aan de eisen van ISO 9001:2015 en ISO 17100:2015 voldaan wordt.
Dagnall draagt het NRTO-keurmerk
Logo keurmerk NRTO Nederlandse Raad voor Training en Opleiding in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo Nederlandse Raad voor Training en Opleiding NRTO in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

Lidmaatschap NRTO

Ons taleninstituutinstituut is uiteraard al vele jaren lid van de NRTO en draagt ook het NRTO-keurmerk.
Dagnall Talen heeft zich bij de NRTO aangesloten, omdat deze organisatie voor kwaliteit en betrouwbaarheid staat.
‘NRTO’ staat voor ‘Nederlandse Raad voor Taal en Training’. De NRTO is de brancheorganisatie voor private onderwijsinstellingen, opleidings- en trainingsorganisaties en heeft ruim 450 leden.
De missie van de NRTO luidt: Het beste uit mensen (jong en volwassen) halen, talenten ontwikkelen en mensen helpen hun ambities te realiseren.

Kwaliteitsbevordering en -bewaking


Voor de NRTO staat kwaliteit centraal. De NRTO staat voor kwalitatief hoogstaand, flexibel en gevarieerd opleidings- en examenaanbod en EVC (Erkenning van eerder Verworven Competenties). De kwaliteit van de diensten die door de NRTO-leden worden geleverd, zoals bij ons taleninstituut in Venlo, wordt geborgd door een gedragscode, door verschillende convenanten en door het NRTO-keurmerk.
[ Lees meer ]
 
Logo GDPR Algemene Verordening Gegevensbescherming in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo EU Filemaker in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

AVG-compliant

De AVG; Algemene verordening gegevensbescherming (Engelse naam: GDPR; General Data Protection Regulation) is een Europese verordening inzake de verwerking van persoonsgegevens door bedrijven en overheidsinstellingen binnen de Europese Unie. De AVG dient er hoofdzakelijk toe de privacy van burgers in de EU te beschermen. Deze verordening schrijft voor dat mensen op de hoogte dienen te zijn van de verwerking van hun persoonsgegevens zoals naam, telefoonnummer en (e-mail)adres en dat alleen de gegevens die nodig zijn voor het beoogde doel, mogen worden verwerkt en bewaard.
De persoonsgegevens mogen niet langer worden bewaard dan noodzakelijk en de persoonsgegevens moeten tegen toegang door onbevoegden, vernietiging en verlies te worden beschermd. Dagnall voldoet uiteraard aan alle vereisten die door de Algemene verordening gegevensbescherming worden gesteld en verwerkt persoonsgegevens in heel beperkte mate in elk opzicht. Dagnall Talen werkt met het betrouwbare Filemaker.
Logo CRKBO Centraal Register Kort Beroepsonderwijs in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo Lloyd's Register in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Cursussen bij Dagnall taleninstituut in Venlo zijn vrijgesteld van btw

CRKBO-geregistreerde instelling

Dagnall Taleninstituut staat in het CRKBO-register ingeschreven. De afkorting CRKBO staat voor Centraal Register Kort Beroepsonderwijs.
Dit betekent dat Dagnall Taleninstituut voldoet aan de Kwaliteitscode voor Opleidingsinstellingen voor Kort Beroepsonderwijs.
Voor de Belastingdienst is inschrijving in het juiste CRKBO-register een voorwaarde om beroepsgerichte taalcursussen vrijgesteld van btw te mogen leveren.
Door deze btw-vrijstelling kan ons insitituut een lagere prijs in rekening brengen.
Dit helpt in de cashflow van onze opdrachtgevers en is eveneens een voordeel voor taalcursussen aan bijvoorbeeld zorginstellingen, overheidsinstellingen, maatschappen en privépersonen.

CPION


Voor de inschrijving in het CRKBO-register is Dagnall aan een jaarlijkse audit onderworpen door het CPION; het Centrum Post Initieel Onderwijs.
Het CPION is de centrale organisatie voor het toetsen, diplomeren en registreren van postinitiële opleidingsinstituten.

Lloyd’s Register


Het CRKBO-register is een register dat door Lloyd’s Register Nederland bijgehouden wordt.
Het Lloyd’s Register is opgericht in 1760 en is een door de overheid erkend, onafhankelijk keuringsinstituut dat onder andere als doel heeft het beoordelen en classificeren van organisaties.
Offerte aanvragen bij ons taleninstituut in Venlo

Contact taleninstituut Venlo

Wilt u contact opnemen met ons taleninstituut met ons taleninstituut in Venlo? Bent u benieuwd naar onze werkwijze? U kunt ons een e-mail sturen via taleninstituut-venlo@dagnall.nl of bellen naar 085-2737302 (geen menu).
Of vul ons contactformulier in. Uiteraard kunt u ook het Dagnall informatiepakket bestellen. Dit is geheel gratis.
Afbeelding wegwijzer in grijs met bord Dagnall in verkeersblauw in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Afbeelding computer en tablet en telefoon in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Het beste traject naar een taleninstituut in Venlo!
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten

Trainen en vergaderen in Venlo

Bij ons taleninstituut kunt u de taalcursus op uw locatie volgen of in Venlo, bijvoorbeeld bij Sablones aan de Kaldenkerkerweg 20 in Venlo. Dagnall Taleninstituut verzorgt ook taalcursussen in Venlo bij bijvoorbeeld Van der Valk Hotel Venlo aan de Nijmeegseweg 90, bij De Maaspoort aan de Oude Markt 30, bij Maashof aan de Maashoflaan 1, bij Hotel Wilhelmina aan de Kaldenkerkerweg 1 en bij Hotel Campanile Venlo aan de Noorderpoort 5.
Besprekingen houden in Venlo kan bij Grenswerk aan de Peperstraat 10 en bij Hoeve Rosa aan de Grubbenvorsterweg 66.

Venlo - geschiedenis

Het gebied waar nu Venlo ligt, was al duizenden jaren geleden bewoond. Er zijn overblijfselen gevonden uit de bronstijd, de tijd van 3000-800 v.Chr. Ook de Romeinen hadden er een nederzetting, dit was rond 50 n.Chr. Venlo was een handelsstad aan de Maas in de 8ste eeuw.
De naam ‘Venlo’ komt voor het eerst voor in 1100 als Uennelon. De ‘U’ kan ook als ‘V’ worden gelezen. De naam ‘Venlo’ is een samenstelling van het Middelnederlandse vene met de betekenis ‘veen’ en lo, dat ‘plas’ of ‘poel’ betekent.

Venlo - nu

Venlo ligt in de regio Noord-Limburg en Venlo grenst aan de landstreek De Peel. Plaatsen in de buurt van Venlo zijn Beesel, Deurne, Horst, Panningen, Reuver, Roermond, Sevenum en Venray.
Venlo ligt in de provincie Limburg. De gemeente Venlo telt meer dan 101.000 inwoners.
Vlag gemeente Venlo - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels 

Vlag gemeente Venlo

Wapen gemeente Venlo - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels 

Wapen gemeente Venlo

Inwoners

Een inwoner van Venlo heet een ‘Venloër’, een ‘Venlonaar’ of een ‘Venloënaar’.
Bekende Venlonaren zijn Roel Geeraedts, Lex Uiting en Geert Wilders.
Iets wat uit Venlo komt, wordt ‘Venloos’ genoemd, zoals het Venloos dialect.
Venlo kreeg in het jaar 1343 stadsrechten.

Venlo - internationaal & scholing

Hanzestad & kernen


Venlo is de op één na grootste gemeente van de provincie Limburg en de gemeente Venlo omvat eveneens Arcen, Belfeld, Blerick, Boekend, Hout-Blerick, Lomm, Steyl, Tegelen, Velden en ’t Ven.
Venlo is een Hanzestad. Venlo was in de Middeleeuwen een belangrijke handelsstad.

Partnersteden


De partnersteden van Venlo zijn Gorizia in Italië, Klagenfurt in Oostenrijk en Krefeld in Duitsland.

Hoger onderwijs


Er zijn twee hogescholen in Venlo; Fontys en HAS Hogeschool.
Er zijn geen universiteiten in Venlo gevestigd.
Provincievlag Limburg - 600 * 337 pixels

Vlag provincie Limburg

Provinciewapen Limburg - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

Wapen provincie Limburg

Typisch Venloos

Venlo is bekend vanwege vastelaovend (carnaval), kloosters en kerken, Duitse toeristen, de Bende van Venlo en drugsoverlast.
Venlo fungeert als knooppunt van spoorlijnen en autosnelwegen. De steden Nijmegen, Eindhoven en Maastricht en Heerlen zijn vlot te bereiken.


Venlo - minder bekend


Minder mensen weten dat Venlo in het jaar 2003 werd gekroond tot ‘groenste stad van Europa’ in de internationale groencompetitie Entente Florale.

Venloos dialect en accent

Kenmerkend is de zangerige toon en de grammatica die Duits aandoet.
Bijna alle klinkers klinken anders dan in het Standaardnederlands.
De ‘aa’ wordt ao en ook de ‘oo’ klinkt als ao, de ‘o’ klinkt als eu en de ‘ei/ij’ als èè. Een ‘bakkerij’ is een bekkerie.
De ‘volgende dag’ is ’s anderdaags.
Einen hoeëgen boum is “een hoge boom”.
Alle begin is moeilijk: Alle begin is zwaor, behalve beej de lompeman.
En Baeter ein loës in de pap, as gaar gen vleis betekent: “Beter iets dan niets”.
“Venloverwelkomt”

Venlo - zakelijk

De gemeente Venlo


Het netnummer van Venlo is 077.
Het postcodegebied van Venlo is 5900 - 5928.
Het adres van het gemeentehuis van Venlo is Hanzeplaats 1, 5912 AC in Venlo.
De website van de gemeente Venlo is Venlo.nl.
Het telefoonnummer van de gemeente Venlo is 14 077.

Zakendoen in Venlo


Voor Venlose ondernemingen is het dichtstbijzijnde filiaal van de Kamer van Koophandel het KVK-kantoor Roermond aan de Steegstraat 5, 6041 EA in Roermond. Het telefoonnummer van de Kamer van Koophandel voor Venlo is 088 585 1585. De website van de Kamer van Koophandel voor Venlo is KVK-kantoor Roermond.

Venlo - internationale bedrijvigheid

Nationaal en internationaal actieve bedrijven in Venlo vindt u op bedrijventerrein Freshpark Venlo, Greenport Venlo, op Businesspark Noorderpoort, op Trade Port Noord, Oost of West, op TrafficPort Venlo, op bedrijventerrein Veegtes of op Venlo Trade Port.
In Venlo bevinden zich onder andere de volgende, veelal internationaal opererende bedrijven en organisaties: Belden Europe Wire & Cable, Canon Production Printing, Ceragon, Cimpress (Vistaprint), Decokay, DSV, Eurotech Group, Ewals Cargo Care, Frankort & Koning Groep, Geodis Logistics Netherlands, Hela Thissen, Ideal Standard (Ideal Standard, Jado, Venlo), IHI Hauzer Techno Coating
Engineering, MGG Netherlands, Michael Kors Netherlands, Océ-Technologies, Oerlemans Packaging, Office Depot Nederland, Pentair Haffmans, Pure Ingredients, Distributiecentrum PVH, RIH-COVÉ, Royal Dutch Kusters, Scelta Mushrooms, Scheuten Glas, Schmitz Cargobull, Topparts Automotive (Champion autoparts), Van Duppen Loudspeakers, vidaXL, Vostermans Companies, Lutèce in Horst, Lutèce in Velden, Laarakker Groenteverwerking in Well, OTTO Work Force in Venray en Personato in Venray.
Een aantal van deze bedrijven mag Dagnall klant noemen.

Venloos nieuws

De Venlose nieuwsportalen zijn Venlonieuws.nl en Venlose ondernemers lezen hun regionale zakelijke nieuws op MKB Limburg - Nieuws.
Ondernemers in Venlo kijken hun (zakelijk) nieuws op L1.
Venloërs en ondernemingen in Venlo kunnen hun (zakelijk) nieuws lezen in de regionale krant De Limburger en 1Limburg - Dagblad voor Noord-Limburg.
Logo krant Venlo - De Limburger op een transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo regionale televisie- en radio-omroep Omroep Limburg L1 op een transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

Cultuur, sport, ontspanning en zakenlunch in Venlo

Cultuur


Wilt u uw internationale zakenrelatie wat cultuur in Venlo en omgeving laten zien?

Afhankelijk van het vakgebied waarin u werkzaam bent en/of de interesses van uw zakenrelatie, kunt u in Venlo een bezoek brengen aan Museum van Bommel van Dam, aan het Limburgs Museum, aan het Politiemuseum, aan het Océ Museum of aan het Museum van Wasrol tot Dvd in Boekend.

Voetbal, tennis, padel & squash


Houdt uw internationale zakenrelatie van sport? Dan is samen naar een sportwedstrijd gaan of zelf voetballen, tennissen, padellen of squashen wellicht een leuk idee. Voetbal verbroedert. Wellicht is het leuk om met uw zakenrelatie naar een plaatselijke voetbalwedstrijd te gaan, waar bijvoorbeeld de Venlose voetbalclub VVV, FCV Venlo, VVV ’03 of de Venlosche Boys meespeelt.

Voor een partijtje tennis, padel of squash in Venlo kunt u terecht bij TC Venlo, bij Tennisclub de Kaetelberg, bij Sport & Health Club De Schaapskooi of bij TC Blerick in Boekend.
Golf, ontspanning & lunch Misschien hebt u zin om na de cursus bij ons taleninstituut in Venlo of met uw internationale (zaken)relatie bij Venlo een balletje te slaan en/of gezellig een hapje te eten of iets te drinken? Dagnall Taleninstituut heeft voor u een golfbaan in de omgeving van Venlo ontdekt voor een compleet middagje/dagje uit.
De golfbaan in de buurt voor Venlo is Golfclub de Berckt in Baarlo. Golfclub de Berckt bevindt zich aan de De Berckt 1 in Baarlo. De golfbaan is bereikbaar onder telefoonnummer is 06-10 44 25 16. De website van deze golfbaan is www.golfclubdeberckt.nl.
Om iets te eten of te drinken kunt u terecht bij het mooie, landelijke clubhuis op het landgoed van Kasteel de Berckt.
Afbeelding voetbal tennisbal golfbal in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo voetbalclub Venlo - VVV Venlo - Venlose Voetbal Vereniging Venlo - in kleur op grasveld met witte lijn - 600 * 337 pixels

Promotiefilmpjes en Google Maps

Hieronder ziet u een promotiefilmpje en een filmpje met drone-opnames van Venlo die tevens op Youtube kunnen worden bekeken.
Door direct op het rode Youtube logo in het midden te klikken, wordt het filmpje afgespeeld.
Direct onder de filmpjes ziet u de locaties van Limburg alsook Venlo op Google Maps.
U kunt linksboven klikken om de kaart groot weer te geven in een nieuw venster.
Promovideo Venlo
Dronebeelden Venlo
 
Google Maps Limburg
Google Maps Venlo
Op de hoogte blijven van wat er speelt in Venlo

Venloos nieuws

Hieronder kunt u het meest recente nieuws uit Venlo van verschillende nieuwsbronnen lezen.
Het nieuws wordt steeds live bijgewerkt.
 
Dagnall geeft cursussen in 24 talen
Dagnall Taleninsituut verzorgt ook vertaalwerk en tolken in Venlo

Wist u dat?

Wist u dat Dagnall Talen ook vertalingen in Venlo en tolkdiensten verzorgt?
Dagnall Talen kan u dus van dienst zijn met
taalcursussen, vertalingen, tolkdiensten alsook het schrijven van teksten!
Ook de juiste route naar vertaaldiensten en tolkdiensten in Venlo
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten

ONZE OPDRACHTGEVERS

De upload van uw document is gelukt.

 

INLOGGEN MEDEWERKERS   /   BESTANDEN UPLOADEN