OFFERTE AANVRAGEN
Offerte aanvragen

Taleninstituut Enschede

Direct naar ➤ Cursussen - Online - ERK - ISO - Enschede - Nieuws
Dagnall taalcursus op locatie
Dagnall taalcursus online
Dagnall taalcursus contact opnemen
Taleninstituut Dagnall - Wij kunnen snel schakelen - Binnen een week beginnen is mogelijk

START VANDAAG NOG MET UW REIS NAAR TAALBEHEERSING

Taaltrainingen in Enschede van topniveau


Talen verbinden u met de wereld en zijn een communicatiebasis die deuren voor u opent - met name in de professionele wereld. Bedrijven en organisaties die investeren in de taalopleiding van hun werknemers, hebben daarom ook een duidelijk voordeel en een voorsprong.
Dagnall Taleninstituut biedt u precies wat u zoekt: effectieve taaltrainingen van het hoogste niveau voor zowel professionals als leidinggevenden in als in de buurt van Enschede.
Taaltraining op maat, omdat uw bedrijf of organisatie welbespraakte werknemers verdient.

Vakgebieden


Van zakelijk en medisch tot technisch - Dagnall is thuis in elke bedrijfstaal.
Elke bedrijfstak heeft zijn eigen taal en gebruikt zijn eigen terminologie. Geef uw medewerkers een zelfverzekerde uitstraling alsook een duidelijk concurrentievoordeel, door middel van branchespecifieke taalkennis op het hoogste niveau.
Dagnall Talen biedt uw werknemers taaltrainingen in Enschede aan in een grote verscheidenheid aan gespecialiseerde vakgebieden.
Screenshot navigatiesysteem met tekst Taleninstituut Enschede aangegeven - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

Goed op weg met Dagnall Talen

Landkaart Nederland grijs - locatie Dagnall Taleninstituut in Enschede - aangegeven met blauw plaatsnaambord met witte letters en Dagnall veer - op transparante achtergrond - 600 * 733 pixels
Coachhuis Poortugaal
Hofhoek 9
3176 PD POORTUGAAL

of bij u op locatie

  
Vrijblijvend informeren naar een taaltraining bij u in de buurt

DE ORGANISATIE VAN UW TAALTRAININGEN IN GOEDE HANDEN

Werkgerelateerd & doelgericht


Dagnall Talen biedt taalcursussen op maat in Enschede aan als individuele (1-op-1) lessen, als groepscursussen met collega’s, als (intensieve) workshops en ook als langdurige, regelmatige trainingen - met face-to-face-lessen alsook online cursussen. Bij Dagnall Taleninstituut kan iedereen vreemde een vreemde taal leren op precies de manier die het meest geschikt is voor hem of haar.
Naast klassieke taaltrainingen hebben organisaties vooral interesse in de werkgerelateerde trainingen zoals Zakelijk Engels of Duits of Technisch Engels of Duits. Onze taalcursussen worden afgestemd op de individuele behoeften van klanten. Dagnall biedt de mogelijkheid om door middel van gecertificeerde taaltrainers met zeer goede beoordelingen en recensies onbegrensd talen te leren in Enschede.
Dagnall Talen leidt u doelgericht en vlot naar het door u beoogde resultaat.

Filosofie van Dagnall Taleninstituut


De filosofie van Dagnall is om vreemde talen te leren zonder schroom alsook met gemak en plezier. Daarom gaat Dagnall Taleninstituut tot het uiterste om te zorgen dat u de taal van uw keuze moeiteloos en zonder remmingen leert.
Een taal leren moet leuk zijn en daarom werkt Dagnall Taleninstituut met methodes die het leerproces voor cursisten gemakkelijker en prettiger maakt. Door onze methodes wekken we uw nieuwsgierigheid op en ondersteunen we uw bereidheid om te leren. We brengen u met grote stappen naar het gewenste taalniveau door dagelijks 15 minuten te oefenen.
Dagnall Taleninstituut is de ideale partner voor iedereen die een vreemde taal wil leren in Enschede.
Betaalbare topkwaliteit sinds 1982
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalingen - tolken - teksten

PLAN VAN AANPAK DAGNALL TALENINSTITUUT

In overleg met u als opdrachtgever stelt Dagnall Taleninstituut uw wensen en leerdoelen vast. U meldt de cursist(en) aan met hun contactgegevens. Wij verzorgen een intake op locatie of, indien u dit wenst, online of telefonisch. Na het intakegesprek, waarin op basis van het Europees Referentiekader (ERK) het huidige en gewenste niveau van de deelnemers wordt vastgesteld, ontvangt u een cursusvoorstel op maat met de offerte.
Nadat u akkoord op de offerte hebt gegeven, stemmen wij de planning op uw agenda en uw situatie af.
De trainer evalueert na een aantal lessen de inhoud alsook de voortgang van de cursus. De doelstellingen kunnen, indien nodig, worden bijgesteld.
Na de laatste les ontvangt u een eindrapportage met een beschrijving van de resultaten die door de deelnemers behaald zijn. Tevens ontvangen de deelnemers een certificaat van Dagnall Talen.
[ Lees meer ]


Intake

Planning

Cursus

Certificaat

Betaalbaar taleninstituut in Europoort Rotterdam sinds 1982

Dagnall Taleninstituut, Vertaalbureau, Tolkbureau en Tekstbureau geeft taaltraining zakelijk aan het bedrijfsleven en (overheids)instellingen in Europoort Rotterdam en regio sinds 1982. Ons instituut werkt met kundige en ervaren taaltrainers die door de jaren een aanmerkelijk aantal trainingen zakelijk aan diverse bedrijven, (semi)overheid en andere non-profitinstellingen in het industrie- en havengebied Europoort hebben gegeven.
Door de functiegerichte en werkplekgerichte aanpak, biedt taleninstituut Dagnall Talen u zeer betaalbare en effectieve taalcursussen in Europoort Rotterdam. U kunt erop rekenen dat taleninstituut Dagnall Talen het meeste rendement levert; rendement door maatwerk!
Betaalbaar maatwerk bij Dagnall Taleninstituut in Enschede

Taal op de werkvloer

Taal op de Werkvloer: draagvlak is gevraagd! Een cursus gericht op het verbeteren van de taalvaardigheid op de werkvloer is intussen bij veel bedrijven bekend.
Werknemers zonder of met weinig kennis van het Nederlands of een andere voertaal ervaren een belemmering op de werkplek en willen graag en beter en/of sneller communiceren op de werkvloer.
Zij willen in staat zijn om de aanwijzingen op het werk goed te kunnen begrijpen en deze op kunnen volgen. Deze werknemers willen graag met meer zelfvertrouwen hun werk kunnen verrichten en natuurlijk hun ambities op hun werkgebied waarmaken. Hiervoor is een investering in personeel en in de (continue) ontwikkeling van het bedrijf noodzakelijk.
[ Lees meer ]

VELE WEGEN NAAR EEN BETERE TALENKENNIS IN EUROPOORT ROTTERDAM

Behoeftes & leermethode


Een goede taaltraining is niet alleen toegespitst op de behoefte van de cursist, klant, organisatie of werkgever, zoals het verbeteren van spreek- of schrijfvaardigheid.
Een goede taaltraining is ook afgestemd op de meest geschikte, lees beste leermethode voor de individuele cursist.
Een taaltraining (bij een taleninstituut in Groningen) die het beste bij hem of haar past.

Hoe behaalt Dagnall een hoog rendement?


De vakkundige taaltrainers van ons taleninstituut zijn zeer bedreven in het zo vlug en zo plezierig mogelijk aanleren van kennis en vaardigheden om deze direct in realistische praktijksituaties te kunnen gebruiken. Dat werkt wel zo prettig en het zorgt ervoor dat de cursist veel waar voor zijn geld krijgt.
Het inmiddels bekende hoge rendement realiseert Dagnall met een mix van deze beproefde leermethode, gecombineerd met aandacht voor de cursist(en) en een onderzoek of de cursist(en) visueel, auditief of kinesthetisch is/zijn ingesteld. Bij Dagnall Taleninstituut kunt u terecht voor taalcursussen die op een maatwerktraining gebaseerd zijn.

Ons taleninstituut biedt groepscursussen van 3 tot 10 lerenden, zogenaamde duocursussen (2 lerenden), individuele taalcursussen, onlinecursussen, het Dagnall online leerplatform voor (Dagnall.online) blended learning alsook een eigen App met woordenlijsten en jargon van de specifieke organisatie.
De trainers van ons instituut maken veel gebruik van eigen lesmateriaal dat zij hebben verzameld en gecreëerd door de jaren heen en spelen continue in op actuele thema’s en ontwikkelingen.

Een prettige manier van leren


Een ander voordeel is dat dit weldoordachte maatwerk als een zeer fijne manier van werken wordt ervaren door zowel onze cursisten alsook onze taaldocenten in Europoort Rotterdam. Deze, door de jaren heen steeds verder verfijnde en ontwikkelde werkwijze is het gewaardeerde handelsmerk geworden van Dagnall Taleninstituut. Onze cursussen zijn dus niet alleen werkgericht en/of functiegericht, maar tevens aangepast aan de leermethode die zeer geschikt is voor de cursist.
Overlappende groene cirkel met klok en kalender en donkerblauwe cirkel met icoon lesgeven op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Computerscherm met vier taalvaardigheden luisteren, lezen, schrijven en spreken - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels
Effectief talen leren in Enschede bij Taleninstituut Dagnall

INDIVIDUELE CURSUSSEN & GROEPSCURSUSSEN

Individuele cursussen & groepscursussen


Dagnall Taleninstituut cursussen op maat voor individuen en groepen, waarbij u met een gerust hart de organisatie van de taalcursus uit handen kunt geven.
Ons taleninstituut biedt deze individuele cursussen en groepstaalcursussen voor zowel beginners, als voor halfgevorderden en gevorderden.
Voor de individuele-, duocursussen en

groepscursussen maakt Dagnall Taleninstituut gebruik van gevarieerde en moderne onderwijsmethodieken om doelgericht te kunnen trainen en leersucces te borgen.
Onze individuele-, duo- en groepscursussen kunnen uiteraard zowel op locatie als op één van onze trainingslocaties in of bij Enschede worden gegeven.
Maatwerk individuele & groepscursussen in Enschede

Maatwerkcursussen


Dagnall taleninstituut biedt individuele cursussen voor het bedrijfsleven, (semi-)overheidsinstellingen alsook particulieren in Enschede en omgeving.
Een individuele taalcursus wordt ook wel een één-op- één-taalcursus of privéles genoemd.
De individuele taalcursussen van Dagnall Taleninstituut zijn al vele jaren bekend voor het maatwerk, de persoonlijke aandacht en het hoogste rendement.
Alle individuele cursussen van taleninstituut Dagnall zijn maatwerkcursussen alsook de cursussen worden afgestemd op, en speciaal samengesteld voor, het taalniveau, de branche, de praktijksituatie alsook de leerstijl.
De cursussen worden opgesteld om de persoonlijke of bedrijfsdoelstellingen te behalen.

Ons taleninstituut biedt groepscursussen met 3 tot 10 personen, maar ook duocursussen (met 2 deelnemers) aan bedrijven, (semi-)overheidsinstellingen alsook particulieren.
De leergroepen houden wij zo klein mogelijk de deelnemers maximaal te kunnen ondersteunen en om de leereffectiviteit te verhogen.
Ook de groepscursussen van Dagnall Taleninstituut zijn maatwerk taalcursussen en worden afgestemd op, en speciaal samengesteld voor, het taalniveau, de branche, de leerstijl en de praktijksituatie en de trainingen worden opgesteld om de doelstellingen te kunnen behalen.


Pluspunten individuele cursus


Het hoge rendement is het belangrijkste voordeel van individuele taalcursussen doordat veel informatie wordt opgenomen in een vrij korte periode.
Er wordt sneller vooruitgang geboekt omdat de cursus vrij intensief is en het leertraject is zo kort mogelijk.
Flexibiliteit is nog een groot pluspunt van een individuele taalcursus. De cursus kan beter worden afgestemd op de leerstijl van de deelnemer en de leerstof kan optimaal aangepast aan de doelstellingen, het niveau en de eventuele aandachtsgebieden van de deelnemer.
De leervordering is optimaal doordat eventuele begripsproblemen individueel kunnen worden behandeld.
Ook zijn individuele taalcursussen ideaal op de planning en de agenda van de cursist af te stemmen zodat het leerschema en het tijdmanagement optimaal zijn.


Pluspunten groepscursus


Het grootste voordeel van een groepscursus is vooral de interactie met de andere deelnemers; het actieve gebruik van de doeltaal door middel van bijvoorbeeld discussies en rollenspellen in de groep.
De zogenaamde groepsdynamiek is een ander belangrijk voordeel; van elkaars foutjes leren en communiceren in de doeltaal met de groep. De lerenden kunnen de hierdoor geboden afwisseling als prettiger ervaren.
Groepscursussen zijn daarnaast efficiënt omdat tegelijk meerdere medewerkers getraind worden en de groep op vrijwel hetzelfde kennisniveau komt.
Ook zijn groepscursussen iets minder intensief (minder zwaar) voor cursisten dan individuele cursussen.


Minpunten individuele cursus


Bij een individuele taalcursus kunnen discussies en rollenspellen alleen worden gevoerd en gedaan met de taaldocent.
Omdat er geen interactie is met andere lerenden, kan het geleerde niet in groepsverband worden geoefend.
Ook is het niet mogelijk om van de foutjes van anderen te leren omdat groepsdynamiek ontbreekt.
De intensievere leerbenadering van een individuele taalcursus is voor cursisten ook behoorlijk intensief (zwaarder).


Minpunten groepscursus


In een groepscursus wordt minder aandacht aan het individu gegevenwordt minder aandacht gegeven aan het individu en kunnen de deelnemers wat eerder worden afgeleid. Het rendement ligt daardoor wat lager. Door de groepen wat kleiner te maken (minigroepen), kan dit deels ondervangen worden.
Groepscursussen kunnen ook minder goed worden afgestemd op individuele leerstijlen van deelnemers.
Dat de planning minder goed afgestemd kan worden op de agenda van de individuele cursist, is een bijkomstig minpunt van een groepscursus.

Pluspunten

Individuele cursus in één oogopslag



  hoogste rendement & flexibiliteit, kortste traject
  afgestemd op individuele leerstijl
  inhoud perfect afgestemd op individuele behoefte
  afgestemd op niveau & aandachtsgebieden cursist
  afgestemd op agenda cursist


Minpunten

Individuele cursus in één oogopslag



  geen interactie met andere cursisten
  vrij intensief voor de cursist
  geen groepsdynamiek

Pluspunten

Groepscursus in één oogopslag



  interactie met andere cursisten
  groepsdynamiek wordt als prettiger ervaren
  groep komt op hetzelfde kennisniveau
  efficiënt meerdere medewerkers tegelijk trainen
  minder intensief dan individuele cursus


Minpunten

Groepscursus in één oogopslag



  iets minder aandacht voor individuele cursist
  minder afgestemd op individuele leerstijlen
  minder afgestemd op agenda cursisten
Ontdek onze mogelijkheden voor taalcursussen

VERSCHILLENDE SOORTEN CURSUSSEN VOOR ELK NIVEAU

Dagnall Taleninstituut biedt cursussen voor beginners, halfgevorderden en gevorderden.
Niet iedereen heeft de mogelijkheid om naar een talencentrum te gaan. Wij bieden onze taalcursussen daarom ook online of incompany aan.

Bij Taleninstituut Dagnall kunt u bijvoorbeeld een
intensieve of semi-intensieve cursus, een spoedcursus of een opfriscursus of een cursus zakelijk Engels, Nederlands, Frans, Duits, Spaans en Portugees of een cursus spreekvaardigheid of telefoontraining volgen. Een combinatie van deze trainingen is vanzelfsprekend ook mogelijk.
Dagnall staat voor (betaalbaar) maatwerk!
Woordenwolk in veer logo Dagnall Talen met toepasselijke sleutelwoorden voor Dagnall Talencursussen - in donkerblauw, groen en grijs op transparante achtergrond - 600 * 600 pixels
Stukje hout boven Dagnall potlood met geslepen punt en gum met gedrukt Dagnall Talen logo - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 600 pixels

Kennen en kunnen

Een andere taal beheersen houdt in kennen en kunnen: zowel de kennis van de taal is belangrijk, als het kunnen gebruiken van die taalkennis. Door te richten op het kunnen, kunnen deelnemers aan het einde van de taaltraining in Enschede de opgedane kennis sneller actief toepassen in de praktijk.
Al gauw begrijpt en spreekt u de taal al een beetje. Een niet alledaagse ervaring! Dagnall brengt taalkennis tot leven!

ALGEMENE LEERMETHODES

Audio-Lingual Method (ALM) (Army Method/New Key)


Bedacht door wie en wanneer


De audiolinguale methode was al in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw in Amerika en Engeland ontwikkeld, onder andere door de Amerikaanse taalkundige Leonard Bloomfield. Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog werd het noodzakelijk om de (Amerikaanse) soldaten de elementaire verbale communicatieve vaardigheden te leren. Hierdoor werd deze audiolinguale methode soms de ‘legermethode’ genoemd.

Kenmerken van de Audio-Lingual Method (ALM)


De audiolinguale methode kan beschouwd worden als een reactie op de grammatica-vertaalmethode. Het was nieuw dat de taalles geheel plaatsvond in de doeltaal. De belangrijkste vaardigheden zijn kunnen spreken en luisteren en grammaticale structuren worden geleerd door middel van mondelinge structuuroefeningen. De bedoeling is zonder fouten leren verstaan en spreken, wat begint met leren naspreken. Het middel hiervoor is herhaling; er wordt gewerkt met driloefeningen om zinnen en structuren goed aan te leren, zodat reacties spontaan en als het ware automatisch worden. De taaltrainers kunnen zo bijvoorbeeld een bepaalde zin tien keer herhalen en vervolgens een nieuw woord toevoegen. Er wordt vaak gewerkt in de zogeheten talenpractica, waar lerenden een koptelefoon dragen en naar deze zinnen luisteren en deze nazeggen. De geschreven taal wordt pas behandeld als de mondelinge taal inmiddels vertrouwd is geworden. Er wordt wel met afbeeldingen gewerkt om nieuwe woorden te introduceren.

Populariteit


De audiolinguale methode werd in Nederland pas rond 1970 geïntroduceerd bij het ingaan van de Mammoetwet. Er kwamen al gauw bezwaren tegen deze inhoudsloze driloefeningen. Het kwam wel eens voor dat de techniek haperde, waardoor de talenpractica vrij snel in onbruik raakten. In plaats daarvan maakte men de voor mondeling gebruik bedoelde structuuroefeningen schriftelijk. Schrijvers van leerboeken namen de markt weer over en boden zoals gebruikelijk expliciete grammaticaregels aan. De audiolinguale methode heeft wel haar sporen nagelaten Het was nu alom aanvaard dat het bij een taal leren niet gaat om het uit het hoofd leren van de grammatica, maar om het gebruik ervan. De luistervaardigheid, die vóór de jaren zeventig voor de meeste taaldocenten niet bestond, was ontdekt.

Voor- en nadelen van de Audio-Lingual Method


De audiolinguale methode is voor beginnende studenten effectief. Vanaf het begin wordt een goede uitspraak aangeleerd. De audiolinguale methode is docentgestuurd en en biedt daardoor een efficiënte en vlotte overdracht van taalkennis. Ook bij grote(re) groepen kan de methode worden gebruikt.

Tegelijk heeft dit docentgestuurde aspect een keerzijde; er wordt geen eigen input verlangd van de lerenden, waardoor het gevaar van enige passiviteit en onvoldoende motivatie en betrokkenheid op de loer ligt. Een ander bezwaar is dat de driloefeningen niet zo gemakkelijk in levend taalgebruik om te zetten zijn.

GoldList Method (GLM)


Bedacht door wie en wanneer


De GoldList Method (‘gouden lijst-methode’) is ontwikkeld door David J. James, alias Viktor Dmitrievitch Huliganov of Uncle Davey.

Kenmerken van de GoldList Method (GLM)


De GoldList Method is een methode om woorden of zinnen in een vreemde taal op een zodanige manier wijze te leren dat het in het langetermijngeheugen opgeslagen wordt. Deze methode werkt middels zelfgeschreven woordenlijsten die herhaald worden na verloop van tijd. De opgeschreven woorden of zinnen worden hardop gelezen door de lerenden. Het idee is niet om deze woorden en/of zinnen of zinnen uit het hoofd te leren, maar door de blootstelling gebeurt dit automatisch. Deze woordenlijst wordt telkens veranderd; woorden die zijn aangeleerd, worden van de woordenlijst verwijderd. Die woorden die nog altijd problemen geven, blijven staan.

Populariteit


Aanhangers van de GoldList-methode stellen dat de woorden op de woordenlijst en zinnen spontaan worden opgeslagen in het langetermijngeheugen, iets dat door geheugenwetenschappers wordt betwijfeld. Kennis in het algemeen wordt opgeslagen wanneer deze relevant en van betekenis is. De GoldList-methode kan dus alleen functioneren voor woorden en zinnen die van betekenis en relevant zijn voor de lerende.

Voor- en nadelen van de GoldList Method


Bij lerenden die baat hebben bij bijvoorbeeld Post-its® als geheugensteuntje kan deze GoldList-methode werken. Omdat het fysieke gedeelte van het geheugen door het schrijven aangesproken wordt en meewerkt, functioneert het met de hand schrijven beter dan typen of, zelfs redelijk zinloos: een fotootje maken. Het ontbreken van context is een minpunt. Taal bestaat uiteraard uit veel meer dan alleen een reeks losse woorden en/of zinnen. Daarnaast is deze methode nogal tijdrovend; er moeten steeds handgeschreven woordenlijsten worden aangelegd.

De Natural Method


Bedacht door wie en wanneer


De Natural Method, ook de Natural Approach (de ‘natuurlijke aanpak’) genaamd, is door Tracy Terrell en Stephen D. Krashen in 1983 ontwikkeld.

Kenmerken van de Natural Method


De Natural Method richt zich op een natuurlijke manier van het verwerven van de taal. Op de wijze waarop iemand als kind zijn of haar moedertaal leerde spreken, probeert de methode de vreemde taal aan te leren. Zo leert men onbewust ook de taalregels van de vreemde taal. Alleen de doeltaal wordt hiervoor gebruikt met de nodige visuele hulpmiddelen. Het streven is een stressvrije leeromgeving. Een grote hoeveelheid begrijpelijke input wordt blootgesteld aan de lerenden. De taalproductie mag spontaan ontstaan en wordt niet geforceerd. De methode legt de nadruk op communicatie en niet zo zeer op het corrigeren van vormfouten en expliciete grammatica.

Als de student in de taal wordt ondergedompeld, werkt de methode het meest effectief. De leeractiviteiten die in de te leren taal worden aangeboden, dienen stimulerend te zijn, om ervoor te zorgen dat de studenten plezier beleven van de ervaring.

De Natural Method heeft vrij veel overeenkomsten met de Directe Methode. Het idee van natuurlijke taalverwerving is het uitgangspunt van beide methoden; het onderscheid tussen de leermethoden is dat bij de Directe Methode meer nadruk wordt gelegd op de praktijk en bij de Natural Method meer op de blootstelling aan taalinput en het verminderen van spreekangst.

Populariteit


Dat onderdompeling een erg effectieve leermethode is, is al vaak bewezen. Omdat de methode vrij eenvoudig te begrijpen is, is de Natural Approach een populaire manier van lesgeven onder taaltrainers. Kritiek kent de natuurlijke aanpak ook. De leermethode legt voornamelijk nadruk op het impliciet leren van de grammatica. De lerenden zouden weliswaar leren om te communiceren, maar blijven steken in een wat gebrekkige, versimpelde versie van de taal door ontoereikende kennis van de grammatica.

Voor- en nadelen van de Natural Method


Het wordt prettig gevonden om op een natuurlijke manier een vreemde taal te leren. Studenten krijgen de kans om een persoonlijke band met de buitenlandse taal op te bouwen. Het geleerde beklijft voor een langere tijd, doordat studenten niet ‘uit het hoofd hoeven te leren’.

Omdat er vrijwel geen druk ligt op de taalproductie, kan het nadeel zijn dat het wat langer duurt voor er resultaten merkbaar zijn. Ook bereidt de methode lerenden niet per se voor op een bepaald examen.

Structurele Aanpak


Bedacht door wie en wanneer


De Structural Approach (afgekort SA) ofwel ‘Structurele Aanpak’ is in de begin jaren 50 door Charles Fries, oprichter en directeur van de English Language Institute aan de Universiteit van Michigan en één van zijn studenten Robert Lado ontwikkeld.

Kenmerken van de Structurele Aanpak (SA)


Deze Structurele Aanpak is een methode om vreemde talen te leren die als doel heeft om de lerende vertrouwd te laten raken met de fonologische en grammaticale structuren van de taal. Volgens de SA levert de beheersing van deze structuren meer op dan het verwerven van woordenschat van de vreemde taal. Bij de Structurele Aanpak draait het om het herkennen en kunnen toepassen van vaste woordcombinaties en woordgroepen in de correcte woordvolgorde. Deze vaste combinaties worden in betekenisvolle situaties middels dramatisering, visualisatie, handelingen en gezichtsuitdrukking gepresenteerd aan de studenten. De structuren die in de praktijk het meest in de doeltaal gebruikt worden, worden eerst aangeboden. Mondelinge vaardigheid (luistervaardigheid en spreekvaardigheid) wordt hier in de eerste instantie bij gebruikt; daaruit volgen leesvaardigheid en schrijfvaardigheid. Bij het aanleren en verbeteren van de productieve vaardigheid (de spreekvaardigheid en de schrijfvaardigheid), krijgt grammatica een grote plek. Structural-Situational Approach (structurele-situationele benadering) en de Structural-Oral-Situational Approach (structurele-mondeling-situationele benadering) zijn andere benamingen voor de Structurele Aanpak.

Populariteit


De Structurele Aanpak werd in de jaren vóór 1970 op vrij grote schaal gebruikt voor het geven van Engelse les in Engelssprekende landen, de voormalige Britse koloniën en in Maleisië.

Voor- en nadelen van de Structurele Aanpak


Een structurele aanpak heeft als sterke kant dat de studenten de taal op een nauwkeurige wijze geleerd wordt. De studenten krijgen inzicht in de grammatica van de taal en ze leren in welke situaties woorden of woordcombinaties wel of niet passend zijn. De methode van de Structurele Aanpak gebruikt alledaagse taal. De Structurele Aanpak heeft ook minpunten. Deze methodiek kost tamelijk veel tijd en biedt niet onmiddellijk succeservaringen. De input van de student zelf is beperkt; het is weinig creatief.

Communicatief taalonderwijs (Engels: Communicative Language Teaching; CLT)


Bedacht door wie en wanneer


Communicatief taalonderwijs (Engelse naam: Communicative Language Teaching; CLT), ook ‘De Communicatieve benadering’ (Engelse naam: Communicative Approach; CA) genoemd, is in de jaren 60 van de vorige eeuw ontstaan onder invloed van ideeën van taalkundige Noam Chomsky, die de nadruk legde op competenties bij het leren van een taal. Taalkundige Dell Hymes was de grondlegger in het jaar 1966 van het concept van communicatieve vaardigheden.

Kenmerken van Communicatief taalonderwijs (CLT)


Het communicatief talenonderwijs gaat uit van de opvatting dat interactie het uiteindelijke streven is van het leren van vreemde talen.

Met behulp van de CLT-technieken leren de met de vreemde taal in de praktijk te brengen door de interactie met de docent en onderling. Teksten, geschreven in de vreemde taal of ander materiaal uit de werksituatie en/of het dagelijks leven worden gebruikt. De doeltaal wordt zowel tijdens en ook buiten de les gebruikt.

Studenten praten over persoonlijke gebeurtenissen met medestudenten en de docent draagt onderwerpen aan die buiten het gebied van de traditionele grammatica liggen, om de taalvaardigheid in diverse situaties uit de praktijk te oefenen. Grammatica wordt inductief geleerd, dit houdt in aan de hand van de praktijk, waaruit de regel volgt.

Bij CLT is de taaldocent echt een trainer, die de lerende helpt communiceren in de vreemde taal.

Populariteit


Het communicatief taalonderwijs werd heel populair in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw, deels omdat de traditionele taalonderwijsmethodes niet zo succesvol bleken. Door de verdere eenwording van Europa was er een grotere behoefte aan het leren van talen op een wijze die direct kon worden toegepast.

Voor- en nadelen van Communicatief taalonderwijs


CLT (communicatief taalonderwijs) heeft veel pluspunten. Studenten ‘kunnen’ al snel ‘iets’ in de te leren taal; het is studentgericht en functioneel. Vanwege het gebruik van authentieke materiaal, leren de studenten de woorden die zij moeten weten. CLT is efficiënt. Voor de lerende is deze methode stimulerend, omdat hij of zij vlug succeservaringen heeft. Foutjes mogen worden gemaakt; al doende wordt de vaardigheid geleerd en daarna geperfectioneerd. Een nadeel van deze communicatieve benadering is dat er minder aandacht wordt geschonken voor grammatica, vocabulaire dat niet direct toepasbaar is en de uitspraak. De voorbereiding en de planning vraagt veel meer tijd van de docent en vereist een actieve deelname van de studenten. Voor een aantal studenten is deze manier van een taal leren afwijkend of lastig, afhankelijk van welke achtergrond zij hebben. Communicatief taalonderwijs (CLT) (communicatief taalonderwijs) draait om het trainen van vaardigheden; daarbij gaat het om de functie en in mindere mate om de vorm en deze methode biedt dan ook geen echt samenhangend geheel.

Grammatica-/vertaalmethode (GVM) (Engels: Grammar-Translation Method; GTM)


Bedacht door wie en wanneer


Het taalonderwijs was in de 18de en de 19de eeuw vooral gericht op praktisch taalgebruik. Er word geleerd om gebruiksklare zinnen, idiomatische uitdrukkingen, dialogen, lijsten met woorden etcetera na te spreken, uit het hoofd te leren en vervolgens op te zeggen. Dit werd anders gedaan door Johann Valentin Meidinger; docent Frans en Italiaans uit Duitsland. Omstreeks 1783 ontwikkelde Meidinger een methode waarin de grammatica centraal stond. Meidinger wordt als de grondlegger gezien van de zogenaamde grammatica-vertaalmethode (Engels: Grammar-Translation Method, afgekort GTM).

Kenmerken van de Grammatica-/vertaalmethode (GVM)


Deze methode was op het onderwijs in het Latijn gestoeld; de taal van religie, cultuur en wetenschap. Onderwijs in Latijn was vanzelfsprekend op geschreven teksten van klassieke schrijvers gericht en was volledig op het vertalen en de grammatica gericht. Dat werd als een degelijke en wetenschappelijke aanpak gezien. De Grammatica-/vertaalmethode (GVM) gaat van de analyse uit van taalstructuren en taalvormen waarbij de student zelf inzicht ontwikkelt. De lees- en schrijfvaardigheid dus belangrijk bij deze methode. Literatuur, vertalen en uit het hoofd leren van woordenlijsten krijgen de nadruk. De docent draagt taalkennis over, de student memoriseert.

Populariteit


Al sinds halverwege de negentiende eeuw was ook tegengeluid te horen. Desondanks heeft tot recente datum de grammatica-/vertaalmethode een grote invloed op het talenonderwijs gehad.

Voor- en nadelen van de Grammatica-/vertaalmethode


Aan personen voor wie het een uitdaging is om dingen uit het hoofd te leren, is de grammatica-/vertaalmethode is een aardige mentale training. De methode biedt ook inzicht in de structuur, omdat de nadruk gelegd wordt op de grammatica.

De methode kent echter meer minpunten dan pluspunten. Het grootste pluspunt is dat de luister- en spreekvaardigheid ver achterblijft, waardoor de taal zelfs na jaren studie zelden mondeling toegepast kan worden. De methode staat ver af van het dagelijks gebruik van de taal, ook in de context die wordt aangeboden, omdat het over het algemeen om literair taalgebruik gaat. Bij het leren in een groep biedt de leermethode geen mogelijkheid tot differentiatie of tot een eigen creatief leerproces bij studenten. De lerenden zijn slechts toehoorders en uitvoerders.

Onderdompeling (Engels: immersion)


Bedacht door wie en wanneer


Sinds de jaren 70 wordt de leermethode ‘onderdompeling’ (Engels: language immersion) over de hele wereld toegepast, en dan met name op middelbare scholen waarbij een vak (bijvoorbeeld het vak wiskunde) wordt gegeven in een vreemde taal. In Nederland is de methode van ‘onderdompeling’ ook wel bekend als de leermethode die gebruikt wordt bij Taleninstituut Regina Coeli in Vught, ‘de nonnen van Vught’. De methode van ‘onderdompeling’ is daar in 1963 ontstaan met Franse nonnen die Franse les onderwezen aan welgestelde dames uit Vught en omgeving.

Kenmerken van onderdompeling


Onderdompeling behelst dat degenen die de taal leren, vanaf het eerste moment omgeven is door de te leren taal. De instructies vinden in de doeltaal plaats; eerst langzaam en met veel herhaling, later op een natuurlijkere wijze. Vanaf het begin wordt de student ook uitgedaagd om in de nieuwe taal te spreken. De methode maakt gebruik van simulaties en rollenspellen. Op onderwijsinstellingen die werken met onderdompeling, wordt vaak de omgeving in de stijl van het land van de doeltaal ingericht om een situatie te creëren alsof de studenten in het land zijn waar die taal gesproken wordt. Lerenden oefenen één-op-één of in kleine groepen met spreken. Daadwerkelijk naar het land van de doeltaal gaan en daar in een gastgezin verblijven, is een andere methode om een taal te leren door middel van onderdompeling.

Populariteit


Onderdompeling wordt gezien als een uitstekende methode om een vreemde taal te leren. Vooral de mondelinge taalvaardigheid kan zeer goed worden ontwikkeld op deze manier.

Voor- en nadelen van onderdompeling


Doordat de methode behoorlijk intensief is, is het belangrijkste voordeel dat deze methode snel resultaten laat zien. De methode is ‘sink or swim’, de lerende moet wel in de te leren taal gaan communiceren want hij of zij wordt erdoor omgeven. Feitelijk is de student 24 uur per dag aan het leren. Door samen te oefenen in groepsverband wordt de sociale interactie versterkt. Dit wordt door de studenten als motiverend ervaren.

Dat de bereikte resultaten niet altijd wordt vastgehouden, is een nadeel. Als iemand in een vrij korte tijd een nieuwe taal leert, door in het land te zijn of door te zijn ondergedompeld in een kunstmatig gecreëerde omgeving, maar daarna weer overgaat tot de orde van de dag, is de kans groot dat het nieuw geleerde relatief snel wegzakt. Het feit dat een dergelijke training erg intensief is, kan een bijkomend minpunt zijn. Niet alle lerenden hebben de conditie om deze leermethode vol te houden.

Suggestopedie (Suggestopedia)


Bedacht door wie en wanneer


Suggestopedia is een methode om taal te leren uit de jaren 70 van de vorige eeuw. Suggestopedia is ontwikkeld door de Bulgaarse psychotherapeut Georgi Lozanov.

Kenmerken van Suggestopedie


De methode van Suggestopedia is op de kracht van de suggestie gebaseerd. Positieve suggestie is volgens Lozanov een voorwaarde om te kunnen leren. Een ontspannen sfeer en wederzijds vertrouwen tussen de lerenden en de docent zijn daarvoor van essentieel belang. De voorwaarde is dat de lerende zich veilig en ontspannen voelt. Een leslokaal met een rijopstelling was uit den boze om dit te bereiken. De lerenden zaten tijdens de lessen in comfortabele stoelen die waren opgesteld in een halve cirkel en er was ook altijd achtergrondmuziek in de klas. De leermethode zoals Georgi Lozanov die beoogde, bestond uit het voorlezen van verschillende teksten, terwijl op de achtergrond klassieke muziek werd gespeeld of natuurgeluiden waren te horen. Er waren lijsten met woorden bij de teksten en opmerkingen over de grammatica van de doeltaal. Er werd met gebaren en veel expressie in stem voorgelezen. Studenten werden zo verleid om te luisteren en ze konden de woorden die nieuw waren voor ze, gemakkelijk begrijpen en opnemen. In de lessen werd veel aandacht geschonken voor cultuur en kennis over het land van de doeltaal. Er werd met rollenspellen gewerkt en er werden bijvoorbeeld eveneens streekgerechten gemaakt en gegeten.

Populariteit


De methodiek Suggestopedia was enigszins omstreden en is niet erg bekend meer. Sommige elementen van de methode zoals het gebruikmaken van stemexpressies en gebaren bij het lezen van teksten, worden nog steeds gebruikt.

Voor- en nadelen van Suggestopedie


De methode van Suggestopedia zorgt voor een ontspannen en veilige sfeer, waardoor de student minder last zal hebben van frustratie of faalangst. Voor nieuwkomers kan deze sfeer aan een positieve associatie met het nieuwe thuisland bijdragen. Muziek werkt vaak motiverend en draagt bij aan betere leerprestaties. Een ander voordeel van Suggestopedie dat de lerenden gestimuleerd worden om actief mee te doen en zich in te leven in de situaties. Dit is voor een aantal mensen een nieuwe ervaring. Tegelijkertijd is dit voor sommige lerenden een keerzijde, want niet iedereen is hiertoe in staat. Muziek kan bij sommigen ook afleiden en verstorend werken en niet ontspannend en stimulerend. Dat de relatie tussen de docent en de student niet echt gelijkwaardig is, is een ander zwak punt; alle input komt van de kant van de docent waarbij de student steeds de ontvangende partij is.

Community Language Learning (CLL)


Bedacht door wie en wanneer


De Amerikaanse priester en psycholoog Charles Curran en professor Paul La Forge ontwikkelden Community Language Learning, ook wel Counseling Language Learning
(CLL) genoemd, in 1976.

Kenmerken van Community Language Learning (CLL)


CLL (Community Language Learning) is een methode om een taal te verwerven waarbij studenten samenwerken om te bepalen welke aspecten van de vreemde taal zij willen leren. Deze CLL methode baseert zich op de counseling-benadering waarbij de docent als counselor optreedt die de zinnen van de lerende omschrijft. Lerenden beginnen het gesprek. Zij spreken in hun moedertaal als de lerenden de doeltaal nog niet voldoende machtig zijn. De taaldocent vertaalt en legt uit. Hierna herhalen de lerenden de uitingen van de docent zo nauwkeurig mogelijk. Deze gesprekken worden opgenomen om daarna te kunnen herbeluisteren.

De CLL stimuleert het gemeenschapsgevoel in de leergroep en de methode beschouwt de wisselwerking tussen de studenten als middel om de taal te leren. Het zijn de lerenden zelf die het lesmateriaal bepalen door middel van betekenisvolle gesprekken. Een leerboek wordt niet gebruikt.

Populariteit


Het slagen van CLL hangt grotendeels af van de kunde van de docent-counselor. Bij deze methode dient de taaltrainer sociaal-cultureel kundig alsook taalkundig te zijn. Deze trainer dient zowel de doeltaal als de moedertaal van de student erg goed te beheersen om in staat te zijn om de taaluitingen van de student te vertalen. CLL kan goed werken als deze op de juiste wijze wordt toegepast. CLL is niet bruikbaar voor grote klassen.

Voor- en nadelen van Community Language Learning


CLL biedt studenten een hoge mate van autonomie. Het analyseren van hun eigen gesprekken wordt door veel studenten als zinvol ervaren. De leergroep wordt vaak zeer hecht, niet alleen tijdens de lessen, maar ook daarbuiten. Met CLL worden studenten zich veel meer bewust van hun groepsgenoten, hun sterke en zwakke punten en ze leren als een team samen te werken. Het bespreken van hun fouten en het evalueren van de taallessen is heel leerzaam voor de studenten. Vaak blijven dergelijke correcties in het geheugen gegrift en worden zo deel van het actieve vocabulaire van de studenten.

Dat de docent niet sturend is, ondanks dat sommige studenten deze sturing wel nodig hebben, kan een keerzijde zijn. Er wordt geen lesboek gebruikt en er worden geen toetsen gehouden. Het succes van de les is daardoor moeilijk te meten. Een aantal studenten wordt belemmerd in hun spreken wanneer zij opgenomen worden.

Lexicografische benadering (Engels: Dynamic Lexicographic Approach; DLA)


Bedacht door wie en wanneer


De Lexicografische benadering (In het Engels: Lexical Approach; LA) is een methode om vreemde talen te leren die door Michael Lewis in het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw is ontwikkeld.

Kenmerken van de Lexicografische benadering (DLA)


De benadering gaat uit van het idee dat een belangrijk gedeelte van het leren van een taal bestaat uit het begrijpen en produceren van zogenaamde ‘lexicale eenheden’, brokjes taal die uit woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen bestaan. Studenten verwerven al doende inzicht in patronen van de te leren taal (grammatica) en betekenisvolle groepen met woorden. Ze leren hoe de taal ‘in het echt’ wordt gebruikt. Woordenschat neemt in deze benadering een grotere plaats in dan grammatica. De instructies zijn op situaties en uitdrukkingen die regelmatig voorkomen in dialogen gericht. Er wordt aandacht geschonken aan interactie maar eveneens aan exposure; aan de receptieve vaardigheden van de lerende (luisteren/begrijpen, lezen/begrijpen). Er bestaat veel mogelijkheid voor de lerenden om zelf de taal te ontdekken.

De rol van de taaldocent is voor genoeg input te zorgen en het faciliteren van het leerproces van de lerenden.

Populariteit


De lesboeken zijn duidelijk anders geworden in de afgelopen drie decennia door de invloed van (onder andere) de ideeën over taal van Michael Lewis. Er wordt veel meer aandacht geschonken aan de woordenschat die in zogenaamde chunks wordt aangeboden, in betekenisvolle brokjes. Een drastische verandering in de wijze waarop taal wordt onderwezen, iets waarnaar Lewis streefde, is er echter niet van gekomen.

Voor- en nadelen van de Lexicografische benadering


Door met ‘chunks’ (brokjes van de taal); met ‘echte’ taal te werken, leren de studenten om de taal op een natuurlijke manier te gebruiken. Dit zorgt voor souplesse in het taalgebruik.

Het minpunt van de leermethode is dat de werkelijkheid altijd weer afwijkt van de geleerde taalsituaties. Sommige lerenden hebben moeite om de patronen van de taal zelf te leren herkennen en hebben meer aan een trainer die hen de weg wijst, dan aan een docent-facilitator.

Series Method


Bedacht door wie en wanneer


De Series method, ook wel ‘seriemethode van taalverwerving’ (Frans: La Méthode naturelle) genoemd, is in 1880 door de Fransman François Gouin ontwikkeld.

Kenmerken van de Series Method


Een serie van verbonden zinnen die gemakkelijk te begrijpen zijn en niet veel kennis vereisen van grammatica, is het uitgangspunt van de seriemethode (Engelse naam: The Series Method of language acquisition) van Gouin. Op basis van een actie, zoals het verlaten van een huis in de volgorde waarin deze uitgevoerd zou worden, leren de studenten zinnen. Deze series of reeksen gingen over onderwerpen als mens in de samenleving, leven in de natuur, wetenschap en beroep, vanuit het onderscheid tussen objectief, subjectief en figuurlijk taalgebruik ontwikkeld. In de Gouin-serie wordt geen moedertaal gebruikt. Het betreft een soort eentalige manier van taalverwerving, die niet uitgaat van ‘vertalen’ en ‘uitleggen’ maar uitgaat van ‘demonstreren’ en ‘handelen’, waardoor lerenden vanzelf snel in de te leren taal gaan denken.

Populariteit


De seriemethode van Gouin was zijn tijd ver vooruit. Ondanks de vrij ongewone aanpak, was de seriemethode van Gouin gedurende een bepaalde periode een succes. Deze methode werd echter door Maximilian Berlitz’ Directe Methode overschaduwd.

Voor- en nadelen van de Series Method


De Seriemethode van Gouin ontwikkelt de mondelinge vaardigheden goed en zorgt voor een sfeer die harmonieus, natuurlijk en gelijkwaardig is.

De taalmethodiek garandeert levendig taalonderwijs. Dit soort onderwijs wekt de leermethode enthousiasme bij de studenten op door gebruik te maken van visuele leermiddelen, bijvoorbeeld afbeeldingen, grafieken, en dergelijke. Een vreemde taal leren werd tastbaar; dit was geheel nieuw. Lerenden worden nieuwsgierig, dit werkt goed om het leergeheugen te ontwikkelen, de druk om te presteren te verminderen alsook het zelfvertrouwen te verbeteren. De methode stimuleert de communicatieve vaardigheden van de lerenden sterk.

De seriemethode heeft als nadeel dat taal die iets meer abstract of subjectief wordt, lastig in één concrete ervaring is te vangen met beweging en expressie. Een bijkomend minpunt is de bewerkelijkheid voor de trainer, die tenslotte een hele reeks aan series voor moet bereiden. Als derde punt richt de Gouin-seriemethode zich vooral op het mondelinge taalgebruik, terwijl het reguliere onderwijssysteem nog veelal draait om examens voor het toetsen van de lees- en schrijfvaardigheid.

Task-Based Language Teaching (TBLT)


Bedacht door wie en wanneer


Task-Based Language Teaching; TBLT (Taakgericht taalonderwijs) is in de jaren tachtig van de vorige eeuw ontwikkeld. De grondleggers zijn de Indiase taalkundige professor N.S. Prabhu, de Amerikaanse hoogleraar Teresa P. Pica en de Britse hoogleraren Michael Hugh Long en Graham Crookes.

Kenmerken van de Task-Based Language Teaching (TBLT)


Taakgericht taalonderwijs past binnen het Communicatief Taalonderwijs/een Communicatieve Benadering. De denkwijze achter deze methode is dat de verwerving van de vreemde taal geen doel op zich is, maar een middel om bepaalde taken uit te kunnen voeren. Lerenden krijgen motiverende taken aangeboden, waarvoor kennis van de taal nodig is. Om deze taken goed uit te voeren, dienen zij over taalregels en woordenschat te beschikken. De taken zijn alledaagse taken, zoals het schrijven van een e-mail, bellen met de klantenservice, boodschappen doen, iets te drinken bestellen of de krant lezen. De taak wordt in drie fasen verdeeld: vóór, tijdens en na de taak, waarbij de studenten zich eerst voorbereiden op de taak, de opdracht vervolgens uitvoeren en tot slot hierop terugblikken. Studenten moeten samenwerken om de opdrachten uit te kunnen voeren. Om leereffect te hebben, moeten de taken iets boven het niveau van de lerende liggen.

Populariteit


Task-Based Language Teaching is vanaf het begin van de jaren negentig zeer populair geworden, zeker in het taalonderwijs. Het lijkt de meest praktisch bruikbare vorm te zijn om de taalvaardigheden bij lerenden (hoofdzakelijk lerenden in een achterstandspositie) te verhogen in het lager en secundair onderwijs.

Voor- en nadelen van Task-Based Language Teaching


Taakgericht taalonderwijs heeft duidelijke voordelen. Taakgericht taalonderwijs taakgericht taalonderwijs is een activerende manier van werken, waarbij studenten uitgedaagd worden om hun vaardigheid te gaan gebruiken. Het is een op de persoon gerichte, efficiënte en relevante aanpak, mits de opdracht goed bij de lerende aansluit. De student komt op een dagelijkse, natuurlijke wijze in contact met de taal en leert op deze manier authentieke woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen. Bovendien leren studenten om samen te werken. Studenten ervaren taakgericht taalonderwijs als motiverend en prettig.

Als nadeel kan van de methode genoemd worden dat de communicatie het belangrijkst is en niet zozeer de correcte vorm, waardoor de lerenden die niet zozeer precies leren.

De Dogme benadering (Engels: Dogme Language Teaching; Dogme ELT)


Bedacht door wie en wanneer


Scott Thornbury; een Nieuw-Zeelandse linguïst en docententrainer op het gebied van taalonderwijs Engels ontwikkelde in het jaar 2000 Dogme Language Teaching/Dogme ELT (de ‘Dogmabenadering’).

Kenmerken van de Dogme benadering (ELT)


‘Dogme 95’; de beweging van een aantal filmmakers uit Denemarken onder wie filmregisseur Lars von Trier uit het jaar 1995 was de inspiratie voor Dogme Language Teaching (DLT). De deelnemers confirmeren zich aan tien strenge regels (dogma’s) voor het maken van films die samen ‘de eed van zuiverheid’ (Deens: kyskhedsløfter; Engels: Vows of Chastity) vormen. Het Dogme-taalonderwijs werkt op een vergelijkbare manier. De aanhangers van deze methode streven naar een vorm van communicatief taalonderwijs die niet door enig voorgedrukt materiaal belast is. Het houden van echte inhoudelijke conversaties die over praktische zaken gaan, is het doeleinde van de Dogme-methode, waarbij het gaat om communicatie als drijvende kracht van een taal leren. Daarom is de methode een communicatieve werkwijze voor taalonderwijs, die een vreemde taal wil onderwijzen zonder het gebruik van leerboeken of andere lesmaterialen en zich in plaats daarvan op het communiceren tussen taaldocent en studenten focust. Het Dogme-taalonderwijs kent, net als de Dogme-beweging van de filmmakers, 10 uitgangspunten (dogma’s).

Populariteit


Ondanks dat onderzoek naar het succes van Dogme beperkt is, stelt Scott Thornbury dat de parallellen met taakgericht leren van een vreemde taal erop wijzen dat Dogme waarschijnlijk voor vergelijkbare resultaten zorgt.

Voor- en nadelen van de Dogme benadering


Dat er vrijwel geen voorbereiding is vereist, is een pluspunt voor docenten. Dat de lerende verantwoordelijk is voor het eigen leerproces, kan heel motiverend werken. Zo zijn de lessen niet voorspelbaar. Dit garandeert spontane communicatie en verveling krijgt geen kans. Vrijwel elk onderwerp kan tijdens een taalles volgens de Dogme-benadering worden besproken. Dit zorgt ervoor dat de studenten alert en betrokken blijven.

Als ze zo weinig bij de hand genomen worden door de docent kunnen studenten zich echter iets ongemakkelijk voelen. Ook zijn niet alle taaltrainers voldoende flexibel voor dit type van onderwijs. Dat studenten zich vaak op een bepaald examen dienen voor te bereiden en het niet zeker is dat de leerstof daarvoor in de taalles wordt behandeld, kan een bijkomend nadeel van de methode zijn.

Growing Participator Approach (GPA)


Bedacht door wie en wanneer


The Growing Participator Approach (GPA) is ontwikkeld in het jaar 2007 door Language consultants Greg en Angela Thomson.

Kenmerken van de Growing Participator Approach (GPA)


De GPA-benadering geldt als een alternatieve visie op het verwerven van een vreemde taal. De primaire aanname van deze methode is dat taal en cultuur onlosmakelijk zijn. Bij GPA gaat het om veel meer dan alleen het leren van de taal; het uiteindelijke doel is uitgroeien tot deelnemers aan het leven in de gastcultuur. Daarom hanteert GPA de termen ‘groeiende deelnemers’ in plaats van ‘taallerenden’ en ‘verzorger’ in plaats van ‘leraren of docenten’. De GPA vertoont gelijkenissen met, en is ook deels gebaseerd op, de Natural Approach (natuurlijke aanpak) van Stephen Krashen en Tracy Terrell.

De methode kent zes fasen van activiteiten. De lerende met een verzorger uit de gastcultuur voeren de activiteiten uit. Begrijpen is belangrijker dan produceren. De focus ligt op de woordenschat en de cultuur. Fase 1 van de methode is de hier-en-nu-fase. Deze fase neemt ongeveer 100 uur in beslag. De ‘groeiende deelnemer’ concentreert zich in fase 1 op luisteren en non-verbale feedback geven.

Fase 2 is de zogenaamde verhaalopbouwfase. Deze fase neemt ongeveer 150 uur in beslag en nu beginnen de deelnemers de vreemde taal ook te produceren. In fase 3 ligt de nadruk op zogenaamde ‘gedeelde verhalen’. ‘Gedeelde verhalen’ zijn verhalen over dagelijkse gebeurtenissen, verhalen die tussen culturen worden gedeeld alsook verhalen over gedeelde ervaringen. Fase 4 van de methode is de fase van het ‘diepe delen’. De deelnemers en de verzorgers beginnen nu diepere gesprekken over het leven in de ontvangende cultuur te voeren. In fase 5 beginnen de deelnemers zich te richten op taalgebruik van moedertaalsprekers door middel van televisie, films of nieuws en literatuur. De taal die voor het werk nodig is, wordt ook geleerd. Fase 6 van de methode is de zogenaamde ‘zelfvoorzienende groeifase’. Deze fase heeft geen eindpunt. Het gaat het hierbij om de groei buiten de formele taalsessies om.

Populariteit


Omdat de methode van Thomson nog redelijk nieuw is, is nog weinig bekend over het succes van deze methode. Deelnemende studenten zijn vrij enthousiast over deze methode.

Voor- en nadelen van de Growing Participator Approach


Met de GPA-methode wordt een duidelijk inzicht op het proces van de taalverwerving geboden. De zes fasen van GPA bieden een duidelijk tijdspad alsook realistische doelstellingen. De lerenden verwerven niet alleen kennis van de taal, maar eveneens van de omgeving en de lerenden verwerven daarnaast een nieuw sociaal netwerk.

Dat voor elke deelnemer of tenminste elke groepje deelnemers een ‘verzorger’ moet worden gevonden die bereid is om behoorlijk wat tijd te investeren, is een keerzijde van deze methode.

Shadowing Technique


Bedacht door wie en wanneer


De Shadowing technique of kortweg Shadowing (‘schaduwen’) is bedacht door de Amerikaanse polyglot en taalkundige Prof. Alexander Argüelles in de vroege jaren 2000.

Kenmerken van de Shadowing Technique


Shadowing is een methode die studenten zelfstandig kunnen gebruiken om de intonatie en uitspraak te verbeteren en vloeiendheid in het spreken te verwerven. Het is een eenvoudige methode: de studenten luisteren naar een audio-opname, bij voorkeur een dialoog en herhalen dan wat zij horen. Bij de methode is het niet belangrijk om de tekst in de doeltaal te begrijpen; in de eerste plaats gaat het om de klanken. Het luisteren en herhalen oefent men net zo vaak tot het soepel gaat en de student simultaan kan spreken met de opname. Na enige tijd zullen de lerenden een transcript gebruiken om te kunnen lezen (en begrijpen) wat zij gezegd hebben. Zolang de boeken dialogen bevatten of stukken samenhangende teksten, zijn diverse lesboeken geschikt voor deze techniek. De audio-opname dient ideaal bezien wat boven het niveau van de student te liggen. De ideale lengte is ruwweg één pagina, op een natuurlijke snelheid en zonder kunstmatige pauzes. Doordat fysieke bewegingen de opname van de vreemde taal in het zenuwstelsel versterken, doet Alexander Argüelles de aanbeveling aan studenten om tijdens het spreken te lopen, het liefst buiten, en niet te zitten. Dat de student minder snel afgeleid wordt als hij of zij beweegt, is een bijkomende reden waardoor het werken aan de doeltaal veel effectiever wordt.

Shadowing heeft veel gemeen met de audiolinguale methode uit de vorige eeuw, maar bij de audiolinguale methode werden grammaticale drills gebruikt in plaats van dialoog of samenhangende teksten. Ook het simultaan spreken is afwijkend aan Shadowing.

Populariteit


De afgelopen jaren is veel onderzoek naar Shadowing gedaan waaruit blijkt dat de techniek zowel de uitspraak als de luistervaardigheid sterk verbetert. Maar eveneens het algemene begrip van de doeltaal wordt vergroot.

Voor- en nadelen van de Shadowing Technique


Shadowing heeft als praktisch voordeel dat de methodiek in een groep lerenden kan worden gebruikt, waarbij iedere deelnemer in de groep individueel actief leert. Het rendement van de Shadowing-methode is hoog.

De Shadowing-techniek heeft als keerzijde is dat lerende het soms ietwat saai kan kunnen vinden om dezelfde tekst te blijven herhalen. De tekst kiezen is dus heel belangrijk.

Total Physical Response (TPR®)


Bedacht door wie en wanneer


De Amerikaanse psycholoog James Asher ontwikkelde de taalverwervingsmethode Total Physical Response, ook wel TPR® genoemd, in de jaren 60 van de vorige eeuw.

Kenmerken van Total Physical Response (TPR®)


TPR® is een methode om talen te leren die uitgaat van het principe dat mensen leren met behulp van beweging en handelingen. Men leert door te doen, en wel op de manier zoals een kind zijn moedertaal leert. Ouders geven continu opdrachten aan hun (jonge) kinderen en belonen hen als ze die uitvoeren (“kijk naar mama”, “goed zo”). “Pak de lepel”, “Mooi!”, “Trek je schoentjes maar aan”, enz.). In eerste instantie is het de bedoeling dat de kinderen begrijpen wat de ouders zeggen, de kinderen gaan in een later stadium verbaal reageren. Dus de luistervaardigheid vormt de basis, daarna volgt de spreekvaardigheid.

De methode van TPR® past deze grondslagen van de moedertaalverwerving versneld toe bij het leren van een vreemde taal. De docent geeft op een begrijpelijke en vriendelijke wijze taken, bijvoorbeeld: “pak het boek” en doet de taken zelf voor; de lerenden doen deze taken na. Aanvankelijk wordt van de studenten nog niet verwacht dat ze spreken; de studenten geven de taken in een later stadium. Taken die bekend zijn worden uitgebreid of gedeeltelijk veranderd.

TPR® appelleert aan de beide hersenhelften door het combineren van beweging en spraak. Op deze manier kost het minder moeite om dingen te leren en de geleerde stof beklijft ook beter.

Populariteit


De methode van TPR® wordt met name binnen het NT2-onderwijs toegepast (Nederlands als tweede taal), zeker bij beginners en ook wel bij Engels op de basisschool. Maar middelbare scholieren en volwassenen werken eveneens met plezier met TPR® en behalen goede resultaten.

Voor- en nadelen van Total Physical Response


TPR® biedt veel voordelen. Doordat de student veel begrijpelijke input krijgt aangeboden in ‘chunks’ (woorden die bij elkaar horen), krijgt hij of zij snel begrip van de nieuwe taal. Total Physical Response levert snelle succeservaringen op, wat het plezier in leren bevordert. Het zorgt een stressvrij leerproces. In principe is TPR® inzetbaar voor elk type doelgroep, ongeacht welke achtergrond en leeftijd en kan de methode eveneens worden toegepast in grotere klassen. De taal wordt direct opgeslagen in het langetermijngeheugen van de lerende.

Dat niet elke taaluiting in TPR®-opdrachten uit te drukken is, is de keerzijde van TPR®. Hierdoor werkt de leermethodiek tot op een zeker niveau en is een andere leermethodiek nodig als aanvulling. De methodiek is ook niet heel creatief. De studenten leren niet om hun ideeën, meningen en gevoelens uit te drukken.

De Directe Methode (Engels: Direct Method; DM)


Bedacht door wie en wanneer


Eind jaren tachtig van de negentiende eeuw bedacht de Duits-Amerikaanse linguïst Maximilian Delphinius Berlitz (geboren als David Berlizheimer) de Directe Methode, ook wel ‘de natuurlijke benadering’ genoemd. De Directe Methode is als reactie op de dominante grammatica-vertaalmethode ontwikkeld.

Kenmerken van de Directe Methode (DM)


Er sprake van een Reformbeweging omstreeks het jaar 1900 met nieuwe ideeën over vreemde talen leren dat zelfontdekkend en inductief diende te zijn. Overigens betrof deze Reformbeweging niet alleen het leren van een taal, maar ook voeding, kleding, natuurgeneeskunde en naturisme. Men streefde, net als in de jaren 60 van de vorige eeuw, rond het jaar 1900 naar meer natuurlijke manieren van leven en een bevrijding van keurslijven. Er kwam op het gebied van het taalonderwijs veel aandacht voor de ‘levende’, gesproken taal, waarbij grammatica vooral inductief werd onderwezen, aan de hand van voorbeeldzinnen. Hieruit dienden de lerenden de taalregels af te leiden. Er waren veel mondelinge oefeningen en met veel aandacht voor de uitspraak van de taal. Studenten werden gestimuleerd vaak te spreken. Het was ook nieuw dat de taalles in de doeltaal gegeven werd. In de les werd nadrukkelijk niet vertaald. Het leren van woordenschat van de vreemde taal gebeurde door middel van plaatjes en voorbeelden. De studenten boden zelf abstracte vocabulaire aan om ideeën te laten associëren.

Populariteit


Deels door invloed van de crises en oorlogen ebde de vernieuwingsgolf van het begin van de twintigste eeuw weg, om in de jaren 60 weer in een andere vorm terug te komen.

Met (een moderne versie van) de Directe Methode wordt nog steeds gewerkt door taleninstituten zoals Interlingua en Berlitz.

Voor- en nadelen van de Directe Methode


Het grote voordeel van de Directe Methode is dat de methode een vrij natuurlijke manier is om een taal te leren. Spreken en luisteren komen uitgebreid aan bod, waardoor de studenten vloeiendheid in de vreemde taal en zelfvertrouwen kunnen ontwikkelen. De leermethode heeft echter eveneens minpunten. Voor schrijfvaardigheid is bij deze methode vrijwel geen aandacht en voor lezen in de doeltaal weinig. Voor de meer gevorderde student, heeft deze leermethode niet genoeg uitdagingen te bieden. Doordat de Directe Methode is gebaseerd op een daadkrachtige inzet vanuit de student is de methode eveneens niet heel geschikt voor de langzaam lerende studenten.

De Manesca-methode (Engels: Manesca Method)


Bedacht door wie en wanneer


Jean Manesca publiceerde in 1835 An Oral System of Teaching Living Languages Illustrated by a Practical Course of Lessons in the French through the Medium of the English (“Een mondelinge methode voor het onderwijzen van levende talen, aan de hand van een praktische cursus Frans door middel van het Engels”). In januari 2015 is An oral system of teaching living languages in herdruk gegaan.

Kenmerken van de Manesca-methode


De Manesca-methode is op hetzelfde principe gebaseerd als de Natural Approach (‘natuurlijke aanpak’): de beste manier om een taal te leren, is die waarop een kind de moedertaal leert. Een vreemde taal leren moet veilig en gemakkelijk zijn. Om die reden wil Manesca niet met abstracte lijstjes en regels met woorden werken die uit het hoofd geleerd moeten worden.

De Manesca-methode is de oudste, bekende, volledige taalcursus. De leermethode is gebaseerd op het werken met een groep van studenten en een trainer, die maar één woord tegelijk introduceert. Bij dit woord hoort een bepaalde beweging. De studenten herhalen daarna één voor één het woord en deze beweging. De herhalingen helpen de lerenden deze woorden te onthouden, zonder dat uit het hoofd leren nodig is. Deze woorden worden stap voor stap zinnen en vervolgens variaties op de zinnen. Spelling wordt in een later stadium met leesteksten aangeboden.

De methode van Jean Manesca is al enkele jaren later overgenomen en aangepast door grammaticaschrijver en taaldocent Heinrich Gottfried Ollendorff en staat dan ook wel bekend als de Ollendorff-methode.

Populariteit


Jean Manesca overleed twee jaar na de publicatie van zijn methode. Het werk van Jean Manesca is door anderen overgenomen en aangepast, onder wie Ollendorff. Veel van zijn ideeën zijn nog actueel en worden nog altijd in het moderne vreemdetalenonderwijs gebruikt.

Voor- en nadelen van de Manesca-methode


Het pluspunt van de Manesca of Ollendorff-leermethode is het combineren van spreken en bewegen, waardoor het fysieke geheugen wordt aangesproken en het geleerde gemakkelijker en langer kan worden onthouden. Wat daar eveneens aan bijdraagt, is het vele herhalen. Het feit dat dit wat saai wordt om dezelfde woordjes en zinnetjes steeds te herhalen, kan een minpunt zijn.

Silent Way


Bedacht door wie en wanneer


The Silent way (‘de stille manier’) is door de Egyptenaar Caleb Gattegno ontwikkeld in 1963.

Kenmerken van de Silent Way


De stille manier is een manier om een vreemde taal te leren die stilte gebruikt als instructiemiddel. De autonomie van de lerenden en hun actieve deelname is het uitgangspunt van de methode van Gattegno.

De taaldocenten gebruiken een combinatie van gebaren en stilte om de aandacht van de studenten te trekken, reacties te krijgen en hen aan te moedigen om fouten te verbeteren. Aan de uitspraak wordt veel tijd besteed.

Gattegno, die wiskundige was, vond het essentieel om taalles te geven op een wijze die efficiënt was voor de energievoorraad van de studenten. Gattegno ontdekte dat het in verhouding weinig energie kost om een auditief of visueel beeld te onthouden, veel minder energie dan als we proberen iets uit het hoofd te leren. Het betoog van hem was dat de taaldocenten niet naar het overbrengen van kennis an sich dienen te streven, maar het bewustzijn aan dienen te boren, omdat alleen het het bewustzijn het mogelijk maakt om dingen te leren.

The Silent Way hierbij gebruikt onder andere staven met verschillende kleuren, die voor allerlei verschillende dingen kunnen worden gebruikt. De ‘de stille manier’ werkt ook met Words in Colour. Words in Colour is een kleurenkaart voor klanken waarin elke kleur een bepaalde klank van de doeltaal vertegenwoordigt, gekleurde woordgrafieken voor het werken aan zinnen en gekleurde grafieken die gebruikt worden voor het leren van de spelling.

Populariteit


Met name bij het leren van de uitspraak zijn Gattegno’s ideeën van belang geweest, hoewel The Silent Way in de oorspronkelijke vorm niet veel meer wordt gebruikt.

Voor- en nadelen van de Silent Way


De sterke kant van de methode van Caleb Gattegno is dat zijn aanpak voor de lerende niet-bedreigend is, die immers gezien wordt als autonoom. In principe is de docent dienstbaar aan de lerenden en niet omgekeerd. The Silent Way stimuleert het leren van een taal op een natuurlijke wijze. Door lerenden een uitdaging te geven om nieuwe dingen te ontdekken, wordt de geleerde stof meestal goed verwerkt en onthouden. Foutjes maken mag. Dit draagt bij aan het leerproces.

Dat een aantal lerenden meer begeleiding nodig heeft dan de methode voorstaat, kan een nadeel zijn. Door de afwezigheid van input van de taaltrainer zouden de lerenden gefrustreerd kunnen raken. Met kleuren en grafieken werken, heeft als limiterende factor dat de nieuwheid er gauw af gaat, waardoor het effect kan verdwijnen.

TPR Storytelling


Bedacht door wie en wanneer


TPR Storytelling of ‘TPRS’ houdt in Teaching Proficiency through Reading and Storytelling. De methode van TPR Storytelling is ontwikkeld door Blaine Ray in 1990, een Amerikaanse docent Spaans, en komt uit de TPR-techniek (Total Physical Response) voort.

Kenmerken van TPR Storytelling


De TPRS-methode is een talenverwervingsmethode die verhalen gebruikt om talen te leren. Het uitgangspunt van TPRS is een natuurlijke wijze van taalverwerving: een vreemeen taal leren zoals een kind zijn of haar moedertaal leert. Om dit te bereiken, worden de lerenden blootgesteld aan een grote hoeveelheid begrijpelijke input. De trainer vertelt een verhaal, waarin nieuw te leren woorden meerdere keren voorkomen. Deze verhalen zijn interessant of humoristisch en niet te lang. Omdat deze verhalen gemakkelijk zijn te begrijpen, ontspannen de lerenden zich. Woorden en structuren worden op deze manier ongemerkt opgeslagen in het langetermijngeheugen van de student. De studenten worden door de trainer op grammaticale fenomenen van de doeltaal gewezen, zonder dat studenten regels uit het hoofd hoeven te leren.

De studenten zullen na een poosje ‘automatisch’ gaan spreken en de grammaticale structuur imiteren. Dit is een natuurlijk proces. Een variant is om met een groepje van studenten een verhaal op te bouwen. De trainer schrijft hierbij eerst nieuwe woorden en structuren op het schoolbord, met hun vertaling, om daarna een verhaal te maken met de studenten. Tot slot vertellen de lerenden het verhaal na. Een belangrijk deel van TPR Storytelling is lezen, omdat dit voor input zorgt. In een later stadium volgt schrijven.

Populariteit


Er zijn veel onderzoeken gedaan die uitwijzen dat TPR Storytelling een succesvolle manier is om een nieuwe taal te verwerven. Er zijn wel randvoorwaarden: de setting moet geschikt zijn en de taaldocent moet ervoor getraind zijn.

Voor- en nadelen van TPR Storytelling


Het is een laagdrempelige manier om een vreemde taal te leren en de geleerde stof wordt goed onthouden. TPRS spreekt eveneens de creatieve intelligentie aan; er is sprake van breinvriendelijk leren. Voor de studenten is het een prettige methode en het is niet moeilijk om de aandacht erbij te houden. Voor de studenten werkt TPR Storytelling heel motiverend om zelf verhalen te verzinnen.

Dat TPRS veel voorbereiding van de docenten vraagt, is een minpunt.

COMMERCIËLE METHODES VOOR ZELFSTUDIE

De Rosetta Stone methode


Bedacht door wie en wanneer


De Rosetta Stone-leermethodiek is vernoemd naar de Steen van Rosetta, een steen die werd gevonden in Egypte met een tekst in twee talen, waarmee de hiërogliefen konden worden ontcijferd. Het is eveneens de naam van het softwarebedrijf dat de taaltrainingen aanbiedt. In het jaar 1996 is de eerste versie van de methode is uitgebracht.

Kenmerken van de Rosetta Stone methode


De Rosetta Stone cursus is een manier om vreemde talen te leren met behulp van een computer. Deze taalcursussen zijn beschikbaar in ruim dertig verschillende talen en ze zijn te volgen vanuit elk van deze talen.

De Rosetta Stone-methode is een zogenaamde communicatieve leermethode, die de manier imiteert waarop een kind de moedertaal leert. Dat houdt in ‘leren door middel van onderdompeling’, door veel te luisteren en na te spreken. Het programma gebruikt hiervoor stemmen van moedertaalsprekers alsook foto’s om de betekenis over te brengen van nieuwe woorden. Er is een programma om spraak te herkennen. Dit programma registreert de uitspraak en maakt hier een schematische weergave van. De lerende kan zo de uitspraak vergelijken met die van moedertaalsprekers (native speakers). Verbetering van de uitspraak kan bereikt worden door de voorbeeldspreker minder snel te laten spreken en de studenten vervolgens veel na te laten spreken.

Er zijn dictee-oefeningen om de schrijfvaardigheid te oefenen. De software controleert de spelling en grammatica en wijst op taalfoutjes en biedt de mogelijkheid om deze taalfoutjes te corrigeren.

Het programma van Rosetta Stone biedt eveneens leesteksten. Deze gaan over dagelijkse onderwerpen, ideeën en activiteiten.

Populariteit


De Rosetta Stone-methode wordt wereldwijd veelvuldig ingezet en zeker niet door de minsten. Onder andere de NASA en het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse zaken gebruiken de methode van Rosetta Stone. In Nederland wordt de methode van Rosetta Stone door enkele ministeries en verschillende universiteiten en hogescholen, alsook door een aantal internationaal opererende bedrijven gebruikt.

Voor- en nadelen van de Rosetta Stone methode


Rosetta Stone is zeer makkelijk in gebruik en de methode kan op ieder moment door de student gebruikt worden. Welke delen meer of minder aandacht kunnen gebruiken, wordt door lerenden zelf bepaald. Veel lerenden vinden het leuk om te werken met de methodiek. Bij een gebrek aan docenten kan Rosetta Stone een oplossing zijn voor onderwijsinstellingen. Dat er geen trainer beschikbaar is die studenten motiveert of wat extra’s kan bieden, is een minpunt van de methode van Rosetta Stone.

De Pimsleur methode


Bedacht door wie en wanneer


De taalcursussen van Pimsleur zijn ontwikkeld door Amerikaans taalkundige Dr. Paul Pimsleur. De eerste Pimsleur taalcursus was een cursus Grieks, die Pimsleur in 1963 introduceerde.

Kenmerken van de Pimsleur methode


De Pimsleur-methode is een Amerikaans computerprogramma om vreemde talen te leren.

De taalcursussen bestaan uit zinnetjes/dialoog in de doeltaal die door studenten daarna worden nagesproken en weer herhaald. De voorbeeldzinnen zijn ingesproken door moedertaalsprekers. De cursus is op herhaling, anticiperen, woordenschat en herhaling gebaseerd. De lessen van de cursus omvatten een audio-opname van dertig minuten met nieuwe vocabulaire en structuur. De grammaticale structuur van de doeltaal wordt niet apart uitgelegd maar aangeboden via uitbreiding van, en variaties op, de zinnen.

Dr. Pimsleur heeft onderzoeken gedaan naar het optimale interval waarin geleerde informatie van het kortetermijngeheugen overgaat naar het langetermijngeheugen. Dit (gemiddelde) interval is geïntegreerd in de Pimsleur cursussen.

Populariteit


Onder meer Amerikanen gebruiken de Pimsleur taalcursussen en de ervaringen met de methode variëren. Over het algemeen zijn de lerenden tevreden over de aangeleerde uitspraak van de doeltaal.

Voor- en nadelen van de Pimsleur methode


Als uitspraakverbeteraar werkt de methodiek van Pimsleur zeer goed, omdat de insprekers allemaal native speakers zijn en op een natuurlijke manier op een normaal tempo spreken.

Het feit dat er niets wordt uitgelegd, is het nadeel van de methode. De gebruikers leren geen bouwstenen om zelf zinnen te maken, maar moeten het doen met duizenden voorbeeldzinnen die ingeprent worden.

De Michel Thomas methode


Bedacht door wie en wanneer


De Michel-Thomas-methode is, niet verwonderlijk, bedacht door Michel Thomas (geboren als Moniek Kroskof); een genaturaliseerde Amerikaandie oorspronkelijk in Polen is geboren. Kort na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde hij zijn leermethode in een eigen taleninstituut in Beverly Hills, Los Angeles, die beroemdheden als Barbra Streisand, Emma Thompson, Diana Ross, Mel Gibson, Pierce Brosnan en Bob Dylan tot zijn klantenkring kan rekenen.

Kenmerken van de Micheal Thomas methode


Dat iemand alleen kan leren leren als hij of zij vrij is van stress, was het uitgangspunt van Michel Thomas. Michel Thomas begon met de studenten duidelijk te maken dat ze zich geen zorgen hoefden te maken dat ze iets zouden vergeten.

De cursussen van Michel Thomas zijn audiolessen, ingesproken door twee acteurs; een mannelijke acteur en een vrouwelijke acteur. De setting is bij Michel Thomas een virtuele klas, waarbij de student zich voorstelt als de derde student. Hij of zij luistert met de lessen van de acteurs mee. Wanneer de stemacteurs een vraag gesteld wordt, is het de bedoeling dat de lerenden op pauze drukken en eerst zelf de vraag beantwoorden. Er zijn geen huiswerkopdrachten, geen uit-het-hoofd-leren. De lessen worden in kleine stappen opgebouwd en lesstof die nieuw is, wordt afgewisseld met lesstof die al bekend is. De uitleg wordt steeds in de Engelse taal gegeven. Er wordt bijvoorbeeld op verbanden gewezen tussen de Engelse taal en de doeltaal, als die er zijn. Grammaticale uitleg wordt eveneens gegeven. Bij de methode van Michel-Thomas wordt makkelijke lesstof eerst aangeleerd, moeilijkere lesstof wordt pas aangeboden nadat de studenten het voorgaande begrepen en verworven hebben. Behalve woorden en zinnen worden ook bouwstenen geleerd. Hiermee kunnen de gebruikers zelf zinnen construeren. Ook maakt de leermethode gebruik van flashcards waarmee lerenden zelf hun vocabulaire kunnen toetsen en online oefeningen kunnen maken om hun eigen voortgang te kunnen meten.

Populariteit


Veel studenten vinden de cursus fijn om mee te werken en zijn tevreden over de uitleg van de structuur van de taal. De lerenden die al wat verder gevorderd zijn met de taal, vinden de methode van Michel Thomas minder nuttig.

Voor- en nadelen van de Micheal Thomas methode


De taalcursus is zeer toegankelijk en traint de uitspraak en de luistervaardigheid van de vreemde taal op efficiënte wijze. Dat de cursus niet in schrijfvaardigheid voorziet, is een nadeel van de methode van Michel Thomas. Een daadwerkelijke interactie is er ook niet doordat de methode van Michel Thomas een audiocursus is.

De Assimil methode


Bedacht door wie en wanneer


Assimil is een Frans bedrijf, dat in het jaar 1929 is opgericht door polyglot en schrijver Alphonse Chérel. Dit bedrijf maakt taalcursussen en publiceert deze. Het eerste boek van Assimil was Anglais sans Peine.

Kenmerken van de Assimil methode


‘Assimileren’ betekent ‘opgaan in een groep, mengen met’, wat voor een taalcursus wel een hooggegrepen uitgangspunt is. De taalcursussen van Assimil zijn zelfstudielessen die bestaan uit een leerboek en audio-CD’s en een USB-stick. De gebruikers besteden idealiter ongeveer twintig minuten per dag aan de cursus.

De lessen bestaan uit verschillende dialogen die beluisterd, nagesproken en gelezen worden. De vertaling staat naast deze dialoog, met grammaticale uitleg. Om de uitspraak te oefenen, maakt de methode gebruik van zinnen die door moedertaal (native) speakers zijn ingesproken en die de gebruikers dienen te herhalen. De opbouw is van receptief naar productief: in de eerste les wordt nog geen taalproductie van de cursisten verwacht; dit komt pas na ongeveer 50 taallessen.

Populariteit


De Assimil-cursussen zijn gewaardeerd. Ze zijn relatief betaalbaar en het aanbod aan talen is groot.

Voor- en nadelen van Assimil


Het pluspunt van de Assimil-methode is dat de cursist op zijn of haar eigen tempo kan leren op het moment dat dit het beste past. Het nadeel hierbij is, wat geldt voor alle taalcursussen met een computer, dat de cursist op zichzelf is aangewezen. Er is geen taaldocent om de lerenden te motiveren of te begeleiden.


ALGEMENE LEERMETHODES

Audio-Lingual Method (ALM) (Army Method/New Key)


Bedacht door wie en wanneer


De audiolinguale methode was al in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw in Amerika en Engeland ontwikkeld, onder andere door de Amerikaanse taalkundige Leonard Bloomfield. Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog werd het noodzakelijk om de (Amerikaanse) soldaten de elementaire verbale communicatieve vaardigheden te leren. Hierdoor werd deze audiolinguale methode soms de ‘legermethode’ genoemd.

Kenmerken van de Audio-Lingual Method (ALM)


De audiolinguale methode kan beschouwd worden als een reactie op de grammatica-vertaalmethode. Het was nieuw dat de taalles geheel plaatsvond in de doeltaal. De belangrijkste vaardigheden zijn kunnen spreken en luisteren en grammaticale structuren worden geleerd door middel van mondelinge structuuroefeningen. De bedoeling is zonder fouten leren verstaan en spreken, wat begint met leren naspreken. Het middel hiervoor is herhaling; er wordt gewerkt met driloefeningen om zinnen en structuren goed aan te leren, zodat reacties spontaan en als het ware automatisch worden. De taaltrainers kunnen zo bijvoorbeeld een bepaalde zin tien keer herhalen en vervolgens een nieuw woord toevoegen. Er wordt vaak gewerkt in de zogeheten talenpractica, waar lerenden een koptelefoon dragen en naar deze zinnen luisteren en deze nazeggen. De geschreven taal wordt pas behandeld als de mondelinge taal inmiddels vertrouwd is geworden. Er wordt wel met afbeeldingen gewerkt om nieuwe woorden te introduceren.

Populariteit


De audiolinguale methode werd in Nederland pas rond 1970 geïntroduceerd bij het ingaan van de Mammoetwet. Er kwamen al gauw bezwaren tegen deze inhoudsloze driloefeningen. Het kwam wel eens voor dat de techniek haperde, waardoor de talenpractica vrij snel in onbruik raakten. In plaats daarvan maakte men de voor mondeling gebruik bedoelde structuuroefeningen schriftelijk. Schrijvers van leerboeken namen de markt weer over en boden zoals gebruikelijk expliciete grammaticaregels aan. De audiolinguale methode heeft wel haar sporen nagelaten Het was nu alom aanvaard dat het bij een taal leren niet gaat om het uit het hoofd leren van de grammatica, maar om het gebruik ervan. De luistervaardigheid, die vóór de jaren zeventig voor de meeste taaldocenten niet bestond, was ontdekt.

Voor- en nadelen van de Audio-Lingual Method


De audiolinguale methode is voor beginnende studenten effectief. Vanaf het begin wordt een goede uitspraak aangeleerd. De audiolinguale methode is docentgestuurd en en biedt daardoor een efficiënte en vlotte overdracht van taalkennis. Ook bij grote(re) groepen kan de methode worden gebruikt.

Tegelijk heeft dit docentgestuurde aspect een keerzijde; er wordt geen eigen input verlangd van de lerenden, waardoor het gevaar van enige passiviteit en onvoldoende motivatie en betrokkenheid op de loer ligt. Een ander bezwaar is dat de driloefeningen niet zo gemakkelijk in levend taalgebruik om te zetten zijn.

GoldList Method (GLM)


Bedacht door wie en wanneer


De GoldList Method (‘gouden lijst-methode’) is ontwikkeld door David J. James, alias Viktor Dmitrievitch Huliganov of Uncle Davey.

Kenmerken van de GoldList Method (GLM)


De GoldList Method is een methode om woorden of zinnen in een vreemde taal op een zodanige manier wijze te leren dat het in het langetermijngeheugen opgeslagen wordt. Deze methode werkt middels zelfgeschreven woordenlijsten die herhaald worden na verloop van tijd. De opgeschreven woorden of zinnen worden hardop gelezen door de lerenden. Het idee is niet om deze woorden en/of zinnen of zinnen uit het hoofd te leren, maar door de blootstelling gebeurt dit automatisch. Deze woordenlijst wordt telkens veranderd; woorden die zijn aangeleerd, worden van de woordenlijst verwijderd. Die woorden die nog altijd problemen geven, blijven staan.

Populariteit


Aanhangers van de GoldList-methode stellen dat de woorden op de woordenlijst en zinnen spontaan worden opgeslagen in het langetermijngeheugen, iets dat door geheugenwetenschappers wordt betwijfeld. Kennis in het algemeen wordt opgeslagen wanneer deze relevant en van betekenis is. De GoldList-methode kan dus alleen functioneren voor woorden en zinnen die van betekenis en relevant zijn voor de lerende.

Voor- en nadelen van de GoldList Method


Bij lerenden die baat hebben bij bijvoorbeeld Post-its® als geheugensteuntje kan deze GoldList-methode werken. Omdat het fysieke gedeelte van het geheugen door het schrijven aangesproken wordt en meewerkt, functioneert het met de hand schrijven beter dan typen of, zelfs redelijk zinloos: een fotootje maken. Het ontbreken van context is een minpunt. Taal bestaat uiteraard uit veel meer dan alleen een reeks losse woorden en/of zinnen. Daarnaast is deze methode nogal tijdrovend; er moeten steeds handgeschreven woordenlijsten worden aangelegd.

De Natural Method


Bedacht door wie en wanneer


De Natural Method, ook de Natural Approach (de ‘natuurlijke aanpak’) genaamd, is door Tracy Terrell en Stephen D. Krashen in 1983 ontwikkeld.

Kenmerken van de Natural Method


De Natural Method richt zich op een natuurlijke manier van het verwerven van de taal. Op de wijze waarop iemand als kind zijn of haar moedertaal leerde spreken, probeert de methode de vreemde taal aan te leren. Zo leert men onbewust ook de taalregels van de vreemde taal. Alleen de doeltaal wordt hiervoor gebruikt met de nodige visuele hulpmiddelen. Het streven is een stressvrije leeromgeving. Een grote hoeveelheid begrijpelijke input wordt blootgesteld aan de lerenden. De taalproductie mag spontaan ontstaan en wordt niet geforceerd. De methode legt de nadruk op communicatie en niet zo zeer op het corrigeren van vormfouten en expliciete grammatica.

Als de student in de taal wordt ondergedompeld, werkt de methode het meest effectief. De leeractiviteiten die in de te leren taal worden aangeboden, dienen stimulerend te zijn, om ervoor te zorgen dat de studenten plezier beleven van de ervaring.

De Natural Method heeft vrij veel overeenkomsten met de Directe Methode. Het idee van natuurlijke taalverwerving is het uitgangspunt van beide methoden; het onderscheid tussen de leermethoden is dat bij de Directe Methode meer nadruk wordt gelegd op de praktijk en bij de Natural Method meer op de blootstelling aan taalinput en het verminderen van spreekangst.

Populariteit


Dat onderdompeling een erg effectieve leermethode is, is al vaak bewezen. Omdat de methode vrij eenvoudig te begrijpen is, is de Natural Approach een populaire manier van lesgeven onder taaltrainers. Kritiek kent de natuurlijke aanpak ook. De leermethode legt voornamelijk nadruk op het impliciet leren van de grammatica. De lerenden zouden weliswaar leren om te communiceren, maar blijven steken in een wat gebrekkige, versimpelde versie van de taal door ontoereikende kennis van de grammatica.

Voor- en nadelen van de Natural Method


Het wordt prettig gevonden om op een natuurlijke manier een vreemde taal te leren. Studenten krijgen de kans om een persoonlijke band met de buitenlandse taal op te bouwen. Het geleerde beklijft voor een langere tijd, doordat studenten niet ‘uit het hoofd hoeven te leren’.

Omdat er vrijwel geen druk ligt op de taalproductie, kan het nadeel zijn dat het wat langer duurt voor er resultaten merkbaar zijn. Ook bereidt de methode lerenden niet per se voor op een bepaald examen.

Structurele Aanpak


Bedacht door wie en wanneer


De Structural Approach (afgekort SA) ofwel ‘Structurele Aanpak’ is in de begin jaren 50 door Charles Fries, oprichter en directeur van de English Language Institute aan de Universiteit van Michigan en één van zijn studenten Robert Lado ontwikkeld.

Kenmerken van de Structurele Aanpak (SA)


Deze Structurele Aanpak is een methode om vreemde talen te leren die als doel heeft om de lerende vertrouwd te laten raken met de fonologische en grammaticale structuren van de taal. Volgens de SA levert de beheersing van deze structuren meer op dan het verwerven van woordenschat van de vreemde taal. Bij de Structurele Aanpak draait het om het herkennen en kunnen toepassen van vaste woordcombinaties en woordgroepen in de correcte woordvolgorde. Deze vaste combinaties worden in betekenisvolle situaties middels dramatisering, visualisatie, handelingen en gezichtsuitdrukking gepresenteerd aan de studenten. De structuren die in de praktijk het meest in de doeltaal gebruikt worden, worden eerst aangeboden. Mondelinge vaardigheid (luistervaardigheid en spreekvaardigheid) wordt hier in de eerste instantie bij gebruikt; daaruit volgen leesvaardigheid en schrijfvaardigheid. Bij het aanleren en verbeteren van de productieve vaardigheid (de spreekvaardigheid en de schrijfvaardigheid), krijgt grammatica een grote plek. Structural-Situational Approach (structurele-situationele benadering) en de Structural-Oral-Situational Approach (structurele-mondeling-situationele benadering) zijn andere benamingen voor de Structurele Aanpak.

Populariteit


De Structurele Aanpak werd in de jaren vóór 1970 op vrij grote schaal gebruikt voor het geven van Engelse les in Engelssprekende landen, de voormalige Britse koloniën en in Maleisië.

Voor- en nadelen van de Structurele Aanpak


Een structurele aanpak heeft als sterke kant dat de studenten de taal op een nauwkeurige wijze geleerd wordt. De studenten krijgen inzicht in de grammatica van de taal en ze leren in welke situaties woorden of woordcombinaties wel of niet passend zijn. De methode van de Structurele Aanpak gebruikt alledaagse taal. De Structurele Aanpak heeft ook minpunten. Deze methodiek kost tamelijk veel tijd en biedt niet onmiddellijk succeservaringen. De input van de student zelf is beperkt; het is weinig creatief.

Communicatief taalonderwijs (Engels: Communicative Language Teaching; CLT)


Bedacht door wie en wanneer


Communicatief taalonderwijs (Engelse naam: Communicative Language Teaching; CLT), ook ‘De Communicatieve benadering’ (Engelse naam: Communicative Approach; CA) genoemd, is in de jaren 60 van de vorige eeuw ontstaan onder invloed van ideeën van taalkundige Noam Chomsky, die de nadruk legde op competenties bij het leren van een taal. Taalkundige Dell Hymes was de grondlegger in het jaar 1966 van het concept van communicatieve vaardigheden.

Kenmerken van Communicatief taalonderwijs (CLT)


Het communicatief talenonderwijs gaat uit van de opvatting dat interactie het uiteindelijke streven is van het leren van vreemde talen.

Met behulp van de CLT-technieken leren de met de vreemde taal in de praktijk te brengen door de interactie met de docent en onderling. Teksten, geschreven in de vreemde taal of ander materiaal uit de werksituatie en/of het dagelijks leven worden gebruikt. De doeltaal wordt zowel tijdens en ook buiten de les gebruikt.

Studenten praten over persoonlijke gebeurtenissen met medestudenten en de docent draagt onderwerpen aan die buiten het gebied van de traditionele grammatica liggen, om de taalvaardigheid in diverse situaties uit de praktijk te oefenen. Grammatica wordt inductief geleerd, dit houdt in aan de hand van de praktijk, waaruit de regel volgt.

Bij CLT is de taaldocent echt een trainer, die de lerende helpt communiceren in de vreemde taal.

Populariteit


Het communicatief taalonderwijs werd heel populair in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw, deels omdat de traditionele taalonderwijsmethodes niet zo succesvol bleken. Door de verdere eenwording van Europa was er een grotere behoefte aan het leren van talen op een wijze die direct kon worden toegepast.

Voor- en nadelen van Communicatief taalonderwijs


CLT (communicatief taalonderwijs) heeft veel pluspunten. Studenten ‘kunnen’ al snel ‘iets’ in de te leren taal; het is studentgericht en functioneel. Vanwege het gebruik van authentieke materiaal, leren de studenten de woorden die zij moeten weten. CLT is efficiënt. Voor de lerende is deze methode stimulerend, omdat hij of zij vlug succeservaringen heeft. Foutjes mogen worden gemaakt; al doende wordt de vaardigheid geleerd en daarna geperfectioneerd. Een nadeel van deze communicatieve benadering is dat er minder aandacht wordt geschonken voor grammatica, vocabulaire dat niet direct toepasbaar is en de uitspraak. De voorbereiding en de planning vraagt veel meer tijd van de docent en vereist een actieve deelname van de studenten. Voor een aantal studenten is deze manier van een taal leren afwijkend of lastig, afhankelijk van welke achtergrond zij hebben. Communicatief taalonderwijs (CLT) (communicatief taalonderwijs) draait om het trainen van vaardigheden; daarbij gaat het om de functie en in mindere mate om de vorm en deze methode biedt dan ook geen echt samenhangend geheel.

Grammatica-/vertaalmethode (GVM) (Engels: Grammar-Translation Method; GTM)


Bedacht door wie en wanneer


Het taalonderwijs was in de 18de en de 19de eeuw vooral gericht op praktisch taalgebruik. Er word geleerd om gebruiksklare zinnen, idiomatische uitdrukkingen, dialogen, lijsten met woorden etcetera na te spreken, uit het hoofd te leren en vervolgens op te zeggen. Dit werd anders gedaan door Johann Valentin Meidinger; docent Frans en Italiaans uit Duitsland. Omstreeks 1783 ontwikkelde Meidinger een methode waarin de grammatica centraal stond. Meidinger wordt als de grondlegger gezien van de zogenaamde grammatica-vertaalmethode (Engels: Grammar-Translation Method, afgekort GTM).

Kenmerken van de Grammatica-/vertaalmethode (GVM)


Deze methode was op het onderwijs in het Latijn gestoeld; de taal van religie, cultuur en wetenschap. Onderwijs in Latijn was vanzelfsprekend op geschreven teksten van klassieke schrijvers gericht en was volledig op het vertalen en de grammatica gericht. Dat werd als een degelijke en wetenschappelijke aanpak gezien. De Grammatica-/vertaalmethode (GVM) gaat van de analyse uit van taalstructuren en taalvormen waarbij de student zelf inzicht ontwikkelt. De lees- en schrijfvaardigheid dus belangrijk bij deze methode. Literatuur, vertalen en uit het hoofd leren van woordenlijsten krijgen de nadruk. De docent draagt taalkennis over, de student memoriseert.

Populariteit


Al sinds halverwege de negentiende eeuw was ook tegengeluid te horen. Desondanks heeft tot recente datum de grammatica-/vertaalmethode een grote invloed op het talenonderwijs gehad.

Voor- en nadelen van de Grammatica-/vertaalmethode


Aan personen voor wie het een uitdaging is om dingen uit het hoofd te leren, is de grammatica-/vertaalmethode is een aardige mentale training. De methode biedt ook inzicht in de structuur, omdat de nadruk gelegd wordt op de grammatica.

De methode kent echter meer minpunten dan pluspunten. Het grootste pluspunt is dat de luister- en spreekvaardigheid ver achterblijft, waardoor de taal zelfs na jaren studie zelden mondeling toegepast kan worden. De methode staat ver af van het dagelijks gebruik van de taal, ook in de context die wordt aangeboden, omdat het over het algemeen om literair taalgebruik gaat. Bij het leren in een groep biedt de leermethode geen mogelijkheid tot differentiatie of tot een eigen creatief leerproces bij studenten. De lerenden zijn slechts toehoorders en uitvoerders.

Onderdompeling (Engels: immersion)


Bedacht door wie en wanneer


Sinds de jaren 70 wordt de leermethode ‘onderdompeling’ (Engels: language immersion) over de hele wereld toegepast, en dan met name op middelbare scholen waarbij een vak (bijvoorbeeld het vak wiskunde) wordt gegeven in een vreemde taal. In Nederland is de methode van ‘onderdompeling’ ook wel bekend als de leermethode die gebruikt wordt bij Taleninstituut Regina Coeli in Vught, ‘de nonnen van Vught’. De methode van ‘onderdompeling’ is daar in 1963 ontstaan met Franse nonnen die Franse les onderwezen aan welgestelde dames uit Vught en omgeving.

Kenmerken van onderdompeling


Onderdompeling behelst dat degenen die de taal leren, vanaf het eerste moment omgeven is door de te leren taal. De instructies vinden in de doeltaal plaats; eerst langzaam en met veel herhaling, later op een natuurlijkere wijze. Vanaf het begin wordt de student ook uitgedaagd om in de nieuwe taal te spreken. De methode maakt gebruik van simulaties en rollenspellen. Op onderwijsinstellingen die werken met onderdompeling, wordt vaak de omgeving in de stijl van het land van de doeltaal ingericht om een situatie te creëren alsof de studenten in het land zijn waar die taal gesproken wordt. Lerenden oefenen één-op-één of in kleine groepen met spreken. Daadwerkelijk naar het land van de doeltaal gaan en daar in een gastgezin verblijven, is een andere methode om een taal te leren door middel van onderdompeling.

Populariteit


Onderdompeling wordt gezien als een uitstekende methode om een vreemde taal te leren. Vooral de mondelinge taalvaardigheid kan zeer goed worden ontwikkeld op deze manier.

Voor- en nadelen van onderdompeling


Doordat de methode behoorlijk intensief is, is het belangrijkste voordeel dat deze methode snel resultaten laat zien. De methode is ‘sink or swim’, de lerende moet wel in de te leren taal gaan communiceren want hij of zij wordt erdoor omgeven. Feitelijk is de student 24 uur per dag aan het leren. Door samen te oefenen in groepsverband wordt de sociale interactie versterkt. Dit wordt door de studenten als motiverend ervaren.

Dat de bereikte resultaten niet altijd wordt vastgehouden, is een nadeel. Als iemand in een vrij korte tijd een nieuwe taal leert, door in het land te zijn of door te zijn ondergedompeld in een kunstmatig gecreëerde omgeving, maar daarna weer overgaat tot de orde van de dag, is de kans groot dat het nieuw geleerde relatief snel wegzakt. Het feit dat een dergelijke training erg intensief is, kan een bijkomend minpunt zijn. Niet alle lerenden hebben de conditie om deze leermethode vol te houden.

Suggestopedie (Suggestopedia)


Bedacht door wie en wanneer


Suggestopedia is een methode om taal te leren uit de jaren 70 van de vorige eeuw. Suggestopedia is ontwikkeld door de Bulgaarse psychotherapeut Georgi Lozanov.

Kenmerken van Suggestopedie


De methode van Suggestopedia is op de kracht van de suggestie gebaseerd. Positieve suggestie is volgens Lozanov een voorwaarde om te kunnen leren. Een ontspannen sfeer en wederzijds vertrouwen tussen de lerenden en de docent zijn daarvoor van essentieel belang. De voorwaarde is dat de lerende zich veilig en ontspannen voelt. Een leslokaal met een rijopstelling was uit den boze om dit te bereiken. De lerenden zaten tijdens de lessen in comfortabele stoelen die waren opgesteld in een halve cirkel en er was ook altijd achtergrondmuziek in de klas. De leermethode zoals Georgi Lozanov die beoogde, bestond uit het voorlezen van verschillende teksten, terwijl op de achtergrond klassieke muziek werd gespeeld of natuurgeluiden waren te horen. Er waren lijsten met woorden bij de teksten en opmerkingen over de grammatica van de doeltaal. Er werd met gebaren en veel expressie in stem voorgelezen. Studenten werden zo verleid om te luisteren en ze konden de woorden die nieuw waren voor ze, gemakkelijk begrijpen en opnemen. In de lessen werd veel aandacht geschonken voor cultuur en kennis over het land van de doeltaal. Er werd met rollenspellen gewerkt en er werden bijvoorbeeld eveneens streekgerechten gemaakt en gegeten.

Populariteit


De methodiek Suggestopedia was enigszins omstreden en is niet erg bekend meer. Sommige elementen van de methode zoals het gebruikmaken van stemexpressies en gebaren bij het lezen van teksten, worden nog steeds gebruikt.

Voor- en nadelen van Suggestopedie


De methode van Suggestopedia zorgt voor een ontspannen en veilige sfeer, waardoor de student minder last zal hebben van frustratie of faalangst. Voor nieuwkomers kan deze sfeer aan een positieve associatie met het nieuwe thuisland bijdragen. Muziek werkt vaak motiverend en draagt bij aan betere leerprestaties. Een ander voordeel van Suggestopedie dat de lerenden gestimuleerd worden om actief mee te doen en zich in te leven in de situaties. Dit is voor een aantal mensen een nieuwe ervaring. Tegelijkertijd is dit voor sommige lerenden een keerzijde, want niet iedereen is hiertoe in staat. Muziek kan bij sommigen ook afleiden en verstorend werken en niet ontspannend en stimulerend. Dat de relatie tussen de docent en de student niet echt gelijkwaardig is, is een ander zwak punt; alle input komt van de kant van de docent waarbij de student steeds de ontvangende partij is.

Community Language Learning (CLL)


Bedacht door wie en wanneer


De Amerikaanse priester en psycholoog Charles Curran en professor Paul La Forge ontwikkelden Community Language Learning, ook wel Counseling Language Learning
(CLL) genoemd, in 1976.

Kenmerken van Community Language Learning (CLL)


CLL (Community Language Learning) is een methode om een taal te verwerven waarbij studenten samenwerken om te bepalen welke aspecten van de vreemde taal zij willen leren. Deze CLL methode baseert zich op de counseling-benadering waarbij de docent als counselor optreedt die de zinnen van de lerende omschrijft. Lerenden beginnen het gesprek. Zij spreken in hun moedertaal als de lerenden de doeltaal nog niet voldoende machtig zijn. De taaldocent vertaalt en legt uit. Hierna herhalen de lerenden de uitingen van de docent zo nauwkeurig mogelijk. Deze gesprekken worden opgenomen om daarna te kunnen herbeluisteren.

De CLL stimuleert het gemeenschapsgevoel in de leergroep en de methode beschouwt de wisselwerking tussen de studenten als middel om de taal te leren. Het zijn de lerenden zelf die het lesmateriaal bepalen door middel van betekenisvolle gesprekken. Een leerboek wordt niet gebruikt.

Populariteit


Het slagen van CLL hangt grotendeels af van de kunde van de docent-counselor. Bij deze methode dient de taaltrainer sociaal-cultureel kundig alsook taalkundig te zijn. Deze trainer dient zowel de doeltaal als de moedertaal van de student erg goed te beheersen om in staat te zijn om de taaluitingen van de student te vertalen. CLL kan goed werken als deze op de juiste wijze wordt toegepast. CLL is niet bruikbaar voor grote klassen.

Voor- en nadelen van Community Language Learning


CLL biedt studenten een hoge mate van autonomie. Het analyseren van hun eigen gesprekken wordt door veel studenten als zinvol ervaren. De leergroep wordt vaak zeer hecht, niet alleen tijdens de lessen, maar ook daarbuiten. Met CLL worden studenten zich veel meer bewust van hun groepsgenoten, hun sterke en zwakke punten en ze leren als een team samen te werken. Het bespreken van hun fouten en het evalueren van de taallessen is heel leerzaam voor de studenten. Vaak blijven dergelijke correcties in het geheugen gegrift en worden zo deel van het actieve vocabulaire van de studenten.

Dat de docent niet sturend is, ondanks dat sommige studenten deze sturing wel nodig hebben, kan een keerzijde zijn. Er wordt geen lesboek gebruikt en er worden geen toetsen gehouden. Het succes van de les is daardoor moeilijk te meten. Een aantal studenten wordt belemmerd in hun spreken wanneer zij opgenomen worden.

Lexicografische benadering (Engels: Dynamic Lexicographic Approach; DLA)


Bedacht door wie en wanneer


De Lexicografische benadering (In het Engels: Lexical Approach; LA) is een methode om vreemde talen te leren die door Michael Lewis in het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw is ontwikkeld.

Kenmerken van de Lexicografische benadering (DLA)


De benadering gaat uit van het idee dat een belangrijk gedeelte van het leren van een taal bestaat uit het begrijpen en produceren van zogenaamde ‘lexicale eenheden’, brokjes taal die uit woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen bestaan. Studenten verwerven al doende inzicht in patronen van de te leren taal (grammatica) en betekenisvolle groepen met woorden. Ze leren hoe de taal ‘in het echt’ wordt gebruikt. Woordenschat neemt in deze benadering een grotere plaats in dan grammatica. De instructies zijn op situaties en uitdrukkingen die regelmatig voorkomen in dialogen gericht. Er wordt aandacht geschonken aan interactie maar eveneens aan exposure; aan de receptieve vaardigheden van de lerende (luisteren/begrijpen, lezen/begrijpen). Er bestaat veel mogelijkheid voor de lerenden om zelf de taal te ontdekken.

De rol van de taaldocent is voor genoeg input te zorgen en het faciliteren van het leerproces van de lerenden.

Populariteit


De lesboeken zijn duidelijk anders geworden in de afgelopen drie decennia door de invloed van (onder andere) de ideeën over taal van Michael Lewis. Er wordt veel meer aandacht geschonken aan de woordenschat die in zogenaamde chunks wordt aangeboden, in betekenisvolle brokjes. Een drastische verandering in de wijze waarop taal wordt onderwezen, iets waarnaar Lewis streefde, is er echter niet van gekomen.

Voor- en nadelen van de Lexicografische benadering


Door met ‘chunks’ (brokjes van de taal); met ‘echte’ taal te werken, leren de studenten om de taal op een natuurlijke manier te gebruiken. Dit zorgt voor souplesse in het taalgebruik.

Het minpunt van de leermethode is dat de werkelijkheid altijd weer afwijkt van de geleerde taalsituaties. Sommige lerenden hebben moeite om de patronen van de taal zelf te leren herkennen en hebben meer aan een trainer die hen de weg wijst, dan aan een docent-facilitator.

Series Method


Bedacht door wie en wanneer


De Series method, ook wel ‘seriemethode van taalverwerving’ (Frans: La Méthode naturelle) genoemd, is in 1880 door de Fransman François Gouin ontwikkeld.

Kenmerken van de Series Method


Een serie van verbonden zinnen die gemakkelijk te begrijpen zijn en niet veel kennis vereisen van grammatica, is het uitgangspunt van de seriemethode (Engelse naam: The Series Method of language acquisition) van Gouin. Op basis van een actie, zoals het verlaten van een huis in de volgorde waarin deze uitgevoerd zou worden, leren de studenten zinnen. Deze series of reeksen gingen over onderwerpen als mens in de samenleving, leven in de natuur, wetenschap en beroep, vanuit het onderscheid tussen objectief, subjectief en figuurlijk taalgebruik ontwikkeld. In de Gouin-serie wordt geen moedertaal gebruikt. Het betreft een soort eentalige manier van taalverwerving, die niet uitgaat van ‘vertalen’ en ‘uitleggen’ maar uitgaat van ‘demonstreren’ en ‘handelen’, waardoor lerenden vanzelf snel in de te leren taal gaan denken.

Populariteit


De seriemethode van Gouin was zijn tijd ver vooruit. Ondanks de vrij ongewone aanpak, was de seriemethode van Gouin gedurende een bepaalde periode een succes. Deze methode werd echter door Maximilian Berlitz’ Directe Methode overschaduwd.

Voor- en nadelen van de Series Method


De Seriemethode van Gouin ontwikkelt de mondelinge vaardigheden goed en zorgt voor een sfeer die harmonieus, natuurlijk en gelijkwaardig is.

De taalmethodiek garandeert levendig taalonderwijs. Dit soort onderwijs wekt de leermethode enthousiasme bij de studenten op door gebruik te maken van visuele leermiddelen, bijvoorbeeld afbeeldingen, grafieken, en dergelijke. Een vreemde taal leren werd tastbaar; dit was geheel nieuw. Lerenden worden nieuwsgierig, dit werkt goed om het leergeheugen te ontwikkelen, de druk om te presteren te verminderen alsook het zelfvertrouwen te verbeteren. De methode stimuleert de communicatieve vaardigheden van de lerenden sterk.

De seriemethode heeft als nadeel dat taal die iets meer abstract of subjectief wordt, lastig in één concrete ervaring is te vangen met beweging en expressie. Een bijkomend minpunt is de bewerkelijkheid voor de trainer, die tenslotte een hele reeks aan series voor moet bereiden. Als derde punt richt de Gouin-seriemethode zich vooral op het mondelinge taalgebruik, terwijl het reguliere onderwijssysteem nog veelal draait om examens voor het toetsen van de lees- en schrijfvaardigheid.

Task-Based Language Teaching (TBLT)


Bedacht door wie en wanneer


Task-Based Language Teaching; TBLT (Taakgericht taalonderwijs) is in de jaren tachtig van de vorige eeuw ontwikkeld. De grondleggers zijn de Indiase taalkundige professor N.S. Prabhu, de Amerikaanse hoogleraar Teresa P. Pica en de Britse hoogleraren Michael Hugh Long en Graham Crookes.

Kenmerken van de Task-Based Language Teaching (TBLT)


Taakgericht taalonderwijs past binnen het Communicatief Taalonderwijs/een Communicatieve Benadering. De denkwijze achter deze methode is dat de verwerving van de vreemde taal geen doel op zich is, maar een middel om bepaalde taken uit te kunnen voeren. Lerenden krijgen motiverende taken aangeboden, waarvoor kennis van de taal nodig is. Om deze taken goed uit te voeren, dienen zij over taalregels en woordenschat te beschikken. De taken zijn alledaagse taken, zoals het schrijven van een e-mail, bellen met de klantenservice, boodschappen doen, iets te drinken bestellen of de krant lezen. De taak wordt in drie fasen verdeeld: vóór, tijdens en na de taak, waarbij de studenten zich eerst voorbereiden op de taak, de opdracht vervolgens uitvoeren en tot slot hierop terugblikken. Studenten moeten samenwerken om de opdrachten uit te kunnen voeren. Om leereffect te hebben, moeten de taken iets boven het niveau van de lerende liggen.

Populariteit


Task-Based Language Teaching is vanaf het begin van de jaren negentig zeer populair geworden, zeker in het taalonderwijs. Het lijkt de meest praktisch bruikbare vorm te zijn om de taalvaardigheden bij lerenden (hoofdzakelijk lerenden in een achterstandspositie) te verhogen in het lager en secundair onderwijs.

Voor- en nadelen van Task-Based Language Teaching


Taakgericht taalonderwijs heeft duidelijke voordelen. Taakgericht taalonderwijs taakgericht taalonderwijs is een activerende manier van werken, waarbij studenten uitgedaagd worden om hun vaardigheid te gaan gebruiken. Het is een op de persoon gerichte, efficiënte en relevante aanpak, mits de opdracht goed bij de lerende aansluit. De student komt op een dagelijkse, natuurlijke wijze in contact met de taal en leert op deze manier authentieke woorden, woordcombinaties en uitdrukkingen. Bovendien leren studenten om samen te werken. Studenten ervaren taakgericht taalonderwijs als motiverend en prettig.

Als nadeel kan van de methode genoemd worden dat de communicatie het belangrijkst is en niet zozeer de correcte vorm, waardoor de lerenden die niet zozeer precies leren.

De Dogme benadering (Engels: Dogme Language Teaching; Dogme ELT)


Bedacht door wie en wanneer


Scott Thornbury; een Nieuw-Zeelandse linguïst en docententrainer op het gebied van taalonderwijs Engels ontwikkelde in het jaar 2000 Dogme Language Teaching/Dogme ELT (de ‘Dogmabenadering’).

Kenmerken van de Dogme benadering (ELT)


‘Dogme 95’; de beweging van een aantal filmmakers uit Denemarken onder wie filmregisseur Lars von Trier uit het jaar 1995 was de inspiratie voor Dogme Language Teaching (DLT). De deelnemers confirmeren zich aan tien strenge regels (dogma’s) voor het maken van films die samen ‘de eed van zuiverheid’ (Deens: kyskhedsløfter; Engels: Vows of Chastity) vormen. Het Dogme-taalonderwijs werkt op een vergelijkbare manier. De aanhangers van deze methode streven naar een vorm van communicatief taalonderwijs die niet door enig voorgedrukt materiaal belast is. Het houden van echte inhoudelijke conversaties die over praktische zaken gaan, is het doeleinde van de Dogme-methode, waarbij het gaat om communicatie als drijvende kracht van een taal leren. Daarom is de methode een communicatieve werkwijze voor taalonderwijs, die een vreemde taal wil onderwijzen zonder het gebruik van leerboeken of andere lesmaterialen en zich in plaats daarvan op het communiceren tussen taaldocent en studenten focust. Het Dogme-taalonderwijs kent, net als de Dogme-beweging van de filmmakers, 10 uitgangspunten (dogma’s).

Populariteit


Ondanks dat onderzoek naar het succes van Dogme beperkt is, stelt Scott Thornbury dat de parallellen met taakgericht leren van een vreemde taal erop wijzen dat Dogme waarschijnlijk voor vergelijkbare resultaten zorgt.

Voor- en nadelen van de Dogme benadering


Dat er vrijwel geen voorbereiding is vereist, is een pluspunt voor docenten. Dat de lerende verantwoordelijk is voor het eigen leerproces, kan heel motiverend werken. Zo zijn de lessen niet voorspelbaar. Dit garandeert spontane communicatie en verveling krijgt geen kans. Vrijwel elk onderwerp kan tijdens een taalles volgens de Dogme-benadering worden besproken. Dit zorgt ervoor dat de studenten alert en betrokken blijven.

Als ze zo weinig bij de hand genomen worden door de docent kunnen studenten zich echter iets ongemakkelijk voelen. Ook zijn niet alle taaltrainers voldoende flexibel voor dit type van onderwijs. Dat studenten zich vaak op een bepaald examen dienen voor te bereiden en het niet zeker is dat de leerstof daarvoor in de taalles wordt behandeld, kan een bijkomend nadeel van de methode zijn.

Growing Participator Approach (GPA)


Bedacht door wie en wanneer


The Growing Participator Approach (GPA) is ontwikkeld in het jaar 2007 door Language consultants Greg en Angela Thomson.

Kenmerken van de Growing Participator Approach (GPA)


De GPA-benadering geldt als een alternatieve visie op het verwerven van een vreemde taal. De primaire aanname van deze methode is dat taal en cultuur onlosmakelijk zijn. Bij GPA gaat het om veel meer dan alleen het leren van de taal; het uiteindelijke doel is uitgroeien tot deelnemers aan het leven in de gastcultuur. Daarom hanteert GPA de termen ‘groeiende deelnemers’ in plaats van ‘taallerenden’ en ‘verzorger’ in plaats van ‘leraren of docenten’. De GPA vertoont gelijkenissen met, en is ook deels gebaseerd op, de Natural Approach (natuurlijke aanpak) van Stephen Krashen en Tracy Terrell.

De methode kent zes fasen van activiteiten. De lerende met een verzorger uit de gastcultuur voeren de activiteiten uit. Begrijpen is belangrijker dan produceren. De focus ligt op de woordenschat en de cultuur. Fase 1 van de methode is de hier-en-nu-fase. Deze fase neemt ongeveer 100 uur in beslag. De ‘groeiende deelnemer’ concentreert zich in fase 1 op luisteren en non-verbale feedback geven.

Fase 2 is de zogenaamde verhaalopbouwfase. Deze fase neemt ongeveer 150 uur in beslag en nu beginnen de deelnemers de vreemde taal ook te produceren. In fase 3 ligt de nadruk op zogenaamde ‘gedeelde verhalen’. ‘Gedeelde verhalen’ zijn verhalen over dagelijkse gebeurtenissen, verhalen die tussen culturen worden gedeeld alsook verhalen over gedeelde ervaringen. Fase 4 van de methode is de fase van het ‘diepe delen’. De deelnemers en de verzorgers beginnen nu diepere gesprekken over het leven in de ontvangende cultuur te voeren. In fase 5 beginnen de deelnemers zich te richten op taalgebruik van moedertaalsprekers door middel van televisie, films of nieuws en literatuur. De taal die voor het werk nodig is, wordt ook geleerd. Fase 6 van de methode is de zogenaamde ‘zelfvoorzienende groeifase’. Deze fase heeft geen eindpunt. Het gaat het hierbij om de groei buiten de formele taalsessies om.

Populariteit


Omdat de methode van Thomson nog redelijk nieuw is, is nog weinig bekend over het succes van deze methode. Deelnemende studenten zijn vrij enthousiast over deze methode.

Voor- en nadelen van de Growing Participator Approach


Met de GPA-methode wordt een duidelijk inzicht op het proces van de taalverwerving geboden. De zes fasen van GPA bieden een duidelijk tijdspad alsook realistische doelstellingen. De lerenden verwerven niet alleen kennis van de taal, maar eveneens van de omgeving en de lerenden verwerven daarnaast een nieuw sociaal netwerk.

Dat voor elke deelnemer of tenminste elke groepje deelnemers een ‘verzorger’ moet worden gevonden die bereid is om behoorlijk wat tijd te investeren, is een keerzijde van deze methode.

Shadowing Technique


Bedacht door wie en wanneer


De Shadowing technique of kortweg Shadowing (‘schaduwen’) is bedacht door de Amerikaanse polyglot en taalkundige Prof. Alexander Argüelles in de vroege jaren 2000.

Kenmerken van de Shadowing Technique


Shadowing is een methode die studenten zelfstandig kunnen gebruiken om de intonatie en uitspraak te verbeteren en vloeiendheid in het spreken te verwerven. Het is een eenvoudige methode: de studenten luisteren naar een audio-opname, bij voorkeur een dialoog en herhalen dan wat zij horen. Bij de methode is het niet belangrijk om de tekst in de doeltaal te begrijpen; in de eerste plaats gaat het om de klanken. Het luisteren en herhalen oefent men net zo vaak tot het soepel gaat en de student simultaan kan spreken met de opname. Na enige tijd zullen de lerenden een transcript gebruiken om te kunnen lezen (en begrijpen) wat zij gezegd hebben. Zolang de boeken dialogen bevatten of stukken samenhangende teksten, zijn diverse lesboeken geschikt voor deze techniek. De audio-opname dient ideaal bezien wat boven het niveau van de student te liggen. De ideale lengte is ruwweg één pagina, op een natuurlijke snelheid en zonder kunstmatige pauzes. Doordat fysieke bewegingen de opname van de vreemde taal in het zenuwstelsel versterken, doet Alexander Argüelles de aanbeveling aan studenten om tijdens het spreken te lopen, het liefst buiten, en niet te zitten. Dat de student minder snel afgeleid wordt als hij of zij beweegt, is een bijkomende reden waardoor het werken aan de doeltaal veel effectiever wordt.

Shadowing heeft veel gemeen met de audiolinguale methode uit de vorige eeuw, maar bij de audiolinguale methode werden grammaticale drills gebruikt in plaats van dialoog of samenhangende teksten. Ook het simultaan spreken is afwijkend aan Shadowing.

Populariteit


De afgelopen jaren is veel onderzoek naar Shadowing gedaan waaruit blijkt dat de techniek zowel de uitspraak als de luistervaardigheid sterk verbetert. Maar eveneens het algemene begrip van de doeltaal wordt vergroot.

Voor- en nadelen van de Shadowing Technique


Shadowing heeft als praktisch voordeel dat de methodiek in een groep lerenden kan worden gebruikt, waarbij iedere deelnemer in de groep individueel actief leert. Het rendement van de Shadowing-methode is hoog.

De Shadowing-techniek heeft als keerzijde is dat lerende het soms ietwat saai kan kunnen vinden om dezelfde tekst te blijven herhalen. De tekst kiezen is dus heel belangrijk.

Total Physical Response (TPR®)


Bedacht door wie en wanneer


De Amerikaanse psycholoog James Asher ontwikkelde de taalverwervingsmethode Total Physical Response, ook wel TPR® genoemd, in de jaren 60 van de vorige eeuw.

Kenmerken van Total Physical Response (TPR®)


TPR® is een methode om talen te leren die uitgaat van het principe dat mensen leren met behulp van beweging en handelingen. Men leert door te doen, en wel op de manier zoals een kind zijn moedertaal leert. Ouders geven continu opdrachten aan hun (jonge) kinderen en belonen hen als ze die uitvoeren (“kijk naar mama”, “goed zo”). “Pak de lepel”, “Mooi!”, “Trek je schoentjes maar aan”, enz.). In eerste instantie is het de bedoeling dat de kinderen begrijpen wat de ouders zeggen, de kinderen gaan in een later stadium verbaal reageren. Dus de luistervaardigheid vormt de basis, daarna volgt de spreekvaardigheid.

De methode van TPR® past deze grondslagen van de moedertaalverwerving versneld toe bij het leren van een vreemde taal. De docent geeft op een begrijpelijke en vriendelijke wijze taken, bijvoorbeeld: “pak het boek” en doet de taken zelf voor; de lerenden doen deze taken na. Aanvankelijk wordt van de studenten nog niet verwacht dat ze spreken; de studenten geven de taken in een later stadium. Taken die bekend zijn worden uitgebreid of gedeeltelijk veranderd.

TPR® appelleert aan de beide hersenhelften door het combineren van beweging en spraak. Op deze manier kost het minder moeite om dingen te leren en de geleerde stof beklijft ook beter.

Populariteit


De methode van TPR® wordt met name binnen het NT2-onderwijs toegepast (Nederlands als tweede taal), zeker bij beginners en ook wel bij Engels op de basisschool. Maar middelbare scholieren en volwassenen werken eveneens met plezier met TPR® en behalen goede resultaten.

Voor- en nadelen van Total Physical Response


TPR® biedt veel voordelen. Doordat de student veel begrijpelijke input krijgt aangeboden in ‘chunks’ (woorden die bij elkaar horen), krijgt hij of zij snel begrip van de nieuwe taal. Total Physical Response levert snelle succeservaringen op, wat het plezier in leren bevordert. Het zorgt een stressvrij leerproces. In principe is TPR® inzetbaar voor elk type doelgroep, ongeacht welke achtergrond en leeftijd en kan de methode eveneens worden toegepast in grotere klassen. De taal wordt direct opgeslagen in het langetermijngeheugen van de lerende.

Dat niet elke taaluiting in TPR®-opdrachten uit te drukken is, is de keerzijde van TPR®. Hierdoor werkt de leermethodiek tot op een zeker niveau en is een andere leermethodiek nodig als aanvulling. De methodiek is ook niet heel creatief. De studenten leren niet om hun ideeën, meningen en gevoelens uit te drukken.

De Directe Methode (Engels: Direct Method; DM)


Bedacht door wie en wanneer


Eind jaren tachtig van de negentiende eeuw bedacht de Duits-Amerikaanse linguïst Maximilian Delphinius Berlitz (geboren als David Berlizheimer) de Directe Methode, ook wel ‘de natuurlijke benadering’ genoemd. De Directe Methode is als reactie op de dominante grammatica-vertaalmethode ontwikkeld.

Kenmerken van de Directe Methode (DM)


Er sprake van een Reformbeweging omstreeks het jaar 1900 met nieuwe ideeën over vreemde talen leren dat zelfontdekkend en inductief diende te zijn. Overigens betrof deze Reformbeweging niet alleen het leren van een taal, maar ook voeding, kleding, natuurgeneeskunde en naturisme. Men streefde, net als in de jaren 60 van de vorige eeuw, rond het jaar 1900 naar meer natuurlijke manieren van leven en een bevrijding van keurslijven. Er kwam op het gebied van het taalonderwijs veel aandacht voor de ‘levende’, gesproken taal, waarbij grammatica vooral inductief werd onderwezen, aan de hand van voorbeeldzinnen. Hieruit dienden de lerenden de taalregels af te leiden. Er waren veel mondelinge oefeningen en met veel aandacht voor de uitspraak van de taal. Studenten werden gestimuleerd vaak te spreken. Het was ook nieuw dat de taalles in de doeltaal gegeven werd. In de les werd nadrukkelijk niet vertaald. Het leren van woordenschat van de vreemde taal gebeurde door middel van plaatjes en voorbeelden. De studenten boden zelf abstracte vocabulaire aan om ideeën te laten associëren.

Populariteit


Deels door invloed van de crises en oorlogen ebde de vernieuwingsgolf van het begin van de twintigste eeuw weg, om in de jaren 60 weer in een andere vorm terug te komen.

Met (een moderne versie van) de Directe Methode wordt nog steeds gewerkt door taleninstituten zoals Interlingua en Berlitz.

Voor- en nadelen van de Directe Methode


Het grote voordeel van de Directe Methode is dat de methode een vrij natuurlijke manier is om een taal te leren. Spreken en luisteren komen uitgebreid aan bod, waardoor de studenten vloeiendheid in de vreemde taal en zelfvertrouwen kunnen ontwikkelen. De leermethode heeft echter eveneens minpunten. Voor schrijfvaardigheid is bij deze methode vrijwel geen aandacht en voor lezen in de doeltaal weinig. Voor de meer gevorderde student, heeft deze leermethode niet genoeg uitdagingen te bieden. Doordat de Directe Methode is gebaseerd op een daadkrachtige inzet vanuit de student is de methode eveneens niet heel geschikt voor de langzaam lerende studenten.

De Manesca-methode (Engels: Manesca Method)


Bedacht door wie en wanneer


Jean Manesca publiceerde in 1835 An Oral System of Teaching Living Languages Illustrated by a Practical Course of Lessons in the French through the Medium of the English (“Een mondelinge methode voor het onderwijzen van levende talen, aan de hand van een praktische cursus Frans door middel van het Engels”). In januari 2015 is An oral system of teaching living languages in herdruk gegaan.

Kenmerken van de Manesca-methode


De Manesca-methode is op hetzelfde principe gebaseerd als de Natural Approach (‘natuurlijke aanpak’): de beste manier om een taal te leren, is die waarop een kind de moedertaal leert. Een vreemde taal leren moet veilig en gemakkelijk zijn. Om die reden wil Manesca niet met abstracte lijstjes en regels met woorden werken die uit het hoofd geleerd moeten worden.

De Manesca-methode is de oudste, bekende, volledige taalcursus. De leermethode is gebaseerd op het werken met een groep van studenten en een trainer, die maar één woord tegelijk introduceert. Bij dit woord hoort een bepaalde beweging. De studenten herhalen daarna één voor één het woord en deze beweging. De herhalingen helpen de lerenden deze woorden te onthouden, zonder dat uit het hoofd leren nodig is. Deze woorden worden stap voor stap zinnen en vervolgens variaties op de zinnen. Spelling wordt in een later stadium met leesteksten aangeboden.

De methode van Jean Manesca is al enkele jaren later overgenomen en aangepast door grammaticaschrijver en taaldocent Heinrich Gottfried Ollendorff en staat dan ook wel bekend als de Ollendorff-methode.

Populariteit


Jean Manesca overleed twee jaar na de publicatie van zijn methode. Het werk van Jean Manesca is door anderen overgenomen en aangepast, onder wie Ollendorff. Veel van zijn ideeën zijn nog actueel en worden nog altijd in het moderne vreemdetalenonderwijs gebruikt.

Voor- en nadelen van de Manesca-methode


Het pluspunt van de Manesca of Ollendorff-leermethode is het combineren van spreken en bewegen, waardoor het fysieke geheugen wordt aangesproken en het geleerde gemakkelijker en langer kan worden onthouden. Wat daar eveneens aan bijdraagt, is het vele herhalen. Het feit dat dit wat saai wordt om dezelfde woordjes en zinnetjes steeds te herhalen, kan een minpunt zijn.

Silent Way


Bedacht door wie en wanneer


The Silent way (‘de stille manier’) is door de Egyptenaar Caleb Gattegno ontwikkeld in 1963.

Kenmerken van de Silent Way


De stille manier is een manier om een vreemde taal te leren die stilte gebruikt als instructiemiddel. De autonomie van de lerenden en hun actieve deelname is het uitgangspunt van de methode van Gattegno.

De taaldocenten gebruiken een combinatie van gebaren en stilte om de aandacht van de studenten te trekken, reacties te krijgen en hen aan te moedigen om fouten te verbeteren. Aan de uitspraak wordt veel tijd besteed.

Gattegno, die wiskundige was, vond het essentieel om taalles te geven op een wijze die efficiënt was voor de energievoorraad van de studenten. Gattegno ontdekte dat het in verhouding weinig energie kost om een auditief of visueel beeld te onthouden, veel minder energie dan als we proberen iets uit het hoofd te leren. Het betoog van hem was dat de taaldocenten niet naar het overbrengen van kennis an sich dienen te streven, maar het bewustzijn aan dienen te boren, omdat alleen het het bewustzijn het mogelijk maakt om dingen te leren.

The Silent Way hierbij gebruikt onder andere staven met verschillende kleuren, die voor allerlei verschillende dingen kunnen worden gebruikt. De ‘de stille manier’ werkt ook met Words in Colour. Words in Colour is een kleurenkaart voor klanken waarin elke kleur een bepaalde klank van de doeltaal vertegenwoordigt, gekleurde woordgrafieken voor het werken aan zinnen en gekleurde grafieken die gebruikt worden voor het leren van de spelling.

Populariteit


Met name bij het leren van de uitspraak zijn Gattegno’s ideeën van belang geweest, hoewel The Silent Way in de oorspronkelijke vorm niet veel meer wordt gebruikt.

Voor- en nadelen van de Silent Way


De sterke kant van de methode van Caleb Gattegno is dat zijn aanpak voor de lerende niet-bedreigend is, die immers gezien wordt als autonoom. In principe is de docent dienstbaar aan de lerenden en niet omgekeerd. The Silent Way stimuleert het leren van een taal op een natuurlijke wijze. Door lerenden een uitdaging te geven om nieuwe dingen te ontdekken, wordt de geleerde stof meestal goed verwerkt en onthouden. Foutjes maken mag. Dit draagt bij aan het leerproces.

Dat een aantal lerenden meer begeleiding nodig heeft dan de methode voorstaat, kan een nadeel zijn. Door de afwezigheid van input van de taaltrainer zouden de lerenden gefrustreerd kunnen raken. Met kleuren en grafieken werken, heeft als limiterende factor dat de nieuwheid er gauw af gaat, waardoor het effect kan verdwijnen.

TPR Storytelling


Bedacht door wie en wanneer


TPR Storytelling of ‘TPRS’ houdt in Teaching Proficiency through Reading and Storytelling. De methode van TPR Storytelling is ontwikkeld door Blaine Ray in 1990, een Amerikaanse docent Spaans, en komt uit de TPR-techniek (Total Physical Response) voort.

Kenmerken van TPR Storytelling


De TPRS-methode is een talenverwervingsmethode die verhalen gebruikt om talen te leren. Het uitgangspunt van TPRS is een natuurlijke wijze van taalverwerving: een vreemeen taal leren zoals een kind zijn of haar moedertaal leert. Om dit te bereiken, worden de lerenden blootgesteld aan een grote hoeveelheid begrijpelijke input. De trainer vertelt een verhaal, waarin nieuw te leren woorden meerdere keren voorkomen. Deze verhalen zijn interessant of humoristisch en niet te lang. Omdat deze verhalen gemakkelijk zijn te begrijpen, ontspannen de lerenden zich. Woorden en structuren worden op deze manier ongemerkt opgeslagen in het langetermijngeheugen van de student. De studenten worden door de trainer op grammaticale fenomenen van de doeltaal gewezen, zonder dat studenten regels uit het hoofd hoeven te leren.

De studenten zullen na een poosje ‘automatisch’ gaan spreken en de grammaticale structuur imiteren. Dit is een natuurlijk proces. Een variant is om met een groepje van studenten een verhaal op te bouwen. De trainer schrijft hierbij eerst nieuwe woorden en structuren op het schoolbord, met hun vertaling, om daarna een verhaal te maken met de studenten. Tot slot vertellen de lerenden het verhaal na. Een belangrijk deel van TPR Storytelling is lezen, omdat dit voor input zorgt. In een later stadium volgt schrijven.

Populariteit


Er zijn veel onderzoeken gedaan die uitwijzen dat TPR Storytelling een succesvolle manier is om een nieuwe taal te verwerven. Er zijn wel randvoorwaarden: de setting moet geschikt zijn en de taaldocent moet ervoor getraind zijn.

Voor- en nadelen van TPR Storytelling


Het is een laagdrempelige manier om een vreemde taal te leren en de geleerde stof wordt goed onthouden. TPRS spreekt eveneens de creatieve intelligentie aan; er is sprake van breinvriendelijk leren. Voor de studenten is het een prettige methode en het is niet moeilijk om de aandacht erbij te houden. Voor de studenten werkt TPR Storytelling heel motiverend om zelf verhalen te verzinnen.

Dat TPRS veel voorbereiding van de docenten vraagt, is een minpunt.

COMMERCIËLE METHODES VOOR ZELFSTUDIE

De Rosetta Stone methode


Bedacht door wie en wanneer


De Rosetta Stone-leermethodiek is vernoemd naar de Steen van Rosetta, een steen die werd gevonden in Egypte met een tekst in twee talen, waarmee de hiërogliefen konden worden ontcijferd. Het is eveneens de naam van het softwarebedrijf dat de taaltrainingen aanbiedt. In het jaar 1996 is de eerste versie van de methode is uitgebracht.

Kenmerken van de Rosetta Stone methode


De Rosetta Stone cursus is een manier om vreemde talen te leren met behulp van een computer. Deze taalcursussen zijn beschikbaar in ruim dertig verschillende talen en ze zijn te volgen vanuit elk van deze talen.

De Rosetta Stone-methode is een zogenaamde communicatieve leermethode, die de manier imiteert waarop een kind de moedertaal leert. Dat houdt in ‘leren door middel van onderdompeling’, door veel te luisteren en na te spreken. Het programma gebruikt hiervoor stemmen van moedertaalsprekers alsook foto’s om de betekenis over te brengen van nieuwe woorden. Er is een programma om spraak te herkennen. Dit programma registreert de uitspraak en maakt hier een schematische weergave van. De lerende kan zo de uitspraak vergelijken met die van moedertaalsprekers (native speakers). Verbetering van de uitspraak kan bereikt worden door de voorbeeldspreker minder snel te laten spreken en de studenten vervolgens veel na te laten spreken.

Er zijn dictee-oefeningen om de schrijfvaardigheid te oefenen. De software controleert de spelling en grammatica en wijst op taalfoutjes en biedt de mogelijkheid om deze taalfoutjes te corrigeren.

Het programma van Rosetta Stone biedt eveneens leesteksten. Deze gaan over dagelijkse onderwerpen, ideeën en activiteiten.

Populariteit


De Rosetta Stone-methode wordt wereldwijd veelvuldig ingezet en zeker niet door de minsten. Onder andere de NASA en het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse zaken gebruiken de methode van Rosetta Stone. In Nederland wordt de methode van Rosetta Stone door enkele ministeries en verschillende universiteiten en hogescholen, alsook door een aantal internationaal opererende bedrijven gebruikt.

Voor- en nadelen van de Rosetta Stone methode


Rosetta Stone is zeer makkelijk in gebruik en de methode kan op ieder moment door de student gebruikt worden. Welke delen meer of minder aandacht kunnen gebruiken, wordt door lerenden zelf bepaald. Veel lerenden vinden het leuk om te werken met de methodiek. Bij een gebrek aan docenten kan Rosetta Stone een oplossing zijn voor onderwijsinstellingen. Dat er geen trainer beschikbaar is die studenten motiveert of wat extra’s kan bieden, is een minpunt van de methode van Rosetta Stone.

De Pimsleur methode


Bedacht door wie en wanneer


De taalcursussen van Pimsleur zijn ontwikkeld door Amerikaans taalkundige Dr. Paul Pimsleur. De eerste Pimsleur taalcursus was een cursus Grieks, die Pimsleur in 1963 introduceerde.

Kenmerken van de Pimsleur methode


De Pimsleur-methode is een Amerikaans computerprogramma om vreemde talen te leren.

De taalcursussen bestaan uit zinnetjes/dialoog in de doeltaal die door studenten daarna worden nagesproken en weer herhaald. De voorbeeldzinnen zijn ingesproken door moedertaalsprekers. De cursus is op herhaling, anticiperen, woordenschat en herhaling gebaseerd. De lessen van de cursus omvatten een audio-opname van dertig minuten met nieuwe vocabulaire en structuur. De grammaticale structuur van de doeltaal wordt niet apart uitgelegd maar aangeboden via uitbreiding van, en variaties op, de zinnen.

Dr. Pimsleur heeft onderzoeken gedaan naar het optimale interval waarin geleerde informatie van het kortetermijngeheugen overgaat naar het langetermijngeheugen. Dit (gemiddelde) interval is geïntegreerd in de Pimsleur cursussen.

Populariteit


Onder meer Amerikanen gebruiken de Pimsleur taalcursussen en de ervaringen met de methode variëren. Over het algemeen zijn de lerenden tevreden over de aangeleerde uitspraak van de doeltaal.

Voor- en nadelen van de Pimsleur methode


Als uitspraakverbeteraar werkt de methodiek van Pimsleur zeer goed, omdat de insprekers allemaal native speakers zijn en op een natuurlijke manier op een normaal tempo spreken.

Het feit dat er niets wordt uitgelegd, is het nadeel van de methode. De gebruikers leren geen bouwstenen om zelf zinnen te maken, maar moeten het doen met duizenden voorbeeldzinnen die ingeprent worden.

De Michel Thomas methode


Bedacht door wie en wanneer


De Michel-Thomas-methode is, niet verwonderlijk, bedacht door Michel Thomas (geboren als Moniek Kroskof); een genaturaliseerde Amerikaandie oorspronkelijk in Polen is geboren. Kort na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde hij zijn leermethode in een eigen taleninstituut in Beverly Hills, Los Angeles, die beroemdheden als Barbra Streisand, Emma Thompson, Diana Ross, Mel Gibson, Pierce Brosnan en Bob Dylan tot zijn klantenkring kan rekenen.

Kenmerken van de Micheal Thomas methode


Dat iemand alleen kan leren leren als hij of zij vrij is van stress, was het uitgangspunt van Michel Thomas. Michel Thomas begon met de studenten duidelijk te maken dat ze zich geen zorgen hoefden te maken dat ze iets zouden vergeten.

De cursussen van Michel Thomas zijn audiolessen, ingesproken door twee acteurs; een mannelijke acteur en een vrouwelijke acteur. De setting is bij Michel Thomas een virtuele klas, waarbij de student zich voorstelt als de derde student. Hij of zij luistert met de lessen van de acteurs mee. Wanneer de stemacteurs een vraag gesteld wordt, is het de bedoeling dat de lerenden op pauze drukken en eerst zelf de vraag beantwoorden. Er zijn geen huiswerkopdrachten, geen uit-het-hoofd-leren. De lessen worden in kleine stappen opgebouwd en lesstof die nieuw is, wordt afgewisseld met lesstof die al bekend is. De uitleg wordt steeds in de Engelse taal gegeven. Er wordt bijvoorbeeld op verbanden gewezen tussen de Engelse taal en de doeltaal, als die er zijn. Grammaticale uitleg wordt eveneens gegeven. Bij de methode van Michel-Thomas wordt makkelijke lesstof eerst aangeleerd, moeilijkere lesstof wordt pas aangeboden nadat de studenten het voorgaande begrepen en verworven hebben. Behalve woorden en zinnen worden ook bouwstenen geleerd. Hiermee kunnen de gebruikers zelf zinnen construeren. Ook maakt de leermethode gebruik van flashcards waarmee lerenden zelf hun vocabulaire kunnen toetsen en online oefeningen kunnen maken om hun eigen voortgang te kunnen meten.

Populariteit


Veel studenten vinden de cursus fijn om mee te werken en zijn tevreden over de uitleg van de structuur van de taal. De lerenden die al wat verder gevorderd zijn met de taal, vinden de methode van Michel Thomas minder nuttig.

Voor- en nadelen van de Micheal Thomas methode


De taalcursus is zeer toegankelijk en traint de uitspraak en de luistervaardigheid van de vreemde taal op efficiënte wijze. Dat de cursus niet in schrijfvaardigheid voorziet, is een nadeel van de methode van Michel Thomas. Een daadwerkelijke interactie is er ook niet doordat de methode van Michel Thomas een audiocursus is.

De Assimil methode


Bedacht door wie en wanneer


Assimil is een Frans bedrijf, dat in het jaar 1929 is opgericht door polyglot en schrijver Alphonse Chérel. Dit bedrijf maakt taalcursussen en publiceert deze. Het eerste boek van Assimil was Anglais sans Peine.

Kenmerken van de Assimil methode


‘Assimileren’ betekent ‘opgaan in een groep, mengen met’, wat voor een taalcursus wel een hooggegrepen uitgangspunt is. De taalcursussen van Assimil zijn zelfstudielessen die bestaan uit een leerboek en audio-CD’s en een USB-stick. De gebruikers besteden idealiter ongeveer twintig minuten per dag aan de cursus.

De lessen bestaan uit verschillende dialogen die beluisterd, nagesproken en gelezen worden. De vertaling staat naast deze dialoog, met grammaticale uitleg. Om de uitspraak te oefenen, maakt de methode gebruik van zinnen die door moedertaal (native) speakers zijn ingesproken en die de gebruikers dienen te herhalen. De opbouw is van receptief naar productief: in de eerste les wordt nog geen taalproductie van de cursisten verwacht; dit komt pas na ongeveer 50 taallessen.

Populariteit


De Assimil-cursussen zijn gewaardeerd. Ze zijn relatief betaalbaar en het aanbod aan talen is groot.

Voor- en nadelen van Assimil


Het pluspunt van de Assimil-methode is dat de cursist op zijn of haar eigen tempo kan leren op het moment dat dit het beste past. Het nadeel hierbij is, wat geldt voor alle taalcursussen met een computer, dat de cursist op zichzelf is aangewezen. Er is geen taaldocent om de lerenden te motiveren of te begeleiden.

Verschillende digitale tools om een taal te leren

Er is ook een ruim aanbod aan complete taalcursussen voor zelfstudie: uTalk, Eurotolk Ultimate en online leermethoden zoals Quizlet, Babbel, Mondly en Duolingo.

Er is echter een betere manier om vreemde talen te leren:
De Dagnall Talen Methode.


Het alom bekende hoge rendement van Dagnall Talen wordt behaald door elementen van deze bekende leermethoden te gebruiken, maar vooral doordat de focus altijd ligt op de cursist(en), bijvoorbeeld; is de cursist visueel, auditief of wellicht kinesthetisch ingesteld? Hoe leert hij of zij het makkelijkst? Wat moet of wil hij of zij eigenlijk leren?
Wat is zijn of haar voorgeschiedenis op het gebied van taaltraining? Wat vindt deze cursist lastig?
Hoe zelfverzekerd is de cursist, enz.?

Hoe behaalt Dagnall Talen zo’n hoog rendement?
Ons taleninstituut geeft taalcursussen bij voorkeur face-to-face. Wij werken in kleine groepen of individueel dan wel in duo-verband (twee personen). Daarnaast biedt Dagnall een online leerplatform en een eigen app, beide met woordenlijsten en zinnen. Indien gewenst, kan de Dagnall app geladen worden met jargon van specifieke organisaties of bedrijven.
[ Lees meer ]


Betaalbaar maatwerk sinds 1982
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten

ONLINE (E-LEARNING), BLENDED LEARNING & DAGNALL APP

Betekenis termen ‘online’, ‘e-learning’ en ‘blended’


‘Online’ en ‘e-learning’ zijn verzamelnamen voor (taal)training die online kan worden gevolgd, dus op afstand. Het wordt ook wel een virtual classroom, vertaald een ‘digitaal leslokaal’ genoemd.
Het zogenaamde blended learning is een vorm van training waarbij face-to-face-sessies (klassikale sessies) worden gecombineerd met online leren in een online leeromgeving.
Simpel gesteld: face-to-face (fysiek les) + online = blended learning.
Dagnall Taleninstituut biedt op maat gemaakte e-learningtrajecten in Enschede.

Online een vreemde taal leren (e-learning)


Enkele voorbeelden van digitale platformen die voor online communiceren en leren gebruikt kunnen worden, zijn Zoom, Microsoft Teams, Google Meet, Skype, StarLeaf, Cisco Webex, Whereby en Miro.

Blended cursussen in Enschede


Het voordeel van blended learning vergeleken met online leren is dat, zolang het niet om 1-op-1 les gaat, cursisten bij blended learning met afwisseling wel zogenaamde ‘classroominteractie’ ervaren; dit houdt in persoonlijke interactie; gesprekken met en motivatie van andere cursisten.

100% maatwerk – ook online!
Uiteraard biedt Dagnall Taleninstituut ook blended learning in Enschede op maat.

Online leerplatform


Online leerplatform Dagnall Taleninstituut biedt een gebruiksvriendelijke, digitale leeromgeving met een interactief leerplatform; Dagnall.online. Dagnall.online biedt interactieve en gevarieerde content en het platform is een integraal onderdeel van een digitaal leertraject. Het platform biedt interactieve mogelijkheden en zorgt op deze manier voor een optimaal leerrendement bij een digitale leergang.

De Dagnall App


Dagnall Taleninstituut biedt naast het online leerplatform ook een eigen App voor Android alsook Apple. De Dagnall App heeft als grote voordeel dat deelnemers altijd en overal, dus 24/7, toegang hebben op elk (mobiel) apparaat. Op het werk maar eveneens thuis of onderweg, bijvoorbeeld eveneens op reis in het buitenland. Zo kunnen cursisten dus een taal leren wanneer en waar ze maar willen. De inhoud van de oefeningen in de Dagnall App worden op de behoefte van uw organisatie afgestemd zoals het taalniveau, de leerdoelen en de branche. Zo kunnen wij bijvoorbeeld speciek jargon, technische termen, woordenlijsten, juridische termen alsook productnamen integreren in de App. De Dagnall App kan dus heel praktijkgericht gebruikt worden en de App blijft ook beschikbaar na afloop van de taaltraining in Enschede.
Ook bij digitale leerpaden zorgt Dagnall Taleninstituut voor uitstekend en spelenderwijs leren.
Computerscherm met logo Dagnall.online - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels
Overlappende iconen App Store Apple App in Apple zwart en Google Play Android App in Google groen - op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels/
Ontdek onze online mogelijkheden

Online learning & blended learning in Enschede

Voorsprong door maatwerk online & blended taaltraining


Telefoongesprekken, e-mailcorrespondentie, onderhandelingen of vergaderingen met zakenpartners of klanten zijn vaak een uitdaging op het gebied van taalvaardigheid.
Mensen die diverse talen spreken, zijn in veel bedrijven derhalve vaak onmisbaar.

Online & blended taaltrainingen op maat


Dagnall leert u communiceren door middel van professionele online & blended taalcursussen. Als u internationaal meertalig succesvol wilt zijn, leer uw gesprekspartners dan te begrijpen en zorg dat u ook begrepen wordt. Wilt u uw taalvaardigheid verbeteren voor uw huidige of toekomstige functie? Onze taaltrainingen bieden beroepsgerichte training. Al onze taaltrainingen zijn (betaalbare) maatwerktrainingen en eveneens te boeken als onlinecursus & blended taalcursus. Een onlinecursus of blended taalcursus is net zo effectief en van hoge kwaliteit als een fysieke cursus en daarnaast comfortabel.


Online taalcursussen en ook blended taalcursussen kunnen overal worden gevolgd; op kantoor, thuis, op zakenreis of bijvoorbeeld op een bedrijfslocatie. Onlineplatforms voor technische en zakelijke taaltrainingen online

Zakelijke en technische taalcursussen online geeft Dagnall Taleninstituut via onlineplatforms zoals Zoom, Skype, Teams of een ander onlineplatform naar uw keuze. Zoom is het meest gebruiksvriendelijk en biedt zowel variatie als interactie.

Virtuele Classroom voor een individuele taaltraining of groepstraining


Alleen het volgende is nodig voor een (taal)cursus in een virtuele classroom:
- Laptop, tablet of pc met microfoon en camera
- Internetverbinding
- Rustige (leer)omgeving
- Door ons beschikbaar gesteld cursusmateriaal
[ Lees meer ]
Overlappende donkerblauwe cirkel met icoon lesgeven en groene cirkel met computerscherm met Dagnall.online logo op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Computerscherm screenshot inlogpagina Dagnall.online Springest-based platform voor online taallessen - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels
Computerscherm met logo Google Hangouts en computerscherm met logo Microsoft Teams - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 496 pixels

CURSUSPAKKET & CERTIFICAAT

Voorafgaand aan uw cursus bij ons taleninstituut in Enschede ontvangt u het Dagnall cursuspakket.
Het handige Dagnall koffertje bestaat uit milieuvriendelijk materiaal en is ook zeer geschikt om daarin losbladig, actueel leermateriaal, dat tijdens de lessen wordt behandeld, op te bergen.
Hieronder ziet u een foto van het cursuspakket van Dagnall Taleninstituut dat onder andere een Dagnall pen, schrijfblok en divers ander cursusmateriaal bevat.
Na afloop van uw cursus bij ons taleninstituut in Enschede ontvangt u het Dagnall certificaat. Op de achterkant van het certificaat van het Taleninstituut Dagnall staan zowel uw startniveaus alsook de behaalde eindniveaus van uw nieuwverworven taalvaardigheden. Deze vaardigheden zijn opgedeeld in spreekvaardigheid, luistervaardigheid, leesvaardigheid en schrijfvaardigheid.
Hieronder ziet u een foto met een voorbeeld van het Dagnall Certificaat.
Een compleet verzorgde taalcursus in Enschede
Dagnall Talen cursuskoffer - Dagnall schrijfblok - Dagnall pen - lesboeken op witte tafel - in kleur - 600 * 337 pixels
Ingevuld Dagnall Talen certificaat - Dagnall pen - Apple Magic Keyboard - Apple Magic Trackpad op witte tafel - in kleur - 600 * 337 pixels

Het Europees Referentiekader (ERK)

Voor het aangeven van het begin- en eindniveau van de cursist, gaan wij uit van hetERK (Europees Referentiekader). Hierin worden alle taalniveaus volgens Europese standaard, beschreven. Het niveau van het Europees Referentiekader is een internationaal erkend taalniveau.
Na afronding van de cursus bij ons taleninstituut in Enschede, ontvangt de cursist het ‘Dagnall Talen-certificaat’. Op dit certificaat staat voor elke vaardigheid het behaalde taalniveau vermeld.
 

Logo EU Europese Unie in blauw vierkant met afgeronde hoeken in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo ERK Europees Referentiekader Talen in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Niveaubepaling volgens het Europees Referentiekader
Het ERK is een Europese standaard om niveaus van taalvaardigheid in te delen.
Het Europees Referentiekader is tussen 1989 en 1996 samengesteld door de Raad van Europa.
Het Europees Referentiekader betitelt vijf vaardigheden met betrekking tot taal, te weten: lezen, luisteren, schrijven, spreken en het voeren van gesprekken.
De Engelse term wordt ook vaak toegepast: CEFR; Common European Framework of References. Het ERK hanteert ook 6 niveaus van taalbeheersing, van beginner tot vrijwel moedertaalspreker.
De zes niveaus zijn van laag naar hoog als A1, A2, B1, B2, C1 en C2 gekwalificeerd.
Niveau A geldt voor beginners.
De cursist die niveau B beheerst, kent alle basisvaardigheden in de Franse taal.
Niveau C is van toepassing op gevorderden die Frans met groot gemak kunnen lezen, verstaan, spreken en schrijven. Niveau C geeft de vaardigheden weer van (ver)gevorderde taalgebruikers, die de taal beheersen als (bijna) moedertaalgebruikers (near-native).

A1 Basisgebruiker - Breakthrough Level


Luisteren


Kan basiszinnen over een vertrouwd onderwerp begrijpen, als de gesprekspartner langzaam en duidelijk spreekt, eenvoudige woorden gebruikt en bereid is te herhalen.

Spreken


Kan zichzelf voorstellen en kan vragen stellen en beantwoorden over persoonlijke gegevens (waar iemand woont, of iemand getrouwd is of kinderen heeft).Kan familie of bekenden en woonomgeving beschrijven en vragen naar familie of woonomgeving van gesprekspartner beantwoorden.Kan in korte zinnen vertellen waar hij of zij werkt en wat hij of zij doet. Kan vragen naar het werk van de gesprekspartner.

Lezen


Kan eenvoudige, alledaagse uitdrukkingen en korte geschreven zinnen begrijpen over vertrouwde onderwerpen als er enige ondersteuning is door illustraties, foto’s of film.Kan eenvoudige mededelingen begrijpen, bijvoorbeeld op uithangborden in een winkel.

Schrijven


Kan een formulier invullen met persoonlijke gegevens.Kan een korte e-mail of een kaartje sturen met bijvoorbeeld een groet of felicitatie.

B1 Onafhankelijk gebruiker - Threshold Level



Luisteren


Kan de essentie begrijpen van een gesprek over persoonlijke zaken, familie, werk, studie, reizen en vrije tijd, wanneer er duidelijk wordt gesproken.
Kan de essentie begrijpen van de meeste radio- of televisieprogramma’s over actuele zaken of onderwerpen die hem of haar interesseren in de standaardtaal, wanneer er betrekkelijk langzaam en duidelijk wordt gesproken.

Spreken


Kan zich in de meest voorkomende situaties redden wanneer hij of zij in het gebied is waar de taal wordt gesproken.
Kan onvoorbereid gesprekken voeren over vertrouwde onderwerpen of onderwerpen die de persoonlijke belangstelling hebben (familie, werk, gebeurtenissen die zich voordoen, hobby’s, reizen).
Kan zinnen op een eenvoudige manier aan elkaar verbinden.
Kan ervaringen en gebeurtenissen beschrijven en hoop en ambities uitspreken.
Kan een mening geven en voorkeur uitdrukken en motiveren.
Kan de plot van een boek of film vertellen.

Lezen


Kan teksten begrijpen die voornamelijk bestaan uit frequente woorden, dagelijkse of aan het werk gerelateerde taal, bijvoorbeeld in brieven van de gemeente, energiebedrijf of telefoonmaatschappij.
Kan de beschrijving van gebeurtenissen, wensen of gevoelens begrijpen in persoonlijke e-mails of brieven.

Schrijven


Kan een eenvoudige, samenhangende tekst schrijven over vertrouwde onderwerpen of onderwerpen die de persoonlijke belangstelling hebben (familie, werk, gebeurtenissen die zich voordoen, hobby’s, reizen).
Kan een eenvoudige, samenhangende tekst schrijven over vertrouwde onderwerpen of onderwerpen die de persoonlijke belangstelling hebben (familie, werk, gebeurtenissen die zich voordoen, hobby’s, reizen).

C1 Vaardig gebruiker - Effective Operational Proficiency Level



Luisteren


Kan de meeste gesproken taal begrijpen, ook als deze niet goed gestructureerd is en wanneer verbanden impliciet zijn.
Kan radio- of televisieprogramma’s en films in de standaardtaal zonder al te veel inspanning begrijpen.

Spreken


Kan zich spontaan en vloeiend uitdrukken zonder al te veel te moeten zoeken naar uitdrukkingen.
Kan de taal soepel en effectief gebruiken in een zakelijke en sociale omgeving.
Kan ideeën en meningen gedetailleerd verwoorden en een volwaardige bijdrage leveren aan een discussie.
Kan een samenhangend betoog voeren over complexe zaken en daarbij subthema’s noemen, specifieke standpunten ontwikkelen en uitdragen en het betoog afronden met een passende conclusie.

Lezen


Kan complexe, langere teksten van uiteenlopende aard begrijpen, zowel zakelijk als literair.
Kan impliciete betekenis, nuances, stijl en idioom herkennen.
Kan gespecialiseerde artikelen en uitvoerige technische instructies begrijpen, ook als zij geen betrekking hebben op het eigen werkterrein.

Schrijven


Kan een heldere, gestructureerde en gedetailleerde brief, essay of verslag produceren over complexe onderwerpen.
Kan uitgebreid standpunten uiteenzetten en overtuigen. Kan zijn of haar schrijfstijl aanpassen aan de doelgroep.

A2 Basisgebruiker - Waystage Level



Luisteren


Kan zinnen en vaak voorkomende uitdrukkingen begrijpen over vertrouwde onderwerpen en activiteiten, bijvoorbeeld de familie, woonomstandigheden, boodschappen doen, opleiding of werk.
Verstaat de gesprekspartner als deze langzaam en duidelijk spreekt in de standaardtaal, maar kan het gesprek nog niet zelf gaande te houden.
Begrijpt de essentie van korte, eenvoudige berichten en aankondigingen, bijvoorbeeld op radio, televisie of een station.

Spreken


Kan eenvoudige gesprekken voeren over alledaagse onderwerpen en vertrouwde situaties. Kan eenvoudige informatie uitwisselen.
Kan in eenvoudige zinnen zijn of haar woon- of werkomgeving beschrijven, zijn of haar achtergrond en dagelijkse activiteiten.
Kan een eenvoudig telefoongesprek voeren, bijvoorbeeld om informatie te vragen.

Lezen


Kan korte, eenvoudig geschreven teksten, brieven of e-mails begrijpen.
Kan voorspelbare informatie halen uit eenvoudige korte teksten, zoals dienstregelingen, advertenties of menu’s.

Schrijven


Kan een kort briefje of e-mail schrijven over een vertrouwd onderwerp, bijvoorbeeld om iets af te spreken.
Kan eenvoudige notities en korte boodschappen schrijven over directe behoeften.

B2 Onafhankelijk gebruiker - Vantage Level



Luisteren


Kan lezingen en betogen volgen en zelfs complexe redeneringen als het onderwerp redelijk vertrouwd is.
Begrijpt de essentie van technische discussies in zijn of haar specialisatie.
Kan de meeste radio- of televisieprogramma’s over actuele zaken begrijpen.
Kan het grootste deel van de films in de standaardtaal begrijpen.

Spreken


Kan op een vloeiende en spontane manier deelnemen aan gesprekken met moedertaalsprekers zonder extra inspanning van de gesprekspartner.
Kan actief meepraten in discussies over bekende thema’s en zijn of haar mening geven en onderbouwen.
Kan de voor- en nadelen van diverse mogelijkheden of oplossingen uitleggen.
Kan een gedetailleerde beschrijving geven van een groot aantal onderwerpen ook buiten de directe persoonlijke belangstelling.

Lezen


Kan artikelen en verslagen lezen over eigentijdse problemen en houding of standpunt van de schrijvers begrijpen.
Kan de essentie van complexe teksten over abstracte of concrete onderwerpen begrijpen.
Kan modern literair proza begrijpen.

Schrijven


Kan een standpunt verdedigen, informatie doorgeven of een essay of verslag schrijven.
Kan brieven schrijven over uiteenlopende gebeurtenissen of persoonlijke ervaringen.
Kan een heldere, gedetailleerde tekst produceren over uiteenlopende onderwerpen.

C2 Vaardig gebruiker - Mastery Level



Luisteren


Kan vrijwel alles wat hij of zij hoort gemakkelijk begrijpen, zowel in contact met een gesprekspartner als via de media.
Kan accenten en tempo van moedertaalsprekers begrijpen als hij of zij enige tijd heeft om vertrouwd te raken met het soort accent.
Kan idiomatische uitdrukkingen en complexe betogen begrijpen.

Spreken


Kan deelnemen aan ieder soort gesprek.
Drukt zichzelf spontaan, vlot, vloeiend en genuanceerd uit, ook in meer complexe situaties.
Gebruikt vaste uitdrukkingen en zegswijzen.
Kan een heldere beschrijving of logische redenering presenteren in een stijl die past bij de context en in een duidelijke structuur.
Kan informatie samenvatten, op een samenhangende manier argumenten, nieuwe inzichten of aandachtspunten aan de orde brengen.

Lezen


Kan zonder moeite alles begrijpen wat hij of zij leest.
Dat geldt ook voor complexe betogen, abstracte of specialistische teksten, literatuur en idiomatische uitdrukkingen.

Schrijven


Kan een duidelijke en goed lopende tekst schrijven en daarbij rekening houden met de doelgroep.
Kan complexe brieven, verslagen en artikelen met een logische structuur schrijven.
Kan zichzelf vloeiend en precies uitdrukken en kan hierbij nuances in betekenis aangeven.
Het ERK geeft inzicht in taalbeheersing
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten
ISO 9001-2015 LOGO
ISO 1700-2015 LOGO

ISO-CERTIFICERINGEN (taleninstituut-enschede)

ISO 9001:2015 – internationale norm voor kwaliteitsmanagement


Dagnall Talen is gecertificeerd door Kiwa voor de ISO 9001:2015 norm, de wereldwijd erkende norm die eisen stelt aan het kwaliteitsmanagementsysteem van een organisatie. De ISO 9001:2015 norm stelt eisen voor het borgen en stroomlijnen van processen die belangrijk zijn om de klanttevredenheid te verhogen. Voldoen aan zowel de eisen van opdrachtgevers alsook aan wetgeving en regelgeving en het continue verbeteren van het kwaliteitsmanagementsysteem zijn de pijlers van ISO 9001:2015.

ISO 17100:2015 - internationale norm voor vertaaldiensten


Dagnall Talen is eveneens door Kiwa gecertificeerd voor de ISO 17100:2015 norm. ISO 17100:2015 norm is specifiek voor de vertaalbranche en bevat onder andere eisen voor mensen, middelen, projectmanagement, vertalers en revisoren.


De ISO 17100:2015 certificering van Dagnall Taleninstituut toont aan dat ons instituut uitsluitend met professionele moedertaalvertalers (natives) werkt die beschikken over de benodigde ervaring en kennis. Daarnaast worden de vertalingen van Dagnall Talen altijd minimaal één maal door een tweede specialist/editor proefgelezen. De vertalingen worden volgens afspraak en binnen de deadline aangeleverd.

Kiwa – certificeringen sinds 1948


Kiwa is een certificeringsinstelling in Rijswijk met inmiddels vele jaren ervaring met inmiddels het certificeren van organisaties. Dagnall wordt jaarlijks getoetst door Kiwa om te beoordelen of nog steeds aan de eisen van ISO 9001:2015 en ISO 17100:2015 wordt voldaan.
Dagnall draagt het NRTO-keurmerk
Logo keurmerk NRTO Nederlandse Raad voor Training en Opleiding in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo Nederlandse Raad voor Training en Opleiding NRTO in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

LIDMAATSCHAP NRTO

Ons instituut is al vele jaren lid van de NRTO en draagt ook het NRTO-keurmerk.
Dagnall Talen heeft zich bij de NRTO aangesloten, omdat deze organisatie staat voor kwaliteit en betrouwbaarheid.
De afkorting NRTO staat voor ‘Nederlandse Raad voor Taal en Training’. De NRTO is de brancheorganisatie voor private onderwijsinstellingen, opleidings- en trainingsorganisaties en heeft meer dan 450 leden.
De missie van de NRTO is: Het beste uit mensen (jong en volwassen) halen, talenten ontwikkelen en mensen helpen hun ambities te realiseren.

Kwaliteitsbevordering en -bewaking


De kwaliteit staat voor de NRTO centraal. De NRTO staat voor kwalitatief hoogstaand, flexibel en gevarieerd opleidings- en examenaanbod en EVC (Erkenning van eerder Verworven Competenties). De kwaliteit van de diensten die door de NRTO-leden geleverd worden, zoals bij ons taleninstituut in Enschede, wordt door een gedragscode, door diverse convenanten en door het NRTO-keurmerk geborgd.
[ Lees meer ]
 
Logo GDPR Algemene Verordening Gegevensbescherming in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo EU Filemaker in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

AVG-COMPLIANT

De AVG; Algemene verordening gegevensbescherming (Engelse naam: GDPR; General Data Protection Regulation) is een Europese verordening met betrekking tot het verwerken van persoonsgegevens door bedrijven en overheidsinstellingen binnen de Europese Unie. De AVG dient er met name toe de privacy van burgers in de EU te beschermen. De verordening schrijft voor dat personen op de hoogte dienen te zijn van het verwerken van hun persoonsgegevens zoals hun naam, telefoonnummer en (e-mail)adres en dat alleen de gegevens die voor het beoogde doeleinde noodzakelijk zijn, mogen worden verwerkt en bewaard.
De persoonsgegevens mogen niet langer dan nodig bewaard worden en de persoonsgegevens dienen tegen toegang door onbevoegden, vernietiging en verlies te worden beschermd. Dagnall voldoet uiteraard aan alle vereisten die worden gesteld door de Algemene verordening gegevensbescherming en verwerkt persoonsgegevens zeer beperkt in elk opzicht. Dagnall Talen werkt met het betrouwbare Filemaker.
Logo CRKBO Centraal Register Kort Beroepsonderwijs in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo Lloyd's Register in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Cursussen bij Dagnall taleninstituut in Enschede zijn vrijgesteld van btw

CRKBO-GEREGISTREERDE INSTELLING

Dagnall is ingeschreven in het CRKBO-register. De afkorting CRKBO staat voor het Centraal Register Kort Beroepsonderwijs.
Dat houdt in dat wij voldoen aan de Kwaliteitscode voor Opleidingsinstellingen voor Kort Beroepsonderwijs.
Voor de Belastingdienst is inschrijving in het juiste CRKBO-register een voorwaarde om beroepsgerichte taalcursussen btw-vrijgesteld te kunnen leveren.
Door onze btw-vrijstelling kan ons insitituut een lagere prijs berekenen.
Dit helpt in de cashflow van onze opdrachtgevers en is eveneens een voordeel voor (taal)cursussen die bijvoorbeeld aan zorginstellingen, maatschappen, de overheid en privépersonen worden gegeven.

CPION


Voor de inschrijving in het CRKBO-register is Dagnall aan een jaarlijkse audit onderworpen door het CPION; het Centrum Post Initieel Onderwijs.
Het CPION is de centrale organisatie voor het toetsen, diplomeren en registreren van postinitiële opleidingsinstituten.

Lloyd’s Register


Het CRKBO-register is een register dat door Lloyd’s Register Nederland bijgehouden wordt.
Het Lloyd’s Register is opgericht in 1760 en is een onafhankelijk, door de overheid erkend keuringsinstituut dat onder andere als doel heeft organisaties te beoordelen en te classificeren.
Offerte aanvragen bij ons taleninstituut in Enschede

Contact taleninstituut Enschede

Wilt u contact met ons instituut opnemen met ons taleninstituut in Enschede? Informeer vrijblijvend naar onze mogelijkheden. Bel ons op 085-2737302 (geen menu) of stuur een e-mail naar taleninstituut-enschede@dagnall.nl voor meer informatie.
Of vul ons contactformulier in. U kunt ook ons informatiepakket aanvragen. Dit is geheel gratis.
Afbeelding wegwijzer in grijs met bord Dagnall in verkeersblauw in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Afbeelding computer en tablet en telefoon in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
De juiste route naar een taleninstituut in Enschede!
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten

TRAINEN EN VERGADEREN IN ENSCHEDE

Bij ons taleninstituut kunt u de taalcursus op uw locatie volgen of in Enschede, bijvoorbeeld bij het kantorencomplex Schuttersveld aan de Hengelosestraat 100 in Enschede of in het pand van My Office aan de Wethouder Beversstraat 185 in Enschede. Dagnall taleninstituut kan eveneens taalcursussen in Enschede verzorgen in bijvoorbeeld Van der Valk Hotel Enschede aan de Zuiderval, in Fletcher Hotel De Broeierd-Enschede aan de Hengelosestraat 725 en in Landhuishotel De Bloemenbeek aan de Beuningerstraat 6 in De Lutte.
Besprekingen houden in Enschede kan bij Vliegveld Twente en bij stadion De Grolsch Veste.

ENSCHEDE - GESCHIEDENIS

Enschede was al een agrarische nederzetting in de vroege middeleeuwen. Het bestond toen uit een serie buurtschappen. De naam ‘Anneschethe’ wordt voor het eerst in een oorkondeboek uit het jaar 1119 genoemd.
De naam ‘Enschede’ is waarschijnlijk een verbastering van An die Schede. Het Oudsaksische scethia betekent ‘scheiding’ of ‘grens’. Enschede was een grensgebied.

ENSCHEDE - NU

Enschede ligt in de streek Twente en is onderdeel van van de Stedendriehoek MONT (Münster, Osnabrück en Netwerkstad Twente). Plaatsen in de buurt van Enschede zijn Borne, Delden, Denekamp, Eibergen, Goor, Haaksbergen, Hengelo, Losser, Oldenzaal en Rijssen.
Enschede ligt in de provincie Overijssel. In de gemeente Enschede wonen ruwweg 158.000 mensen.
Vlag gemeente Enschede - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels 

Vlag gemeente Enschede

Wapen gemeente Enschede - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels 

Wapen gemeente Enschede

INWONERS

Een inwoner van Enschede heet een ‘Enschedeër’.
Bekende Enschedeërs zijn Harry Bannink, Susan Blokhuis, Evelien Bosch, Jan Cremer, Bracha van Doesburgh, Gert-Jan Dröge, Marina Duvekot, Harm Edens, Henk Elsink, Chris Jolles, Anouk Smulders en Ellen Verbeek.
Iets wat uit Enschede komt, noemt men ‘Enschedees‘, bijvoorbeeld het ‘Enschedese Zesje’. Enschede kreeg in 1325 stadsrechten.

ENSCHEDE - INTERNATIONAAL & SCHOLING

Partnersteden


Enschede is de grootste stad van Overijssel.
De partnersteden van Enschede zijn Palo Altoin de Verenigde Staten en Dalian in China.

Kernen


De gemeente Enschede omvat eveneens Boekelo, Glanerbrug, Lonneker en Usselo.

Hoger onderwijs


Enschede is een echte universiteitsstad met de Universiteit Twente (UT) uit 1961 en de TSM Business School.
Er zijn drie hogescholen in Enschede; ArtEZ hogeschool voor de kunsten, Saxion en Windesheim.
Provincievlag Overijssel - 600 * 337 pixels

Vlag provincie Overijssel

Provinciewapen Overijssel - in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

Wapen provincie Overijssel

TYPISCH ENSCHEDEES

Denk je aan Enschede, dan denk je aan de textielindustrie, maar ook aan Rijksmuseum Twenthe en de Museumfabriek, aan de aloude Marathon van Enschede en aan FC Twente.
Enschede fungeert als onderwijs- en internationale universiteitsstad.
Enschede is overgegaan van (textiel)industriestad naar kennisstad.

Enschede - minder bekend


Minder algemeen bekend is dat het hoogste gebouw van Overijssel in Enschede staat en niet in Zwolle. Dit is de Alphatoren, met een hoogte van 101 meter.

TWENTS DIALECT EN ACCENT

Er bestaan wat verschillen tussen het Oost-Twents en Twents-Graafschaps; in Enschede is het dialect overwegend Oost-Twents.
Het Twents is een levend dialect; het wordt door veel mensen dagelijks gesproken.
Er zijn invloeden van het Duits hoorbaar.
Zo wordt nich gezegd voor ‘nee’.
In het meervoud of bij een verkleinwoord verandert vaak de klinker (beume in plaats van ‘bomen’).
Bij de voltooid deelwoorden wordt ge- weggelaten: ‘gezien’ is zeen.
Kenmerkend voor het Twents is de -t/-et als uitgang van de werkwoorden in het meervoud.
Zo wordt ‘wij werken’ in het Twents wiej waarket.
Pien in boek heeft niets met boeken te maken; het betekent ‘buikpijn’.
Een ‘kortere afstand’ is richter en een deur is niet ‘open’ maar los.
Gelukkig Nieuwjaar in het Twents: geluk in ’n tuk.
Een huulbes (‘huilbezem’) is een stofzuiger. Stenen gooie op een kattebies toet het ut dienen boom kumt. Oftewel: “De kat uit de boom kijken”.
Twentenaren schrikken niet zo gauw: T löp wa los (Letterlijk: “Het loopt wel los”; het valt wel mee) is een veelgebruikte uitdrukking.
Enschede - “Stad van nu”

ENSCHEDE - ZAKELIJK

De gemeente Enschede


Het netnummer van Enschede is 053.
Het postcodegebied van Enschede is 7500 - 7548.
Het adres van het gemeentehuis van Enschede is Hengelosestraat 51, 7514 AD in Enschede. De website van de gemeente Enschede is Enschede.nl.
Het telefoonnummer van de gemeente Enschede is 14 053.

Zakendoen in Enschede


Voor Enschedese ondernemingen is het dichtstbijzijnde filiaal van de Kamer van Koophandel het KVK-kantoor Enschede aan de Hengelosestraat 585, 7521 AG in Enschede. Het telefoonnummer van de Kamer van Koophandel voor Enschede is 088 585 1585.
De website van de Kamer van Koophandel voor Enschede is KVK-kantoor Enschede.

ENSCHEDE – (INTERNATIONALE) BEDRIJVIGHEID

Bedrijven die internationaal zakendoen, bevinden zich in Enschede vaak op Bedrijvenpark Euregio, op bedrijventerrein Deventerpoort (Luchthaven Twente), Groote Plooy, Havengebied, Hardick en Seckel, Josink ES, Marssteden, De Reulver, Rigtersbleek, op bedrijventerrein Westerval, op XL Businesspark Twente, op de Technology Base en het Transportcentrum.
In Enschede bevinden zich onder andere de volgende, veelal internationaal opererende bedrijven en organisaties: Apollo Vredestein, Benica Campers, Brinkers margarinefabriek, EcoForte, Faradbox, Flexibility, Grolsche Bierbrouwerij Nederland, Guts & Gusto, Hago Nederland, Hartman Tuinmeubelen, Henk Kollen
Gouden Ambacht, Hess AAC Systems, Hollandia Matzes, In Person, Innotec, Jomo, Laborie MMS, LioniX International, Maser Engineering, Maxonmotor, De Paauw Recycling, Pentair, Pilkington, Scorpion Nederland, ten Hag, TIP Trailer Services, UniCarriers Europe, Universal Electronics, Velda, onze collega’s van Vertaalbureau Perfect, Twence, Xelvin, Xsens, Zeton, Vion in Groenlo, Easy2Sell (Killerbee) in Losser, Johma in Losser, Elite Salades en Snacks in Neede, Bakkerij Smithuis in Oldenzaal, Europastry in Oldenzaal en Pré Pain in Oldenzaal.
Een aantal van deze bedrijven mag Dagnall klant noemen.

ENSCHEDEES NIEUWS

De Enschedese nieuwsportalen zijn Hart van Enschede en https://www.enschede.1twente.nl">Enschede 1 Twente en Enschedese ondernemers lezen hun regionale zakelijke nieuws op MKB Overijssel - Nieuws.
Ondernemers in Enschede kijken hun (zakelijk) nieuws op RTV Oost.
Enschedeërs en ondernemingen in Enschede kunnen hun (zakelijk) nieuws lezen in de regionale krant Huis aan Huis Enschede, Tubantia - Enschede en omstreken en het Algemeen Dagblad - Enschede.
Logo regionale televisie- en radio-omroep RTV Oost op een transparante achtergrond - 600 * 337 pixels

CULTUUR, SPORT, ONTSPANNING EN ZAKENLUNCH IN ENSCHEDE

Cultuur


Wilt u uw internationale zakenrelatie kennis laten maken met wat lokale cultuur?

Afhankelijk van het vakgebied waarin u werkzaam bent en/of de interesses van uw zakenrelatie, kunt u in Enschede een bezoek brengen aan de Grolsch Brouwerij, aan De Museumfabriek, aan het Rijksmuseum Twenthe of aan de TETEM kunstruimte.

Voetbal, tennis, padel & squash


Houdt uw internationale zakenrelatie van sport? Dan is samen naar een sportwedstrijd gaan of zelf voetballen, tennissen, padellen of squashen wellicht een leuk idee. Voetbal verbroedert. Misschien is het een goed idee om met uw zakenrelatie naar een plaatselijke voetbalwedstrijd te gaan, om bijvoorbeeld de Enschedese voetbalclub FC Twente, Sparta, FC Suryoye-Mediterraneo of FC Phenix te zien spelen.
Voor een partijtje tennis, padel of squash in Enschede kunt u terecht bij Tennispark Diekman, bij Tennisvereniging Het Wooldrik, bij T.C. Ludica of bij Topspinners.

Golf, ontspanning & lunch


Wilt u na de cursus bij ons taleninstituut in Enschede of een (lange) bespreking met uw internationale (zaken)relatie wat ontspannen?
Om een balletje te slaan of alleen even iets te eten of te drinken, kunt u naar Golfclub Prinses Wilhelmina in Enschede gaan. Het adres van deze golfbaan is Maatmanweg 27, 7522 AN in Enschede. De golfbaan is bereikbaar onder telefoonnummer is 053-433 79 92. De website van deze golfbaan is www.pwgolf.nl.
Om iets te drinken of een hapje te eten kunt u terecht bij het restaurant van Golfclub Prinses Wilhelmina. Golf- & Countryclub ’t Sybrook en Golfbaan Spielehof zijn andere golfbanen in de buurt van Enschede.
Afbeelding voetbal tennisbal golfbal in kleur op transparante achtergrond - 600 * 337 pixels
Logo voetbalclub Enschede - FC Twente - Football Club Twente - in kleur op grasveld met witte lijn - 600 * 337 pixels

PROMOTIEFILMPJES & GOOGLE MAPS

Hieronder ziet u een promotiefilmpje alsook een filmpje met drone-opnames van Enschede die eveneens op Youtube kunnen worden bekeken.
Door direct op het logo van Youtube in het midden van de afbeelding te klikken, wordt het filmpje afgespeeld.
Onder de filmpjes ziet u de locaties van Overijssel alsook Enschede op Google Maps.
Klik linksboven om de kaart groot weer te geven in een nieuw venster.
Promovideo Europoort Rotterdam
Dronebeelden Europoort Rotterdam
 
Google Maps Overijssel
Google Maps Enschede
Op de hoogte blijven van wat er speelt in Enschede

ENSCHEDEES NIEUWS

Hieronder ziet u het laatste nieuws uit Enschede van diverse nieuwsbronnen.
Dit nieuws wordt steeds live bijgewerkt.
Dagnall geeft cursussen in 24 talen


TAALCURSUSSEN IN 24 TALEN

Dagnall Talen verzorgt in Enschede maatwerk cursussen in onder meer Engels, Nederlands, Frans, Duits, Spaans en Portugees.
Hierboven vindt u een overzicht van de 24 talen die wij standaard aanbieden in Enschede.
U kunt uiteraard altijd contact opnemen voor een taalcursus in een vreemde taal die niet in het overzicht staat vermeld.
Dagnall Taleninsituut verzorgt ook vertaalwerk en tolken in Enschede

Wist u dat?

Wist u dat Dagnall Taleninstituut ook vertalingen en tolkdiensten verzorgt?
Dagnall Talen kan u dus van dienst zijn met
taalcursussen, vertalingen, tolkdiensten alsook het schrijven van teksten!
Ook de juiste route naar vertaaldiensten en tolkdiensten in Enschede
OFFERTE AANVRAGEN
taaltrainingen - vertalen - tolken - teksten

ONZE OPDRACHTGEVERS

De upload van uw document is gelukt.

 

INLOGGEN MEDEWERKERS   /   BESTANDEN UPLOADEN